Als een hond kwispelend op je af komt en je een lik geeft, denkt het baasje: mijn hond vertrouwt haar dus is ze waarschijnlijk ook betrouwbaar. Maar is dat ook zo? Nieuw onderzoek twijfelt eraan of honden überhaupt wel een oordeel hebben over mensen.
Komt een hond grommend op je af, omdat hij je nu al niet mag of is hij gewoon chagrijnig? En dat vriendelijke geknuffel op je schoot is dat misschien vooral waar hij zélf behoefte aan heeft en zegt het niets over hoe aardig hij je vindt? Het druist in tegen de neiging om dieren menselijke eigenschappen toe te dichten. We denken bijvoorbeeld ook in de ogen van een hond of kat te zien of hij verdrietig is of blij. Maar een nieuwe studie stelt die ‘sociale intuïtie’ van onze huisdieren dus flink ter discussie.
Chimpansees kunnen het wel
Eerder onderzoek heeft wel aangetoond dat sociaal slimme dieren, zoals chimpansees, een oordeel over mensen kunnen vormen, maar of honden dat ook kunnen is lang niet zeker. Sterker nog: nieuwe experimenten laten zien dat de huisdieren met wie we al duizenden jaren zij aan zij leven mogelijk geen inschatting maken van iemands karakter op basis van zijn gedrag.
“Het is duidelijk dat oordeelvorming misschien complexer is dan eerder werd gedacht, zelfs voor dieren zoals honden die nauw samenleven met mensen”, zegt hoofdonderzoeker Hoi-Lam Jim van de Universiteit van Kyoto.
Liever een gul persoon
Het nieuwe onderzoek werd uitgevoerd met veertig honden van verschillende leeftijden. De opzet: de honden mochten eerst toekijken hoe een andere hond omging met twee mensen. Eén van de mensen gedroeg zich gul – hij gaf de demonstratiehond wat lekkers – terwijl de andere niets gaf. Daarna mochten de honden zelf kennismaken met de twee personen.
De onderzoekers hielden nauwgezet bij naar wie de honden als eerste toeliepen, of ze sprongen en hoe dicht ze bij de mensen kwamen. Het idee was dat honden, als ze in staat zijn om sociale informatie van anderen op te pikken, een voorkeur zouden hebben voor de gulle persoon. Maar dat gebeurde niet.
Honden van alle leeftijden bleken geen uitgesproken voorkeur te hebben voor de ‘vriendelijke’ mens. Niet na het observeren van het eerdere contact en ook niet na een eigen interactie. Dat is opvallend, want eerdere studies bij onder meer chimpansees laten zien dat sommige dieren wel degelijk een oordeel vormen op basis van interacties en hun gedrag daarop afstemmen. Zelfs kraaien zijn daartoe in staat. Maar honden lijken het, in deze opzet althans, niet te doen.
“Het is mogelijk dat methodologische uitdagingen in het experimentele ontwerp, met name het gebruik van een tweekeuzetest, onze negatieve bevindingen verklaren in plaats van een gebrek aan beoordelingsvermogen”, legt Jim uit. Daarmee stipt ze een belangrijk punt aan: het ontbreken van bewijs betekent niet automatisch dat honden het niet kunnen. Misschien zijn de tests niet subtiel genoeg of misschien werkt oordeelvorming bij honden net even anders dan bij andere dieren.
En wolven dan?
Het onderzoek is overigens niet het eerste dat aantoont dat honden weinig beoordelingsvermogen hebben. Een eerdere studie van het Wolf Science Center in Oostenrijk liet zien dat noch wolven, noch honden in roedels een oordeel vormen over mensen, zelfs niet na herhaalde interacties. Dat kan komen doordat deze dieren minder ervaring hadden met mensen. Daarom richtte deze nieuwe studie zich op honden die wél dagelijks met mensen omgaan. Toch lijkt ervaring met mensen niet automatisch te leiden tot betere sociale inschattingen. Wat de studie vooral blootlegt, is hoe weinig we eigenlijk weten over de manier waarop honden ons waarnemen en beoordelen.
Volgens de onderzoekers is het dan ook van groot belang om in vervolgonderzoek verschillende typen honden met elkaar te vergelijken. Want hoewel veel mensen intuïtief geloven dat honden goed kunnen inschatten of iemand betrouwbaar is, blijft het bewijs daarvoor voorlopig uit. “Voor nu weten we het simpelweg nog niet”, aldus Jim.


