Zeeschildpadden komen al sinds 1040 voor rondom Curaçao en Bonaire

Botten uit Curaçao en Bonaire tonen hoe mensen daar eeuwenlang op verschillende zeeschildpadsoorten joegen.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief! Ook elke dag vers het laatste wetenschapsnieuws in je inbox? Of elke week? Schrijf je hier in voor de nieuwsbrief!

Zeeschildpadden hebben het op veel plaatsen moeilijk: klimaatverandering, visserij en de groei van steden en toerisme zetten hun leefgebied onder druk. Daarnaast weten onderzoekers vaak maar weinig over hoe groot hun populaties vroeger waren. Nieuw archeologisch onderzoek op Curaçao en Bonaire brengt daar verandering in: botresten laten zien dat mensen op de eilanden al minstens duizend jaar met verschillende soorten zeeschildpadden leefden en op ze jaagden.

Onderzoekers van Simon Fraser University werkten voor de studie samen met de Caribische organisatie National Archaeological Anthropological Memory Management. Het onderzoek verscheen in The Journal of Archaeological Science. Het is de eerste studie waarin oude botten van zeeschildpadden op meerdere vindplaatsen op Curaçao en Bonaire per soort zijn onderzocht.

Botfragmenten

De onderzoekers bekeken 87 botfragmenten uit zeven archeologische vindplaatsen. Veel botten waren klein of beschadigd. Daardoor was aan de vorm niet altijd meer te zien van welke soort ze kwamen. Het team gebruikte daarom ZooMS. Deze techniek meet de eiwitten in een bot. Elke diersoort heeft een eigen ‘patroon’ van eiwitten. Dat patroon werkt als een soort van ‘moleculaire vingerafdruk’.

Van de onderzochte botten konden 37 fragmenten aan zeeschildpadden worden gekoppeld. Bij 25 daarvan lukte het om ook de soort vast te stellen: dertien botten kwamen van soepschildpadden, tien van dikkopschildpadden en twee van karetschildpadden. De andere resten konden niet nauwkeuriger worden ingedeeld.

Nieuwe vragen

De verdeling roept nieuwe vragen op. Soepschildpadden werden vroeger het vaakst gevangen, maar hun populaties doen het rond de eilanden nu relatief goed. Dikkopschildpadden kwamen in het oude materiaal bijna even vaak voor, maar zijn tegenwoordig veel minder algemeen. Karetschildpadden leven nu wel veel rondom de eilanden, terwijl hun botten maar zelden op de vindplaatsen zijn gevonden.

Volgens onderzoeksleider Christine Conlan laten die verschillen zien dat aantallen alleen niet genoeg zijn. “Als je archeologische gegevens wilt vergelijken met informatie van natuurbeheerders heb je weinig aan een heel brede indeling”, zegt zij. “Wat een karetschildpad bedreigt kan heel anders zijn dan wat een soepschildpad bedreigt.”

Waarom mensen de ene soort vaker vingen dan de andere is niet zeker. Beschikbaarheid kan een rol hebben gespeeld. Ook smaak, gedrag en de plek waar de dieren voedsel zochten kunnen belangrijk zijn geweest. “We denken dat mensen vooral soepschildpadden kozen omdat die zo talrijk waren”, zegt Conlan. “Er zijn ook veel historische beschrijvingen waarin staat dat soepschildpadden beter smaakten.”

Beter aangepast

De onderzoekers denken dat karetschildpadden en lederschildpadden in de periode voor de zestiende eeuw weinig werden bejaagd. Hun latere achteruitgang kan daarom samenhangen met de commerciële handel in schildpadden die na die periode ontstond.

Soepschildpadden en dikkopschildpadden werden waarschijnlijk al langer door mensen gegeten. Toch herstelt de soepschildpad zich momenteel beter. Mogelijk heeft die soort zich in de loop van de tijd beter weten aan te passen aan menselijke druk. De onderzoekers benadrukken dat dit vooralsnog niet zeker is.

Leestip: Bedreigde soepschildpad verder in het nauw: ook vervuiling leidt ertoe dat er veel meer vrouwtjes worden geboren

Ook voedsel kan verklaren waarom sommige soorten vroeger vaker voorkwamen. Dikkopschildpadden zochten in het gebied onder meer naar de roze vleugelhoorn, een grote zeeslak. Deze slak komt tegenwoordig niet meer veel rond de eilanden voor. In archeologische lagen worden de gevonden schelpen door de tijd heen steeds kleiner. Dat kan erop wijzen dat mensen steeds vaker deze slakken vingen.

Dat verband is belangrijk voor het huidige natuurbeheer. Herstelprogramma’s voor de roze vleugelhoorn kunnen meer dikkopschildpadden aantrekken. Die dieren zouden vervolgens weer invloed kunnen hebben op het herstel van de slakkenpopulatie. De bescherming van één soort kan op die manier gevolgen hebben voor de terugkeer van een andere soort.

Huidige stand van zaken

De oude botten geven onderzoekers ook een betere basis om de huidige stand van zaken mee te vergelijken. “Zo’n historisch perspectief helpt ons te begrijpen hoe ecosystemen eruitzagen voor de komst van grootschalige industrieën en sterkere klimaatverandering”, zegt Conlan. “Daardoor kunnen we beter bepalen welke omstandigheden soorten nu nodig hebben om te overleven.”

De vondsten kunnen bovendien helpen bij het beter beschermen van stranden. Volgens Conlan vonden ze aanwijzingen dat soepschildpadden, karetschildpadden en dikkopschildpadden zich al sinds 1040 rond de eilanden nestelden. Zeeschildpadden keren vaak terug naar dezelfde nestplaatsen. Als dieren dezelfde stranden al eeuwenlang gebruiken kan dat een extra reden zijn om die gebieden extra te beschermen tegen bouwprojecten en de verdere groei van het toerisme.

We schreven vaker over dit onderwerp, lees bijvoorbeeld ook De schildplaten van zeeschildpadden laten zien hoe het met de zee gaat en Hoeveel plastic er nodig is om een bruinvis of zeeschildpad te doden? Veel minder dan je denkt . Of lees dit artikel: Schildpadden krijgen bijna nooit kanker en daar kunnen wij wellicht iets van leren .

Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:

Bronmateriaal

Fout gevonden?

Voor jou geselecteerd