Zowel in de supermarkt als in winkelstraten en op stations kun je je te buiten gaan aan ultrabewerkt voedsel. Nu blijkt opnieuw hoe ongezond dat is. 

Bewerkt voedsel is zeker niet bij voorbaat slecht. Groente, fruit en peulvruchten worden bijvoorbeeld ingemaakt, bevroren of gedroogd, melk gepasteuriseerd, kraanwater gefilterd en noten gebrand. Vaak worden dierlijke producten, zoals melk, boter en kaas, aangepast, zodat er minder verzadigd vet of zout in het eindproduct overblijft. Ook worden de vitamines A en D toegevoegd aan margarine, halvarine en bakboter en zit er toegevoegde jodium in brood.

Junkfood
Maar ultrabewerkt voedsel puilt uit van de zouten, suikers, ongezonde vetten en calorieën, terwijl er nauwelijks vitamines, mineralen en vezels in zitten. En ze zijn werkelijk overal verkrijgbaar. Door de aantrekkelijke verpakking en slimme marketing eet je al gauw te veel van dit soort producten. Voorbeelden van ultrabewerkt voedsel zijn voorverpakte soepen, sauzen, diepvriespizza’s, kant-en-klare maaltijden, worst, zoete zuivel- en frisdrank, ijs, chocola, gezoete ontbijtgranen, koek en snoep. Af en toe een koekje, ijs of chips is geen probleem, maar te veel ultrabewerkt voedsel eten is ongezond en kan leiden tot ernstige gezondheidsproblemen, zoals obesitas, diabetes type 2, hart- en vaatziekten en bepaalde vormen van kanker.

Hoofdonderzoeker Eduardo Nilson en zijn team van de Universiteit van São Paulo in Brazilië doken in een zee van medische en dieetgerelateerde data uit verschillende representatieve voedingsonderzoeken en combineerden die met Braziliaanse bevolkingsdata. Zo schatten ze het aandeel van het totaal aantal sterfgevallen dat te wijten is aan de consumptie van ultrabewerkt voedsel per geslacht en leeftijdsgroep. Ook berekenden ze de impact van een verminderde inname van dit type voedsel met 10, 20 en 50 procent per leeftijdscategorie.

Duizenden vermijdbare doden
Meer dan 10 procent van alle vroegtijdige, vermijdbare sterfgevallen in Brazilië kon in verband worden gebracht met de verhoogde consumptie van ultra-processed foods. En dat terwijl Brazilianen gemiddeld veel minder van deze producten consumeren dan mensen in landen met hogere inkomens. Als Brazilianen 10 tot 50 procent minder ultrabewerkt voedsel zouden verorberen, kan dit jaarlijks ongeveer 5.900 tot 29.300 vroegtijdige sterfgevallen voorkomen in het Zuid-Amerikaanse land, zo berekenden de onderzoekers in hun meta-analyse. Nilson schat dat de positieve impact van een lagere consumptie van ultrabewerkt voedsel in landen als de VS, Australië, de rijke Golfstaten en Noord- en West-Europa nog groter zal zijn dan in Brazilië.

“Eerdere studies hebben de gezondheidsaspecten en economische gevolgen van overmatige inname van voedingsstoffen als natrium, suiker en transvetten ingeschat, net als het effect van specifieke voedingsproducten, zoals met suiker gezoete dranken”, legt Nilson uit. “Voor zover wij weten, zijn wij de eersten die de impact van ultrabewerkt voedsel op vroegtijdige sterfte onderzoeken. Deze nieuwe kennis kan ziekte en vroegtijdige sterfgevallen voorkomen, als we de informatie inzetten als basis voor een nieuw voedselbeleid.”

Overheidsinterventies
De wetenschapper legt uit dat ultrabewerkt voedsel de consumptie van onbewerkte voedingsmiddelen, zoals rijst en bonen, langzaam maar zeker heeft vervangen. De terugkeer naar gezond voedsel is nog niet zo eenvoudig. Daar zijn overheidsinterventies en gezondheidsmaatregelen voor nodig, die uiteindelijk moeten leiden tot een verbetering van de kennis en het eetgedrag van de consument. Maar aangeleerd gedrag is lastig te veranderen. Bovendien wil de ijzersterke lobby van de voedselindustrie zijn miljardenwinsten beschermen. Ultrabewerkt voedsel smaakt ook gewoon heel erg goed: je wordt als consument telkens weer verleid.

“Consumptie van ultrabewerkt voedsel wordt in verband gebracht met allerlei aandoeningen, zoals obesitas, hart- en vaatziekten, diabetes en sommige vormen van kanker. Het is een belangrijke oorzaak van vermijdbare en voortijdige sterfgevallen onder Braziliaanse volwassenen”, aldus Nilson. “Zelfs als de consumptie wordt teruggebracht tot het niveau van slechts tien jaar geleden, zou de daarmee gepaard gaande vroegtijdige sterfte al met 21 procent afnemen. Er is dringend behoefte aan beleid dat de consumptie van dit ongezonde voedsel ontmoedigt.”