Bij maar liefst 97 procent van de gevaccineerde proefpersonen wekte het vaccin de beoogde respons op. “Dit is veelbelovend.”

Hiv, het virus dat aids veroorzaakt, eist jaarlijks vele slachtoffers. Wereldwijd leven er zo’n 38 miljoen mensen met hiv. En hoewel wetenschappelijk onderzoek heeft geleid tot verschillende doorbraken in de aidsbestrijding, bestaat er nog altijd geen preventief vaccin. Maar misschien hoeven we daar niet lang meer op te wachten. Onderzoekers hebben namelijk een hiv-vaccin ontwikkeld dat nu de eerste klinische fase glansrijk heeft doorstaan. En dat is hoopvol nieuws, dat de ambitieuze doelstelling om aids tegen 2030 te hebben uitgeroeid, weer een stap dichterbij brengt.

Nog steeds geen vaccin
In 1983 werd het hiv-virus ontdekt. En sindsdien zijn al talloze wetenschappers tevergeefs op zoek geweest naar een vaccin. Het lijkt maar niet te lukken. En dat terwijl we binnen de kortste keren wél een vaccin tegen het rondwarende coronavirus hadden. Hoe kan dat? “Hiv is veel uitdagender dan SARS-CoV-2,” vertelt onderzoeker Kristen Cohen in gesprek met Scientias.nl. Dat komt omdat hiv een heel veranderlijk virus is, dat elke keer weer een nieuwe gedaante aanneemt. Het hiv-virus is er dus in verschillende soorten en maten en muteert bovendien buitengewoon vlug. “Hiv-virale isolaten kunnen zo’n 25 tot 35 procent verschillen tussen subtypen,” legt Cohen uit. “En dat terwijl omikron, in vergelijking met het oorspronkelijke coronavirus, maar zo’n 3 procent mutaties heeft.”

Cijfers over hiv
Wereldwijd leven er zoals gezegd zo’n 38 miljoen mensen met het humaan immunodeficiëntievirus (hiv). Van deze 38 miljoen mensen, krijgen 5,9 miljoen mensen die weten dat ze geïnfecteerd zijn, geen behandeling. Nog eens 4 miljoen mensen met hiv zijn nog niet gediagnosticeerd. Zonder behandeling wordt de gemiddelde overlevingstijd na infectie geschat op 9 tot 11 jaar, afhankelijk van het hiv-subtype. In 2021 werd 76 procent van de volwassenen met hiv behandeld met virusonderdrukkende medicatie. Daarentegen had maar 52 procent van de kinderen toegang tot dezelfde behandeling. 70 procent van de nieuwe hiv-infecties vindt plaats onder mensen die gemarginaliseerd en vaak gecriminaliseerd zijn. Hoewel de overdracht in Afrika over het algemeen is afgenomen, is er de afgelopen tien jaar geen significante daling gezien van het aantal hiv-infecties bij mannen die seks hebben met mannen, een belangrijke bevolkingsgroep.

Ondanks de moeizame zoektocht naar een hiv-vaccin, heeft de wetenschap zeker niet stilgestaan. “In de afgelopen decennia zijn er enorme vorderingen gemaakt op het gebied van hiv-preventie en behandelingen om ziekteprogressie te voorkomen,” zegt Cohen.

Medicijnen
Er bestaan bijvoorbeeld medicijnen om hiv te behandelen. Deze medicijnen onderdrukken het hiv-virus. Het betekent dat het virus wel in het lichaam aanwezig blijft, maar dat je er niet meer ziek van wordt. Wel moet je deze medicijnen de rest van je leven slikken. Dankzij deze belangrijke vooruitgang is het aantal hiv-infecties in de afgelopen jaren sterk gedaald. “Maar er bestaat nog altijd geen effectieve remedie,” onderstreept Cohen. En dat terwijl een preventief hiv-vaccin dringend nodig is om voor eens en altijd een einde te maken aan de hiv/aids-pandemie.

Hiv-vaccin
Een dergelijk begeerd hiv-vaccin komt nu wel een stapje dichterbij. In een nieuwe studie presenteert Cohen samen met haar collega’s namelijk de veelbelovende resultaten van een kandidaatsvaccin. De klinische ontwikkeling van dit hiv-vaccin is al meer dan 30 jaar in de maak en verschillende wetenschappers hebben er hun hele loopbaan aan gewijd. En nu blijkt dat het vaccin voor de eerste klinische fase met vlag en wimpel is geslaagd. Volgens het team wekt dit vaccin, dat getest is op mensen, de aanmaak van ‘breed neutraliserende antilichamen’ (bnAbs) op. En dat is goed nieuws. Deze bnAbs kunnen namelijk op termijn mogelijk de wereldwijd diverse hiv-stammen herkennen en vervolgens beschermen tegen infectie. Tijdens de test wekte het vaccin bij 26 van de 27 gevaccineerde proefpersonen (97 procent) de beoogde respons op. “Deze resultaten zijn veelbelovend,” zegt Cohen. “Dit is de eerste klinische proef die aantoont dat er een hiv-vaccin ontworpen kan worden dat de aanmaak van hele specifieke B-cellen bij mensen aanwakkert.”

De fasen van klinisch onderzoek
Nadat een vaccin is ontwikkeld en de eerste tests op dieren zijn uitgevoerd, is het tijd voor zogenoemd klinisch onderzoek. Hierbij wordt het vaccin op mensen getest. Klinisch onderzoek kent verschillende fasen. In de eerste twee fasen wordt het vaccin aan kleine groepen proefpersonen toegediend en gekeken naar de veiligheid en effectiviteit ervan. De effectiviteit wordt daarbij bepaald door bijvoorbeeld te kijken of mensen antistoffen aanmaken. Ook wordt aan de hand van deze studies de optimale dosis bepaald. Maar de echte vuurdoop ondergaat een vaccin in de derde fase van klinisch onderzoek. Tijdens deze fase wordt het vaccin niet alleen aan een veel grotere groep mensen toegediend, maar wordt bovendien onderzocht of het ook daadwerkelijk kan voorkomen dat mensen – als ze in aanraking komen met de ziekteverwekker waartegen het vaccin beschermen moet – ziek worden. In deze fase van het onderzoek wordt een grote groep mensen – vaak gaat het dan om tienduizenden proefpersonen – in tweeën verdeeld, waarna de ene groep het vaccin krijgt toegediend en de andere een placebo. Vervolgens worden deze mensen naar huis gestuurd. En na verloop van tijd moet dan blijken of infecties door de ziekteverwekker waartegen het vaccin beschermen moet daadwerkelijk minder voorkomen onder de groep die gevaccineerd is. Als het vaccin ook deze derde proef glansrijk doorstaat, kunnen de ontwikkelaars ervan het officieel laten goedkeuren door de betreffende autoriteiten (in Nederland is dat het College voor de Beoordeling van Geneesmiddelen). Pas als deze autoriteiten het vaccin goedkeuren, kan het daadwerkelijk op de markt worden gebracht.

Hoe het vaccin precies werkt? Bij een infectie komen eerst witte bloedcellen in actie. Wanneer die er niet in slagen het virus te elimineren, stappen andere witte bloedcellen, de zogenoemde B-cellen, naar voren. Zij maken breed neutraliserende antilichamen aan, een zeldzaam type antilichaam dat kan vechten en beschermen tegen veel verschillende varianten van een virus, waaronder hiv.

Beschermende antilichamen
“Kortom, B-cellen zijn cellen die beschermende antilichamen maken die vervolgens virale infecties kunnen blokkeren,” legt Cohen uit. “Het doel is om uiteindelijk bnAbs te produceren die kunnen beschermen tegen hiv. Daarvoor hebben we gebruikgemaakt van wat bekend is over een klasse van krachtige antilichamen, in staat om een grote verscheidenheid aan hiv-stammen te blokkeren. Vervolgens hebben we een klein stukje van een hiv-oppervlakte-eiwit ontworpen om een sterke binding te hebben met specifieke B-cellen die chemisch lijken op de eerder genoemde hiv-antilichamen. Wat onze proef nu heeft aangetoond, is dat we erin geslaagd zijn bij niet-geïnfecteerde, gezonde volwassenen met dit hiv-eiwit deze specifieke B-cellen te activeren.”

Training
De proef is een mijlpaal. Het activeren van bnAbs door middel van vaccinatie is namelijk tot nu toe nog niet mogelijk geweest. Maar nu zijn de onderzoekers er toch in geslaagd een vaccin te ontwerpen dat op bestelling bepaalde antilichamen bij mensen opwekt. Hoewel hoopgevend, zijn we er nog niet. “Deze antilichamen zijn nog niet goed genoeg in het daadwerkelijk blokkeren van hiv,” vervolgt Cohen. “Ze hebben meer training nodig om hiv beter te leren herkennen en infectie tegen te gaan. Dit is onze volgende stap. We willen nu mensen vaccineren met extra gemanipuleerde hiv-eiwitten die deze B-cellen aanmoedigen om nog krachtigere antilichamen te produceren die hiv kunnen blokkeren en de diversiteit van circulerende stammen kunnen overwinnen.”

Optimistisch
Ondanks dat er nog een lange weg te gaan is, stemmen de proefresultaten hoopvol. Want mogelijk zit er nu eindelijk, na tientallen jaren wachten, toch een hiv-vaccin aan te komen. “Ik ben optimistisch,” zegt Cohen. “Dit is een duidelijke vooruitgang.” Wanneer het vaccin op de markt komt, is nu nog koffiedik kijken. Daarvoor moeten ook nog de andere fasen van klinisch onderzoek (zie kader) doorlopen worden. En hoe lang dat zal duren, is niet te voorspellen. “We weten nu ook nog niet hoe moeilijk het zal zijn om de evolutie van de eerder genoemde B-cellen door vaccinatie te sturen en ervoor te zorgen dat ze krachtige neutraliserende antilichamen opwekken,” zegt Cohen.

Betrokkenheid
Meer onderzoek volgt dus nog. Maar volgens universitair hoofddocent Clive Aspin, verbonden aan de Victoria University of Wellington, is het ‘opwindend nieuws’. “Vooral voor de mensen die de dupe zijn geworden van de hiv-pandemie, zoals inheemse volkeren, vrouwen en mensen in arme landen,” aldus Aspin. “De onderzoekers zouden nu ook moeten aansturen op meer betrokkenheid van de getroffen gemeenschappen, om ervoor te zorgen dat de uitrol van de vaccins de maximale impact bereikt. Bovendien moeten de vaccins met name terechtkomen bij de gemeenschappen die er het meest behoefte aan hebben. De wetenschap achter de ontwikkeling van het vaccin is belangrijk, maar net zo belangrijk is de betrokkenheid van de meest getroffen gemeenschappen.”

Wereldwijd is er afgesproken dat aids in 2030 uitgeroeid moet zijn. Hoewel ambitieus, wordt deze doelstelling volhardend nagestreefd. “Er zijn tal van manieren om hiv-infectie te voorkomen,” zegt Cohen. “En die worden parallel aan elkaar nagejaagd. Ook worden er nieuwe strategieën en technologieën toegepast om hiv te genezen.” Een hiv-vaccin zal zeker voor een stroomversnelling zorgen, al zijn ook de andere benaderingen nodig om hiv voor eens en altijd uit de wereld te helpen. “Het zal uiteindelijk afhangen van een voortdurende wereldwijde inzet,” besluit Cohen.