Huidige Marsrovers boren slechts vijf centimeter diep. Willen we echter op sporen van voormalig leven stuiten, dan zullen we minstens twee meter onder de grond moeten zoeken.

Heeft er ooit leven bestaan op Mars? Het is een prangende vraag, waar onderzoekers met behulp van Marsrovers een antwoord op proberen te vinden. Een teken dat zou kunnen wijzen op de leefbaarheid van onze naaste buur, is de aanwezigheid van aminozuren;  organische verbindingen die van essentieel belang zijn voor leven en daarom ook wel vaak de ‘bouwstenen van het leven’ worden genoemd. De kans is echter klein dat we deze aan het oppervlak van Mars zullen tegenkomen, zo tonen onderzoekers aan. En dus zit er maar één ding op: dieper graven.

Leven op Mars
De dikke atmosfeer en het omvangrijke magnetische veld van de aarde beschermen het oppervlak tegen schadelijke kosmische straling: hoogenergetische deeltjes (meestal protonen en heliumionen) die afkomstig zijn van onze zon. Wetenschappers vermoeden dat Mars in zijn jonge jaren ook over een magnetisch veld en dikkere atmosfeer beschikte, wat ervoor zorgde dat vloeibaar water mogelijk rijkelijk over het oppervlak van de rode planeet vloeide. Omdat vloeibaar water essentieel is voor leven, willen wetenschappers weten of er misschien ook ooit leven op Mars heeft bestaan. En dus zoeken ze naar bewijs van voormalig leven – denk aan organische moleculen zoals aminozuren – in oud Martiaans gesteente.

Aminozuren
Waarom aminozuren? Aminozuren vormen de basis voor eiwitten en zijn daarmee een essentieel onderdeel van al het leven op aarde. Het vinden van aminozuren op Mars zou dan ook veelbelovend zijn. Op dit moment speuren de Marsrovers Perseverance en Curiosity de Martiaanse bodem dan ook gedreven af. Maar hoe groot is de kans dat er daadwerkelijk aminozuren voor het grijpen liggen?

Kosmische straling
Niet zo groot, zo stellen onderzoekers nu. Dat komt omdat Mars, met zijn huidige gebrek aan een magnetisch veld en een flinterdunne atmosfeer, onderhevig is aan een veel hogere dosis kosmische straling dan de aarde. Bovendien is bekend dat schadelijke kosmische straling organische moleculen afbreken wanneer ze zich door vast gesteente dringen en alles op hun pad ioniseren en vernietigen.

Experimenten
De onderzoekers baseren hun bevindingen op basis van experimenten, waarin ze aminozuren mengden met stoffen die de Marsbodem simuleren. Vervolgens bewaarden ze de monsters in reageerbuisjes die de Martiaanse atmosfeer nabootsten en stelden ze bloot aan verschillende Mars-achtige temperaturen. De monsters werden vervolgens bestraald met gammastraling – een soort zeer energetisch licht – om kosmische straling te simuleren. En wat blijkt? “Onze resultaten suggereren dat aminozuren die zich mogelijk in oppervlaktegesteente en Mars-regoliet ophouden, veel sneller door kosmische straling worden vernietigd dan gedacht,” aldus onderzoeker Alexander Pavlov.

Ingewikkelder
Het betekent dat de zoektocht naar Marsmannetjes een tikkeltje ingewikkelder is geworden. “Huidige Marsrovers boren tot ongeveer vijf centimeter diep,” zegt Pavlov. “Maar op dergelijke dieptes zijn aminozuren binnen 20 miljoen jaar vernietigd.” Dat klinkt misschien lang, maar is een relatief korte tijd, aangezien wetenschappers op zoek zijn naar sporen van leven dat miljarden jaren geleden op Mars gedijde, toen de planeet nog veel meer op de aarde leek.

Dieper graven
Willen we dus op bewijs van voormalig leven stuiten, dan zullen we volgens de onderzoekers veel dieper moeten graven. Hoe diep? Minstens twee meter onder het Martiaanse oppervlak. Alleen zo ver onder de grond hebben we kans om nog ongerepte aminozuren aan te treffen die niet door kosmische straling zijn aangetast.

Hoewel er op dit moment nog geen aminozuren op Mars zijn gevonden, zijn ze wel ontdekt in enkele meteorieten, waaronder in één meteoriet afkomstig van de rode planeet. Aminozuren kunnen echter ook door een niet-biologisch proces ontstaan. Op dit moment is het helaas nog niet duidelijk op welke manier de aminozuren die in de betreffende Mars-meteoriet zijn aangetroffen, zijn gevormd. “Omdat Mars-meteorieten meestal worden weggeslingerd vanaf een diepte van minstens een meter, is het mogelijk dat de aminozuren beschermd waren tegen kosmische straling,” aldus onderzoeker Danny Glavin. Of de aminozuren aangetroffen in de Mars-meteoriet dus mogelijk door levende organismen zijn achtergelaten? Het zou kunnen… Mochten we over betere graafmachines beschikken die ons in staat stellen dieper onder het Martiaanse oppervlak te turen, zullen we mogelijk het antwoord weten.