De postduiven weten – ondanks dat het landschap onder hen in al die jaren aanzienlijk veranderd is – op vrij efficiënte wijze hun 10 kilometer verderop gelegen huis te vinden.

Het bewijst dat postduiven een indrukwekkend ruimtelijk geheugen hebben, waarin herinneringen jarenlang stand kunnen houden. Dat is te lezen in het blad Proceedings of the Royal Society B.

Experimenten
De wetenschappers trekken hun conclusies na experimenten met postduiven. De basis voor die experimenten werd al in 2016 gelegd. Toen trainden de onderzoekers een groot aantal postduiven om vanaf een locatie die zo’n 10 kilometer van de duiventil verwijderd was, weer terug naar huis te vliegen. In de jaren die volgden, werden de postduiven niet meer vanaf diezelfde locatie losgelaten, tot 2019. Toen reisden de onderzoekers met een aantal postduiven naar de 10 kilometer verderop gelegen plek en lieten de vogels aldaar los. Ook werden enkele postduiven losgelaten die nog nooit vanaf deze locatie naar huis waren gevlogen. Deze postduiven deden dienst als controlegroep. Stiekem hadden de onderzoekers niet verwacht dat de postduiven die jaren eerder al eens vanaf deze locatie naar huis waren gevlogen veel efficiënter dan de duiven uit de controlegroep naar hun duiventil zouden vliegen. Maar dat gebeurde wel.

Ander landschap
“We wisten dat postduiven een route met allerlei oriëntatiepunten dagenlang konden onthouden,” zo stellen de onderzoekers. “Maar in dit geval was de route die ze gebruikten na 3 jaar aanzienlijk veranderd.” En toch vlogen de getrainde postduiven veel gemakkelijker naar huis. “Sommige van deze duiven volgden zelfs exact dezelfde route die ze in 2016 hadden gebruikt,” vertelt onderzoeker Julien Collet aan Scientias.nl.

Nog een keertje
Het verbaasde de onderzoekers zodanig dat ze een jaar later besloten om de proef nog eens op de som te nemen. Ze reisden opnieuw naar de 10 kilometer verderop gelegen locatie af en namen dit keer postduiven mee die al vier jaar niet vanaf deze plek naar huis waren gevlogen. En opnieuw was de route die deze postduiven aflegden veel efficiënter dan de route die hun ongetrainde soortgenoten volgden om thuis te komen.

Variatie
Wel hadden de postduiven – zowel in 2019 als in 2020 – doorgaans iets meer moeite dan in 2016 om thuis te komen. Wat daarbij ook opvalt, is dat er grote verschillen waren tussen de prestaties van individuele postduiven. “Slechts enkele van hen gebruikten exact dezelfde route als in 2016. Enkele anderen waren echt heel inefficiënt bezig en weer anderen vlogen wel in een redelijk rechte lijn naar huis, maar die lijn week wel af van de lijn die ze in 2016 vlogen. In andere woorden: er is behoorlijk wat variatie tussen de verschillende postduiven; sommigen lijken het zich allemaal nog precies te herinneren, anderen juist helemaal niet. Het kan zijn dat ze zich elk aan de hand van andere landschapskenmerken hebben leren oriënteren en dat na 3 of 4 jaar sommige van deze landschapskenmerken zijn verdwenen. Maar daarmee kunnen we het gedrag van de meest inefficiënte vogels waarschijnlijk nog niet helemaal verklaren.”

Best bijzonder
Dat de meeste postduiven jaren later toch via een vrij efficiënte route thuis weten te komen, is hoe dan ook best bijzonder. “Het feit dat ze zich kunnen herinneren waar hun thuis is en daar ook weer naar terug kunnen keren, is niet uniek,” benadrukt Collet. “Denk maar eens aan schildpadden, albatrossen, zalmen of palingen die na jaren duizenden kilometers verderop, op zee te hebben gebivakkeerd weer terugkeren naar hun geboorteplaats. Maar wat in het geval van de postduiven wel anders is, is dat ze zich een specifieke plek konden herinneren en dat sommigen van hen zich ook specifieke routes of opeenvolgende landschapskenmerken konden herinneren en deze gebruikten om thuis te komen. En dat jaren nadat ze die route voor het laatst hadden gebruikt. Toen we deze ervaren postduiven loslieten vanaf een plek waar ze nog nooit waren geweest, vlogen ze niet efficiënter naar huis dan de controlegroep, dus het geldt echt alleen voor de locatie die ze reeds kenden.”

Imago
Dat postduiven in staat zijn om routes of delen daarvan jarenlang te onthouden, roept verschillende nieuwe vragen op én kan onze kijk op de postduif radicaal veranderen. “Wat kunnen ze gedurende hun leven nog meer onthouden? En hoe filteren ze uit op welke van deze herinneringen ze op een gegeven moment een beroep moeten doen? In combinatie met de schijnbare variatie die er tussen individuen is, gaan we postduiven toch meer en meer zien als complexe ‘personen’, met een geschiedenis, een persoonlijkheid, etc. Daarmee hebben de postduiven het cliché dat ze heel simpel zijn, wel heel mooi rechtgezet!”

Maar het onderzoek is niet alleen een opkikkertje voor het imago van de postduif. Het heeft ook implicaties voor de toekomst, waarin steeds meer dieren door toedoen van klimaatverandering te maken krijgen met extreme weersomstandigheden en een veranderend leefgebied. Om de gevolgen die dat voor deze dieren heeft beter in te kunnen schatten, is een beter begrip van de wijze waarop zij navigeren en de mate waarin ze daarbij een beroep doen op (oude) herinneringen, cruciaal. “Als we begrijpen hoe hun geheugen werkt, hoe ze dat gebruiken en hoelang herinneringen standhouden, kunnen we wellicht ook beter begrijpen hoe dieren omgaan met snelle veranderingen in hun leefgebied,” aldus Collet. Meer onderzoek naar het geheugen van (wilde) dieren is dan ook belangrijk. “Want waar dieren gaan, kan wel eens afhankelijk zijn van hun complexe, persoonlijke levensgeschiedenis.”