Het is voor het eerst dat onderzoekers vol verbazing zien hoe het dier zijn acht centimeter lange vinger ver in zijn neusholte stopt, terughaalt en schoonlikt.

Neuspeuteren: het is iets wat we allemaal weleens in ons leven doen – zelfs als je het niet wilt toegeven. Het is overigens niet alleen een eigenaardigheid van de mens. Ook chimpansees, makaken en gorilla’s schijnen zich er af en toe schuldig aan te maken. Nu kunnen we weer een nieuw dier aan dit rijtje toevoegen: het vingerdier.

Het vingerdier
Het vingerdier (of de ayeaye) is de grootste nachtactieve maki die alleen op het eiland Madagaskar voorkomt. Enkele jaren geleden ontdekten onderzoekers dat het vreemd uitziende beestje niet vijf, maar zes vingers aan elke hand heeft. Twee van deze vingers zijn bijzonder lang: zo’n acht centimeter. En dat is handig. Niet alleen om larven uit bomen te pielen, maar ook om mee in je neus te pulken.

Neuspeuteren
Onderzoekers hadden tot nu toe geen idee dat de bijzondere maki in zijn neus peutert. “Toen ik de video voor het eerst zag, was ik echt verbaasd,” herinnert onderzoeker Roberto Portela Miguez zich. “Bovendien is het vingerdier een nogal iconische soort. Je zou dus denken dat iemand dit eigenaardige gedrag al wel eerder had opgemerkt.”


Bekijk in deze video hoe een vingerdier in zijn neus peutert.

Diep
Met behulp van CT-scans besloten onderzoekers de enigszins vieze gewoonte van de maki nader te bestuderen. De onderzoekers vielen vervolgens van de ene verbazing in de ander. “We waren nog verraster toen we ontdekten hoe het neuspeuteren intern werkt,” vertelt Portela Miguez. “We waren eigenlijk zelfs geschokt toen we zagen hoe de maki met zijn acht centimeter lange vinger bijna helemaal tot aan de achterkant van zijn keel kon reiken.” De maki gaat dus behoorlijk diep. Vervolgens waren onderzoekers er getuige van hoe de maki zijn lange vinger terughaalt en dan… schoonlikt.

De acht centimeter lange vinger van het vingerdier reikt helemaal tot aan de achterkant van zijn keel. Wat het dier met de ‘oogst’ doet? Opeten! Afbeelding: Anne-Claire Fabre/Renaud Boistel

Waarom het vingerdier in zijn neus peutert? Het precieze doel blijft tot dusver onduidelijk. Overigens bestaat er ook geen goede verklaring voor waarom wijzelf in onze neus peuteren. Mogelijk verlicht het irritatie, ondersteunt het je immuunsysteem of verstrekt het je van (oké, dit klinkt een beetje vies) voedsel. Maar wetenschappers hebben eigenlijk nog geen idee waarom dit gedrag ooit is geëvolueerd.

Wist je dat…
…neuspeuteren eigenlijk heel normaal is? Uit een eerder onderzoek uitgevoerd in de jaren negentig onder 254 Amerikanen bleek bijvoorbeeld dat 91 procent van de deelnemers in zijn neus peutert. Driekwart geloofde dat ‘bijna iedereen het doet’. Een studie uit 2001 toonde zelfs aan dat tieners gemiddeld vier keer per dag in hun neus peuteren.

Wat we wel weten, is dat met name behendige dieren in hun neus peuteren. Denk bijvoorbeeld aan het kapucijnaapje, dat er ook al op is betrapt. Deze primaat kan zijn vingers onafhankelijk van elkaar bewegen en op deze manier objecten heel goed vastgrijpen. “We ontdekten dat het gedrag voorkomt onder soorten die vrij soepele vingers hebben,” zegt Portela Miguez. “Niet-primaten beschikken mogelijk niet over dezelfde behendigheid. Mogelijk is het dus een gewoonte waar alleen wij en nauw verwante soorten zich schuldig aan maken.”

Gereedschappen
Overigens worden niet alleen de vingers gebruikt om naar snotjes te vissen. Sommige dieren halen er heuse gereedschappen bij, zoals twijgjes of stengels. Dit betekent dat niet alleen dieren met vingers die klein genoeg zijn om in neusgaten te passen mogelijk in hun neus peuteren; het potentiële bereik van dieren die dit zouden kunnen doen reikt veel verder.

Beperkt onderzoek
Kortom, het klinkt misschien een beetje gek, maar er valt nog genoeg over neuspeuteren te leren. De onderzoekers sluiten niet uit dat het in het wild veelvoorkomend gedrag is. Het blijft vooralsnog bij speculatie. Want het aantal studies naar neuspeuteren is beperkt. “Dat heeft er mogelijk mee te maken dat het een vrij lastig onderzoeksonderwerp is,” verklaart onderzoeker Anne-Claire Fabre. “Het is gemakkelijk over het hoofd te zien als je niet de hele dag een dier observeert. Bovendien kunnen zoogdieren heel ongrijpbaar zijn, waardoor dergelijk gedrag nog moeilijker te observeren is.”

Daarnaast wordt neuspeuteren als sociaal onaanvaardbaar beschouwd. En ook dat kan verklaren waarom het nog relatief weinig is bestudeerd. De onderzoekers zijn echter voornemens de onderste steen boven te halen en bijvoorbeeld te achterhalen of neuspeuteren een functionele rol heeft. “Er zijn studies gewijd aan andere walgelijke gewoonten, zoals het eten van poep,” zegt Fabre. “Dus er is geen reden waarom neuspeuteren en het opeten van snot geen aandacht verdient.”