Met de DogPhone kunnen eenzame honden zelf het initiatief nemen hun baasje te bellen.

Tijdens de coronapandemie wilde ineens iedereen een hond. Niet alleen omdat een viervoeter tijdens de lockdown fijn gezelschap is, maar ook omdat er nu genoeg tijd was om een puppy door de eerste maanden te loodsen. Er komt echter een moment dat het baasje toch weer naar zijn werk moet. En nu hebben onderzoekers een grappige én effectieve manier bedacht om de stress van het plotsklaps alleen thuiszijn een tikkeltje te verlichten.

DogPhone
Onderzoeker Ilyena Hirskyj-Douglas ontwikkelde in een nieuwe studie voor haar 10-jarige labrador Zack een heuse telefoon, waarmee hij haar op lastige en eenzame momenten eventjes kan opbellen. Het systeem, DogPhone genaamd, is de eerste in zijn soort die dieren in staat stelt om via het internet contact op te nemen met hun baasjes.

Slim speelgoed
Het is een gat in de markt. Want bij de DogPhone ligt het initiatief volledig bij de hond. “Op dit moment zijn er al honderden soorten ‘slim speelgoed’ te koop,” vertelt Hirskyj-Douglas. “Denk aan fitnessmonitoren tot op afstand bestuurbare dispensers voor traktaties. Maar de overgrote meerderheid is ontwikkeld met de behoefte van het baasje in gedachten. Zeer weinig lijken te overwegen wat honden zelf graag zouden willen, of hoe technologie hen ten goede zou kunnen komen. In plaats van dat honden door technologie ‘gebruikt’ worden – en dus geen keuze of controle hebben over een apparaat – wilde ik juist van Zack een ‘gebruiker’ maken, waarbij hij actief beslissingen kan nemen.”

Bal
En daar is ze met de DogPhone in geslaagd. Met de hondentelefoon kan labrador Zack zijn baasje bellen door een bal, met daarin een versnellingsmeter, op te pakken en heen en weer te schudden. Wanneer de versnellingsmeter beweging detecteert, start het een videogesprek op een laptop in de woonkamer. Op die manier kan Zack zijn baasje zien en met haar communiceren wanneer hij wil. Hirskyj-Douglas kan met hetzelfde systeem ook Zack bellen, al is de hond vrij om de oproep te beantwoorden, of te negeren.

Om de hondentelefoon goed te testen, voerden de onderzoekers experimenten uit. Gedurende de eerste twee dagen van het experiment, belde Zack achttien keer zijn baasje op. De helft daarvan waren echter ‘toevallige’ telefoontjes, omdat hij bijvoorbeeld net verkeerd op de bal sliep. Het betekent dat broekzakbelletjes ook onze trouwe viervoeters blijkbaar niet vreemd zijn. Tijdens verschillende telefoontjes waarbij Zack wakker was, liet hij zijn baasje speelgoed zien waar ze vaak samen mee spelen en benaderde het scherm, wat suggereert dat hij met zijn baasje wilde communiceren.

Gevoeligheid
De onderzoekers pasten in de loop van de tijd de gevoeligheid van de versnellingsmeter telkens wat aan, om zo de onbedoelde oproepen volledig uit te bannen en alleen de opzettelijke telefoontjes over te houden. In de laatste fase van het experiment belde Zack gedurende zeven dagen in totaal 35 keer, wat neerkomt op gemiddeld zo’n vijf (bewuste?) oproepen per dag. Tijdens deze gesprekken liet Hirskyj-Douglas onder andere haar omgeving zien, zoals haar kantoor, een restaurant, het metrostation en een straatmuzikant. Zack toonde opnieuw interesse in deze interacties, spitste zijn oren en naderde het scherm.

Bewust
Hoewel het natuurlijk een prachtige uitvinding is, is het de vraag in hoeverre Zack de situatie begrijpt. “Natuurlijk weten we niet zeker of Zack zich bewust is van het oorzakelijke verband tussen het oppakken van de bal en het bellen,” zegt Hirskyj-Douglas. “Het was echter wel duidelijk dat hij tijdens verscheidende telefoontjes heel geïnteresseerd was in wat hij zag. Hij vertoonde soms hetzelfde gedrag als op momenten dat we fysiek samen zijn.”

Hoewel de hondentelefoon nog wat verfijning nodig heeft, zou een dergelijke technologie in de toekomst honden met verlatingsangst – bijvoorbeeld doordat ze gewend zijn geraakt aan gezelschap tijdens de lockdowns – een handje kunnen helpen. Want dankzij de DogPhone kunnen ze in contact blijven met hun baasje. “Welke vorm die ook aanneemt, we hebben weer een stap gezet in de richting van de ontwikkeling van een soort ‘hondeninternet’,” zegt Hirskyj-Douglas. “Het geeft huisdieren meer autonomie en controle over hun interactie met technologie. En dat kan ‘pandemische puppy’s’ helpen om beter om te gaan met de stress van het alleen thuiszijn als hun baasjes weer naar het werk gaan.”