Niemand zat op een pandemie te wachten, maar onderzoekers hebben er veel van geleerd en zijn vastberaden dat nog eens te doen nu de pandemie lijkt uit te doven.

Steeds meer landen heffen de coronamaatregelen gedeeltelijk of geheel op. En daarmee vervallen geleidelijk aan ook de beperkingen die ons bijna twee jaar grotendeels aan huis gebonden hielden. Wat dat met de mensheid doet, laat zich raden. Velen gaan er weer op uit: dagjes weg, op bezoek bij (verre) vrienden en familie, weer alle dagen naar kantoor of een keer op vliegvakantie. “Dit kan leiden tot een wereldwijde piek in menselijke mobiliteit,” voorspelt onderzoeker Christian Rutz.

Antropauze
En die piek heeft bij monde van Rutz en collega’s alvast een naam gekregen: de antropuls. Deze antropuls volgt op de antropauze: een eveneens door Rutz’ onderzoeksgroep gelanceerde term die de periode beschrijft waarin we allemaal aan huis gekluisterd waren.

Veel onderzoek
Naar de effecten van die antropauze is reeds uitgebreid onderzoek gedaan. Zo is door onderzoekers gekeken welke impact de antropauze had op de luchtkwaliteit en de bewegingen van vogels, zoog- en zeedieren. En zo bood de pandemie wetenschappers – ongewild, maar ongeweigerd – de mogelijkheid om de invloed die onze mobiliteit op de natuur heeft, uitgebreid te onderzoeken. En zo ook inspiratie op te doen voor een duurzamere wereld waarin die impact flink wordt teruggebracht.

Antropuls
Minstens zo waardevol kan het echter zijn om ook de dreigende antropuls te bestuderen, zo betogen Rutz en collega’s nu in het blad Nature Reviews Earth and Environment. Rutz verwacht dat we de komende tijd qua mobiliteit terugkeren naar het niveau van vóór de pandemie of daar zelfs overheen gaan. Want bij veel mensen heerst toch het gevoel dat ze iets in te halen hebben, zo stelt hij. En dat gaat ongetwijfeld een grote impact hebben op onze natuurlijke omgeving en Rutz en collega’s staan in de startblokken om die impact te documenteren.

Duiden
De nieuwe waarnemingen tijdens de antropuls kunnen onder meer gebruikt worden om de veranderingen die men eerder tijdens de antropauze heeft waargenomen, te duiden. Zo zijn er tijdens de antropauze verschillende (veelal positieve) gevolgen van de verminderde menselijke mobiliteit genoteerd en vaak hebben wetenschappers ook wel ideeën over hoe die gevolgen tot stand zijn gekomen. En die ideeën kunnen versterkt (of ontkracht) worden, als we die gevolgen tijdens de antropuls weer (deels) zien verdwijnen. “Zo’n semi-experimentele verandering in omstandigheden is zelden haalbaar in studies omtrent milieu-impact, maar kan – nu de pandemie uitdooft – op heel veel plekken gaan plaatsvinden,” zo schrijft Rutz.

Het is – net als de antropauze – een unieke mogelijkheid om grip te krijgen op de impact die wij op onze omgeving hebben én die impact aan te pakken. “Terwijl de wereld de tragische omstandigheden van de COVID-19-pandemie achter zich laat, moeten wij ons verbeterde begrip van de interactie tussen mens en milieu gebruiken om een duurzamere toekomst te plannen.”