Terwijl wij Nederlanders in vakanties massaal afreizen naar het mediterraan gebied, komen steeds meer mediterrane planten juist naar Nederland. En ze redden zich hier prima.

Het heeft natuurlijk alles te maken met het feit dat het Nederlandse klimaat steeds mediterraner wordt. De temperaturen lopen op en de droogte slaat steeds vaker toe. En terwijl sommige soorten die we hier van nature vaak aantreffen daar wat moeite mee hebben, rukken hun mediterrane tegenhangers – volledig aangepast aan hitte en droogte – op.

Niet heel verrassend
En in steeds meer Nederlandse bermen en plantsoenen treffen we dan ook plantjes aan die we eerder alleen konden bewonderen tijdens een vakantie naar het Middellandse Zeegebied. Heel verrassend is dat niet, vertelt Baudewijn Odé, plantonderzoeker bij Floron. “Als je terugkijkt in de tijd, dan zie je dertig jaar geleden al insecten uit de zuidelijke gebieden naar Nederland komen. En dat deed ons wel vermoeden dat planten – die zich in tegenstelling tot insecten niet snel kunnen verplaatsen – zouden volgen. En de laatste jaren zien we dat voornamelijk op hitte-eilanden (warme, meestal in steden gelegen, gebieden, red.) ook gebeuren.”

Vakantieverkeer
De planten komen op uiteenlopende manieren in het steeds warmere en drogere Nederland terecht. “Een deel via vakantieverkeer,” vertelt Odé. “Mensen nemen van alles mee uit het zuiden, waaronder ook – onbewust – zaden.” Die zaden kleven aan onze schoenen of belanden op de stoep als we onze automatten na de vakantie uitkloppen. En waar die zaden in de vorige eeuw nog kansloos waren, weten ze zich nu in ons kikkerlandje wel te redden en zelfs te verspreiden. Veel van die soorten beginnen hun carrière in Nederland in de stad of op de camping. “Dat geldt bijvoorbeeld voor kransmuur: een echt mediterraan plantje dat normaliter in voegen en rotsen groeit, maar door mensen naar Nederland is gebracht. In de jaren negentig dook het voor het eerst op in de Randstad en inmiddels is het in bijna alle grote steden te vinden.”

Maar er zijn ook mediterrane planten die zonder hulp van de mens richting het noorden oprukken. Dat geldt bijvoorbeeld voor planten uit de orchideeënfamilie. “Deze planten hebben heel fijn zaad dat honderden kilometers ver kan waaien.” Daarnaast weten planten zich soms ook via het water in Nederland te verspreiden. “Onze kust en rivieren zijn een soort natuurlijke snelwegen waarlangs soorten zich ook verder kunnen verspreiden. Het geel zonneroosje is bijvoorbeeld een plant die via het Maasdal weleens meer kansen zou kunnen krijgen in natuurterreinen.”

Geel zonneroosje. Afbeelding: undefined undefined from Getty Images (via Canva.com).

Toch ook wel verrassingen
Hoewel het dus wel in de lijn der verwachtingen lag dat mediterrane planten zich naar Nederland zouden begeven, stuiten plantenonderzoekers zo af en toe toch nog op verrassingen. Zo verbaast Odé zich bijvoorbeeld nog altijd over de inmiddels ook in Nederland aanwezige hyacintorchis. “Dat plantje ken ik van Kreta. En nu zien we het ook in Nederland en België groeien.” Daarnaast is ook de snelheid waarmee sommige soorten zich over ons kikkerlandje verspreiden soms verbazingwekkend. “Neem bijenorchis: eerst was de plant op slechts één plekje in Zeeland en twee plekjes in Zuid-Limburg te vinden, maar nu zien we de plant ook op de Waddeneilanden.”

Geel is gras
Wat ook tijdens deze zomer weer heel mediterraan aandoet, zijn de Hollandse bermen: ze kleuren geel doordat gras door droogte afsterft. Die gaten in de grasmat bieden kansen voor planten die wél wat extremer weer kunnen hebben. Het gaat dan bijvoorbeeld om eenjarige kruiden, zoals de grote klaproos en de kleine ooievaarsbek of tweejarige planten zoals de rode klaver en gewoon jakobskruiskruid. Deze kortlevende planten bloeien al vroeg en vormen hun zaad nog voor de hitte en droogte een toppunt bereikt. Ook mediterrane planten kunnen echter profiteren van gaten die door droogte en/of hitte in de vegetatie vallen.

Terwijl zuidelijke soorten aan een opmars bezig zijn, zou je misschien verwachten dat noordelijke soorten die hier van nature goed gedijen het juist lastiger krijgen. Dat leek in eerste instantie wel mee te vallen. Maar inmiddels hebben plantenonderzoekers wel een aantal soorten op het oog die in het nauw lijken te komen. “Dat geldt bijvoorbeeld voor de wolfsklauw. Die heeft zeker door de droogte van de afgelopen jaren enorme klappen gehad.” Dat de soort slechts op een beperkt aantal plekken voorkomt en een kleine populatie-omvang kent, helpt daarbij ook niet mee. “Daarnaast zijn er ook aanwijzingen dat de struikheide het moeilijk heeft.” Net als de beuken; op tal van plekken laten deze bomen door droogte nu al hun bladeren vallen. Maar van een door warmte en droogte ingegeven verdwijning van soorten lijkt op dit moment nog geen sprake te zijn. “Dat is opvallend,” meent Odé. “Maar voor nu wordt de Nederlandse flora door de komst van mediterrane soorten dus alleen maar rijker.”

De bijenorchis. Afbeelding: seven75 from Getty Images (via Canva.com).

Of dat zo blijft, is onduidelijk. Het valt namelijk zeker niet uit te sluiten dat er – doordat het Nederlandse klimaat verder opwarmt – uiteindelijk toch (noordelijke) soorten zijn die het veld ruimen. Het is echter heel lastig om daar nu uitspraken over te doen, merkt Odé op. “Het is vrij gemakkelijk om vast te stellen dat een mediterrane plant zich in Nederland gevestigd heeft, maar het is veel moeilijker om op landelijke schaal vast te stellen dat een plant met afnames te maken heeft. Zo weten we bijvoorbeeld dat diverse soorten uit de heidefamilie – zoals de bosbes, struikheide en dopheide – het door de droogte moeilijk hebben. Maar of dat landelijk gezien tot afnames leidt? Daar krijgen we nog geen grip op en dat is wel één van de serieuze uitdagingen van deze tijd.” In afwachting van meer inzicht in hoe het de niet-mediterrane soorten in ons land vergaat, is het ook lastig om vast te stellen of de komst van mediterrane soorten nu positief of negatief is. “Ik kan de balans nog niet goed opmaken,” erkent Odé. Meer onderzoek is dan ook hard nodig.

In afwachting daarvan gaat de mediterranisering van het Nederlandse klimaat natuurlijk gewoon door en zal ons land ook in toenemende mate een uitnodigende plek zijn voor planten die we normaliter een stuk zuidelijker zouden verwachten. Voor Odé staat dan ook vast dat er reeds nieuwe mediterrane soorten onderweg zijn. Sommige van die soorten worden daarbij misschien geholpen door reislustige Nederlanders. Andere soorten komen letterlijk aanwaaien. “Ik verwacht met name nog wel wat nieuwe orchideeënsoorten,” aldus Odé. “De hommelorchis en de spinnenorchis, bijvoorbeeld. Maar er wachten ons zeker ook nog wel wat verrassingen.”