Onze cognitieve functies gaan, naarmate we ouder worden, van nature achteruit. Maar bij wie veel ultrabewerkt voedsel – zoals junkfood – nuttigt, gaat die achteruitgang sneller, zo stellen Braziliaanse onderzoekers.

Dat junkfood ongezond is, zal je niet verbazen. Zo kan het veelvuldig nuttigen ervan lijden tot overgewicht en daarmee samenhangende gezondheidsproblemen. Maar Braziliaanse wetenschappers hebben nu nog een goede reden gevonden om wat terughoudend te zijn met het consumeren van junkfood. Het lijkt namelijk ook een negatieve invloed te hebben op de hersenfunctie. Dat is te lezen in het blad JAMA Neurology.

Het onderzoek
De onderzoekers trekken die conclusie nadat ze zich bogen over de data van meer dan 10.000 Brazilianen die tussen de 35 en 74 jaar oud waren. Alle proefpersonen moesten vragenlijsten invullen over hun eetgedrag. Daarnaast werd hun cognitief functioneren op twee momenten – waar gemiddeld zo’n acht jaar tussen zat – beoordeeld. Het onderzoek wijst uit dat een hogere consumptie van ultrabewerkt voedsel (zie kader) geassocieerd kan worden met een snellere aftakeling van de cognitieve functie.

Ultrabewerkt voedsel is voedsel dat sterk bewerkt is en in vergelijking met minder bewerkt voedsel per portie meer calorieën, suiker, verzadigd vet en zout bevat en juist relatief weinig vitamines, vezels en mineralen herbergt. Voorbeelden van ultrabewerkt voedsel zijn diepvriespizza’s, zoete (zuivel)dranken, kant- en klare toetjes, ijs, chips en hartige snacks. Het zijn eigenlijk allemaal kant-en-klare producten die je koopt in de supermarkt of in fastfoodrestaurants.

“Allereerst is het belangrijk om op te merken dat iedereen naarmate hij of zij ouder wordt van nature cognitief achteruitgaat,” vertelt onderzoeker Natalia Gomes Gonçalves aan Scientias.nl. “Wat wij bestudeerd hebben, is of de consumptie van ultrabewerkt voedsel die achteruitgang kan versnellen.” Om dat te achterhalen, werden de proefpersonen in vier groepen ingedeeld. De eerste groep bestond uit mensen bij wie tot 19,9 procent van de dagelijkse calorie-inname voor rekening van ultrabewerkt voedsel kwam. De tweede bestond uit mensen bij wie de calorie-inname voor 20 tot 26,7 procent uit ultrabewerkt voedsel bestond. De derde groep haalde 26,8 tot 34,1 procent van hun dagelijkse calorieën uit ultrabewerkt voedsel en de vierde groep zelfs meer dan 34,2 procent. “In die laatste groep zaten ook proefpersonen die meer dan 70 procent van hun dagelijkse calorie-inname uit ultrabewerkt voedsel haalden,” aldus Gomes Gonçalves. “Wat natuurlijk echt heel veel is.” Vervolgens vergeleken de onderzoekers de drie laatstgenoemde groepen met de eerste groep en ontdekten zo dat de mensen in die drie groepen cognitief gezien sneller aftakelden dan de mensen die minder dan 19,9 procent van hun dagelijkse calorie-inname uit ultrabewerkt voedsel haalden.

Resultaten
Heel concreet bleek de cognitieve achteruitgang van de proefpersonen die meer dan 19,9 procent van hun dagelijkse calorie-inname uit ultrabewerkt voedsel haalden 28 procent groter te zijn dan de cognitieve achteruitgang van mensen die minder dan 19,9 procent van hun dagelijkse calorie-inname uit ultrabewerkt voedsel haalden. Ook de achteruitgang van hun executieve functies (een set van hogere controlerende functies van de hersenen) was 25 procent groter dan die van de groep die het minste ultrabewerkte voedsel nuttigde. “Daarnaast is het belangrijk om te vermelden dat de groepen die 26,8 tot 34,1 en meer dan 34,2 procent van hun dagelijkse calorieën uit ultrabewerkt voedsel haalden ook individueel (dus wanneer ze niet op één hoop werden geveegd, red.) een snellere cognitieve achteruitgang noteerden dan de mensen die minder dan 20 procent van hun dagelijkse calorieën uit ultrabewerkt voedsel haalden.”

Verrassend
De bevindingen hebben Gomes Gonçalves verrast. Met name omdat deze laten zien dat je niet enorme hoeveelheden ultrabewerkt voedsel hoeft te nuttigen om daar ook cognitief nadelige gevolgen van te ondervinden; ook mensen bij wie de dagelijkse calorie-inname voor zo’n 20 procent voor rekening kwam van ultrabewerkt voedsel, gingen cognitief gezien al sneller achteruit dan mensen die minder ultrabewerkt voedsel nuttigden. Daar komt nog eens bij dat de onderzoekers de associatie opmerkten onder gezonde en redelijk jonge proefpersonen.

Vervolgonderzoek
Onduidelijk is nog hoe ultrabewerkt voedsel invloed uitoefent op het brein. “We hebben daar wel hypothesen over,” stelt Gomes Gonçalves. Zo zouden chronische ontstekingen in het brein – ontstaan door het ongezonde dieet – aan de cognitieve achteruitgang ten grondslag kunnen liggen. Vervolgonderzoek zal uit moeten wijzen of de onderzoekers daarmee op het juiste spoor zitten.

Gezonder dieet
In afwachting van dat vervolgonderzoek lijkt het geen kwaad te kunnen terughoudend te zijn met ultrabewerkt voedsel, dat eerder ook al in verband werd gebracht met obesitas, hart- en vaatziekten, sommige vormen van kanker en vroegtijdige sterfte. Nu is het maken van gezondere keuzes doorgaans best lastig. Zeker als de ongezonde keuze – het ultrabewerkte voedsel – zo lekker en gemakkelijk is. Gomes Gonçalves begrijpt dat wel, maar benadrukt tegelijkertijd dat minder bewerkt voedsel ook heel lekker kan zijn. Het vereist alleen wel dat je er tijd voor maakt. “Zo kun je bijvoorbeeld in plaats van een diepvriespizza ook de afzonderlijke ingrediënten kopen en thuis deeg maken en verse ingrediënten gebruiken als toppings. Zo is het toch mogelijk om gezondere keuzes te maken; je hoeft er alleen maar meer tijd en energie in te stoppen. Daarnaast is het ook belangrijk de tijd te nemen voor de overgang naar een gezonder dieet en nieuw, gezond gedrag langzaam te laten transformeren tot een gewoonte. Dat helpt om vol te houden.”

En zo’n transformatie is niet alleen nuttig als je 30 of 40 bent. Want juist op middelbare leeftijd kun je zo een belangrijke basis leggen voor later, zo benadrukt Gomes Gonçalves. “De middelbare leeftijd is een belangrijke periode in het leven voor het omarmen van levensstijlveranderingen, omdat de veranderingen die je op die leeftijd doorvoert, van invloed zullen zijn op je jaren als oudere. Dat wil overigens niet zeggen dat ouderen er geen baat meer bij hebben om een gezondere levensstijl aan te nemen; onderzoek heeft keer op keer uitgewezen dat gezondere keuzes – ongeacht je leeftijd – altijd voordelig zijn.”