Je ziet ze niet, maar ze zijn er wel: in Noord-Thaise bloemen blijken veel onbekende schimmelsoorten te leven.
Op het eerste gezicht lijkt een bloem misschien vooral belangrijk voor insecten. Maar tussen de bloembladen, meeldraden en het stuifmeel bevinden zich veel schimmels. Onderzoekers van Chiang Mai University en Kasetsart University hebben daar nu zestien soorten gevonden die nog niet eerder door de wetenschap zijn beschreven. Ze behoren allemaal tot het geslacht Aureobasidium.
Dat is een groep van donkere, gistachtige schimmels die op veel plekken op aarde voorkomt. Soorten uit dit geslacht zijn bijvoorbeeld gevonden in water, op planten, op de menselijke huid en zelfs in extreme omgevingen zoals in ijs. Toch was nog maar weinig bekend over de soorten die in tropische bloemen leven, en vooral in Thailand was die kennis beperkt. De nieuwe vondst verandert dat flink: het aantal bekende Aureobasidium-soorten in het land neemt door het onderzoek sterk toe. De resultaten zijn gepubliceerd in het tijdschrift IMA Fungus.
Zestien nieuwe soorten
De onderzoekers verzamelden in 2024 bloemen op verschillende plekken in de provincies Chiang Mai en Phayao, in het noorden van Thailand. In totaal onderzochten ze bloemen van 31 plantensoorten. Daaronder waren bekende sierplanten zoals bougainvillea en maagdenpalm, maar ook verschillende wilde planten.
Uit de verschillende delen van de bloemen haalden de wetenschappers vervolgens schimmels. Ze onderzochten onder meer de stamper, meeldraden, het stuifmeel en de nectarklieren. Uiteindelijk wisten ze 54 stammen van Aureobasidium te kweken. Twaalf daarvan bleken te horen bij vijf soorten die al bekend waren. Vier van die vijf waren nog niet eerder in Thailand gevonden. De overige 42 stammen leverden zestien nieuwe soorten op.
Uitgebreide aanpak
Dat resultaat kwam niet helemaal uit de lucht vallen. “We besloten Aureobasidium te onderzoeken omdat het een van de schimmelgeslachten was die we in het verleden het vaakst uit onze bloemenmonsters haalden”, vertelt professor Nakarin Suwannarach van Chiang Mai University. “We zagen veel verschillen in onder andere het uiterlijk van de kolonies. Dat wees er al op dat er mogelijk veel meer soorten waren dan eerder werd gedacht.”
Toch was het bepalen van het aantal soorten allesbehalve eenvoudig. Veel schimmels lijken onder de microscoop namelijk sterk op elkaar. Alleen kijken naar de vorm en kleur is daarom niet altijd genoeg. Ook een DNA-test kan niet altijd duidelijkheid bieden.
De onderzoekers pakten het daarom een stuk uitgebreider aan. Als eerste vergeleken ze vijf specifieke stukjes DNA die in de schimmels te vinden zijn. Daarnaast bekeken ze hoe de schimmels eruitzagen, bij welke temperaturen ze groeiden en welke voedingsstoffen ze wel of niet konden gebruiken. Door die combinatie konden ze nauwverwante soorten van elkaar onderscheiden.
Namen met een verhaal
De zestien nieuwe soorten kregen namen die vaak verwijzen naar hun vindplaats of naar de bloem waarin ze werden gevonden. Zo komt Aureobasidium bougainvilleae uit bougainvillea en werd A. catharanthi gevonden in bloemen van de maagdenpalm (Catharanthus roseus). A. plumeriae verwijst naar het geslacht Plumeria. Andere soorten dragen namen die verwijzen naar gebieden in Noord-Thailand.
Twee nieuwe soorten kregen een andere betekenisvolle naam. A. saisamorniae en A. savitreeae zijn vernoemd naar de Thaise schimmelexperts Saisamorn Lumyong en Savitree Limtong. “We wilden dat de namen een verhaal vertellen”, aldus Suwannarach. “Ofwel over de plek waar de schimmels vandaan komen, ofwel over mensen die belangrijk zijn geweest voor schimmelonderzoeken in Thailand.”
Leestip: Dit rode pigment hielp planten met het veroveren van woestijnen
De ontdekking is niet alleen interessant voor biologen. Sommige soorten uit het geslacht Aureobasidium kunnen stoffen en enzymen maken die mogelijk nuttig zijn voor de industrie. Zo kunnen schimmelsoorten soms dienst doen als biologische bestrijders van plantenziekten. Ook zijn er schimmels die bepaalde vervuilende stoffen of plastics kunnen afbreken. Het nieuwe onderzoek toont overigens niet aan dat de zestien nieuw ontdekte soorten die eigenschappen ook hebben.
Het onderzoek is ook belangrijk omdat een klein aantal bekende Aureobasidium-soorten in verband is gebracht met het veroorzaken van infecties. Door vast te leggen welke soorten van nature in een gebied voorkomen kunnen onderzoekers later beter zien of hun verspreiding of gedrag verandert.
We schreven vaker over dit onderwerp, lees bijvoorbeeld ook Deze dodelijke superschimmel verstopt zich wekenlang in haarzakjes en slaat keihard toe als hij de kans krijgt en Waarom sommige padden een dodelijke schimmeluitbraak wel overleven . Of lees dit artikel: Woestijnmossen blijken mogelijk toch hulp te krijgen van schimmels .
Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:

