Taal spreken we niet alleen uit, we gebruiken er ook gebaren bij. Deze combinatie is haast onmisbaar bij communicatie tussen mensen. En als je verlamd bent, is juist dat lastig. Een recent onderzoek richtte zich op gelijktijdige spraak en gebaren en hoe dit in de toekomst mogelijk kan worden voor mensen met een verlamming.
Als we praten, gebruiken we ongemerkt vaak meerdere delen van ons lichaam. De spraakorganen natuurlijk, maar ook onze armen. De gebaren die we maken tijdens het spreken geven context aan de dingen die we zeggen. Er zijn echter aandoeningen die het moeilijk maken om te spreken of armen te bewegen. Denk aan MS of ALS, maar ook aan mensen die een herseninfarct of beroerte hebben gehad. Soms raakt iemand zelfs ernstig verlamd.
Onderzoeken in het verleden richtten zich vaak op één handeling tegelijkertijd: óf spraak, óf gebaren. Daardoor hadden computersystemen vaak moeite met twee handelingen tegelijkertijd. Wetenschappers betwijfelden of ze de computer beter gelijktijdige handelingen konden aanleren.
Een digitaal lichaam
De onderzoeksgroep bestond uit drie patiënten met een lichaams- en spraakverlamming. De wetenschappers maakten voor een eerder onderzoek al gebruik van een strip met elektronische sensoren. Die werd aangebracht op een deel van de hersenen. Hersensignalen van de deelnemers werden omgezet naar een digitaal hoofd en gezicht. Zoiets gebeurt door middel van een brain-computerinterface (BCI), een bedrade of draadloze verbinding tussen hersenen en computer. Het combineren van spraak en lichaamstaal bleek toentertijd erg lastig. Voorheen dachten wetenschappers dat dit kwam doordat de breinsignalen die horen bij gezamenlijke spraak en lichaamstaal één geheel waren.
Voor dit onderzoek werd diezelfde elektronische strip gebruikt. Maar dit keer werden de hersensignalen omgezet naar een heel lichaam. De deelnemers moesten proberen om zinnen uit te spreken of gebaren te maken, zoals een duim omhoog. Het bleek dat spraak en gebaren samen een heel ander signaal in de hersenen afgeven dan apart. De computermodellen konden gezamenlijke uitdrukkingen beter ontcijferen als ze daarop getraind waren, precies wat de wetenschappers van tevoren dachten.
Debara Tucci, algemeen directeur van een Amerikaans instituut dat zich richt op communicatiestoornissen, licht de uitkomst toe: “De resultaten geven mij hoop voor de toekomst. Patiënten met een ernstige verlamming kunnen mogelijk weer helemaal meedoen met menselijke communicatie.”
Nieuwe en oude technologie
Dat is met name goed nieuws voor mensen die moeilijk kunnen praten. Tegenwoordig zijn er BCI-apparaten waarmee mensen die verlamd zijn kunnen communiceren. Deze kunnen bijvoorbeeld met het oog bestuurd worden. Maar vaak is deze technologie traag, beperkt en vermoeiend om te gebruiken. Met de nieuwe technieken zou een soortgelijk apparaat levensechte, veelzijdige uitdrukkingen mogelijk kunnen maken.
De onderzoekers hopen binnenkort een volledig draadloos implantaat uit te testen. Voordat de technologie in de praktijk gebruikt kan worden, moet die eerst op een groter aantal deelnemers worden getest. Ook is meer oefening nodig met verschillende woorden en gebaren.
Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:

