De meesten krijgen ze pas rond hun achttiende levensjaar, terwijl ze bij onze naaste verwant de chimpansee al veel eerder doorkomen. Hoe zit dat?

Wetenschappers vragen zich al geruime tijd af hoe en waarom mensen op specifieke leeftijden tanden wisselen (zie kader). Maar dat is niet het enige mysterie. Zo blijkt dat de verstandskiezen bij mensen opvallend laat doorkomen in vergelijking met chimpansees. In een nieuwe studie besloten onderzoekers zich in dit onderwerp vast te bijten. En nu beweren ze deze raadselachtige zaak eindelijk te hebben opgelost.

Tanden wisselen
Vanaf het zesde levensjaar beginnen de meeste kinderen met het wisselen van tanden. Dit gebeurt volgens een vast patroon, waarbij de laatste tanden rond de 12 jaar wisselen. Vervolgens krijgen we rond onze 18e verjaardag de verstandskiezen. Deze tanden komen opvallend genoeg veel later door dan bij onze naaste, levende verwant: de chimpansee, die respectievelijk rond zijn 3e, 6e en 12e levensjaar de betreffende tanden wisselt.

Niet alleen het wisselen van tanden, maar eigenlijk alles duurt bij de mens een tikkeltje langer. Kijk bijvoorbeeld naar de snelheid waarmee we opgroeien, hoe lang we afhankelijk blijven van moeders, hoe lang het duurt voordat we seksueel rijp zijn en hoe oud we kunnen worden. Het tempo van de mens ligt dus eigenlijk altijd een tandje lager. En als gevolg daarvan komen ook onze verstandskiezen pas heel laat tevoorschijn, later dan bij enig ander levende of uitgestorven primaat.

Studie
Om de precieze oorzaken daarvan te achterhalen, bouwden de onderzoekers 3D-modellen van schedels – inclusief de bevestigingsposities van elke grote kauwspier – gedurende de groeiperiode van bijna twee dozijn verschillende soorten primaten, variërend van kleine maki’s tot gorilla’s. Vervolgens vergeleken ze deze informatie met de snelheid waarmee de kaken van deze soorten groeien. En zo kregen ze een goed beeld van het tijdstip waarop elke kies doorkomt.

Verklaring
Dankzij deze modellen hebben de onderzoekers nu ontdekt waarom de verstandskiezen zo lang op zich laten wachten. Het is volgens hen de wisselwerking tussen gezichtsgroei en de mechanica van de kauwspieren die niet alleen bepalen waar, maar ook wanneer kiezen doorkomen. Dit betekent dat ze alleen doorkomen als er voldoende ruimte is. Als deze tanden per ongeluk eerder door zouden komen, kan dit resulteren in een slecht werkend kauwsysteem. Bovendien zou dit zelfs schade aan het kaakgewricht kunnen veroorzaken.

Kaken
Kortom, de combinatie van hoe snel onze kaken groeien en hoe groot ze uiteindelijk worden, is bepalend voor het tijdstip waarop kiezen doorkomen. En dat duurt bij de mens nou eenmaal iets langer dan bij mensapen. “Het blijkt dat onze kaken heel langzaam groeien, waarschijnlijk als gevolg van onze algehele trage levensloop,” legt onderzoeker Gary Schwartz uit. “Dat, in combinatie met onze korte, platte gezichten, betekent dat het langer duurt voordat er genoeg ruimte beschikbaar is voor de verstandskiezen. En dus krijgen we die pas op late leeftijd.”

Voorouders
De onderzoekers zijn van plan hun model toe te passen op fossiele menselijke schedels. En dat is interessant, aangezien het vragen kan beantwoorden over wanneer de vertraagde kaakgroei en vertraagde opkomst van verstandskiezen voor het eerst verscheen bij onze verre voorouders.

Daarnaast hebben de resultaten ook implicaties voor de tandheelkunde. Want ondanks dat uit deze studie is gebleken dat kiezen pas tevoorschijn komen op het moment dat het gezicht genoeg gegroeid is en er voldoende plek is, kan het model mogelijk ook inzicht bieden in waarom onze soort toch vaak last heeft van ingegroeide verstandskiezen die uiteindelijk getrokken moeten worden.