In een oude piramide zijn onderzoekers op een kalenderfragment gestuit dat mogelijk dateert uit de derde eeuw voor Christus.

Tijdens opgravingen in de kleine Mayastad San Bartolo in Guatemala zijn onderzoekers op een bijzonder fragment gestuit. Het gaat om een eeuwenoude hiëroglief dat stamt uit het Maya-tijdperk. Volgens onderzoekers maakt het fragment deel uit van een beroemde Maya-kalender. En gezien de leeftijd van het fragment, zou dit het vroegste bekende gebruik van deze befaamde kalender kunnen vertegenwoordigen.

Tzolkin
De oude Mayabeschaving hield er meerdere kalenders op na, waaronder de zogenoemde Tzolkin. Dit is een waarzegkalender in kringloopvorm, die overigens niet alleen door de Maya’s, maar in geheel Meso-Amerika als onderdeel van de tijdrekening werd gebruikt. De tzolkin kent een periode van 260 dagen, die worden aangeduid door de combinatie van 13 getallen met 20 namen. De 260-daagse kalender wordt beschouwd als de oudste en belangrijkste van de kalendersystemen.

Vondst
Nu hebben onderzoekers in een oude piramide in San Bartolo een stukje van de Tzolkin-kalender teruggevonden. Het gaat om een gedeelte van een gipsfragment, met daarop het nummer zeven boven een dierenkop die duidelijk een hert voorstelt.

Het opgegraven kalenderfragment. Afbeelding: Heather Hurst en David Stuart

Overigens was het niet gedurende de hele geschiedenis vanzelfsprekend dat de kop van een hert als teken voor de zevende dag werd gebruikt. Tijdens de Klassieke periode (ongeveer 250 – 800 na Christus) werd in plaats daarvan een handteken gebruikt, waarbij de duim en wijsvinger elkaar raken. Dat er nu een gipsfragment met een hertenkop is teruggevonden, betekent dan ook dat deze hiëroglief uit een eerdere tijd stamt.

De Mayabeschaving is globaal opgedeeld in vier hoofdperioden: de preklassieke periode (2000 v. C. – 250 n. C.) kenmerkt het begin, waarin de cultuur langzaam tot ontwikkeling kwam. Daarna volgde Klassieke periode (250 – 800 n. C.). Dit was het hoogtepunt van de Maya’s, waarin de bouw van monumentale architectuur, intellectuele en artistieke ontwikkeling en groei van steden de boventoon voerden. Daaropvolgend was de terminal klassieke periode (800 – 1000 n. C), waarin er al wat problemen boven kwamen drijven. Als laatste herkennen we de postklassieke periode (1000 – 1539 n. C.), het einde van het Maya-tijdperk.

Leeftijd
De onderzoekers vermoeden dat het ontdekte fragment tussen de 300 en 200 voor Christus is vervaardigd. En dat is interessant. Want dat maakt het gevonden hiëroglief de oudste verwijzing naar de befaamde Maya-kalender tot nu toe. Dit betekent dan ook dat de Tzolkin-kalender mogelijk veel langer in gebruik is geweest dan wetenschappers tot nu toe hadden gedacht.

Het is overigens niet voor het eerst dat onderzoekers in San Bartolo op belangrijke vondsten stuiten. Al eerder werd er in deze kleine Maya-stad oudste muurschilderingen en teksten van de Mayabeschaving aangetroffen. Bovendien herbergt de piramide verschillende lagen Maya-geschiedenis die teruggaat tot ongeveer 800 voor Christus. En mogelijk wachten er nog vele andere bijzondere vondsten op ontdekking.