De stinkende, vraatzuchtige bruingemarmerde schildwants is een steeds groter probleem aan het worden in Europa en de Verenigde Staten. Ook in Nederland wordt het vieze beestje steeds vaker waargenomen en vreet het de vruchten aan bij fruitbedrijven.

Het diertje is Aziatisch van oorsprong, maar voelt zich door klimaatverandering steeds beter thuis in gematigde klimaten. Het reist net als de bloeddorstige bedwants mee met vakantiegangers in de koffer, auto of caravan, maar gelukkig hoeven we de bruingemarmerde variant niet van de benen te slaan. Wel doen de diertjes zich tegoed aan het vocht van meer dan honderd verschillende plantensoorten, waardoor er schade ontstaat aan bladeren, fruit en groente.

De Washington State University heeft onderzoek gedaan naar de bruingemarmerde schildwants en zijn verspreiding in de Verenigde Staten en concludeerde na de beestjes drie jaar te hebben gevolgd in zeventien staten dat ze hun leefgebied in potentie met zeventig procent zouden kunnen vergroten onder invloed van klimaatverandering als er te weinig aan preventie wordt gedaan.

De stank van klimaatopwarming
“Elk systeem zal veranderen onder invloed van klimaatverandering, dus het feit dat je op dit moment allerlei soorten bonen, linzen of tarwe kunt telen zonder last te hebben van insectenplagen, betekent niet dat je over een paar jaar ook gevrijwaard zal blijven van plagen”, zegt hoofdauteur en entomoloog van de Washington State University Javier Gutierrez Illan. “Er zijn verschillende dingen die we kunnen doen om het leed te verzachten, maar het is verstandig om ons voor te bereiden op verandering.”

Uit de studie, die in Pest Management Science verscheen, bleek dat er waarschijnlijk een noordwaartse verschuiving zal zijn van de stinkende insecten. De omstandigheden zullen in het noorden door de opwarming van de aarde steeds beter worden voor de smerige diertjes. Deze voorspellingen kun je doortrekken naar Europa en Nederland, waar het door de zachtere winters ook steeds beter toeven wordt voor de exoot. Op plekken waar het te droog en te heet wordt, zullen de insecten waarschijnlijk het loodje leggen.

Niet kieskeurig
De bruingemarmerde schildwants is een generalistische herbivoor: hij eet zo’n 170 verschillende planten, waaronder gewassen en sierplanten. Dit type stinkwants verscheen ongeveer twintig jaar geleden voor het eerst in de VS en achttien jaar geleden voor het eerst in Liechtenstein op ons continent. Hij heeft zich sindsdien zo ongeveer overal verspreid waar er geen lange vorstperiodes zijn. In Amerika is het diertje ontdekt in 46 van de 50 staten en wordt het in vijftien daarvan als een plaag beschouwd.

Huiseigenaren kunnen bruingemarmerde stinkwantsen herkennen, omdat ze graag binnenshuis overwinteren. Stinkwantsen houden niet van koude winters. Naast warmte hebben ze water nodig om te overleven. Het klimaat moet dus niet te droog worden.

Meeliften met de mens
“Mensen vervoeren de stinkwantsen waarschijnlijk per ongeluk in voertuigen of via landbouwmachines naar gebieden die anders moeilijk te bereiken zouden zijn voor de insecten. Ze redden het niet op eigen kracht om zulke grote stukken te vliegen”, zegt Gutierrez Illan over de verspreiding van de insecten.

In sommige staten, waaronder Washington, gebruiken ambtenaren en onderzoekers een sluipwesp, de Samoerai-wesp, om stinkwantsen te bestrijden. De wespen leggen hun eieren in de stinkwantseieren. Dit vernietigt niet alleen de wantseieren, maar wanneer de wespenlarven uitkomen, eten ze ook nog eens de andere stinkwantslarven op. Maatregelen als deze kunnen de verspreiding van de stinkende insecten naar nieuwe gebieden helpen voorkomen of minimaliseren, legt Gutierrez Illan uit.

De bruingemarmerde schildwants in Nederland
De bruingemarmerde schildwants (Halyomorpha halys) komt oorspronkelijk uit Azië en is vier jaar geleden voor het eerst in ons land gezien in Limburg. De exotische stinkwants is nu overal in Nederland te vinden. Vorig jaar werden op een warme lentedag in een Limburgse achtertuin vijftig bruingemarmerde schildwantsen gevangen met een experimentele val.

De diertjes doen zich als nimf tegoed aan allerlei verschillende planten. Ze zuigen het vocht uit bladeren en vruchten. Zo zorgen ze in de buitenlandse fruitsector al jaren voor aanzienlijke schade aan appels, peren, bramen, frambozen en kersen. Ook groentes zoals tomaten, aubergines en paprika’s zijn slachtoffer.

Stank
De stinkwants geeft een smerige geur af als hij zich bedreigd voelt of als je hem doodslaat. Je kunt hem dan ook het beste levend de deur uitzetten, al loopt hij als het koud is net zo makkelijk weer naar binnen. Vooral in de herfst heb je kans om hem in huis tegen het lijf te lopen. Hij zal je niet bijten, zoals de bedwants. Het diertje is ongevaarlijk voor de mens, maar zorgt wel voor schade aan planten.

Er is tot op heden geen goede methode bekend om deze specifieke wants aan te pakken en het oprukken van de soort in te dammen. Er zijn veelbelovende experimenten met biologische bestrijders zoals de Japanse sluipwesp en andere roofinsecten.