We dachten dat rondhangende vissen lekker aan het chillen waren – maar dat hebben we dus helemaal verkeerd begrepen

Nieuw onderzoek onthult dat vissen wanneer ze bewegingsloos in het water hangen, twee keer meer energie verbruiken dan wanneer ze écht rusten.

Je ziet het vissen regelmatig doen: rondhangen. Ze zwemmen dan niet, maar hangen als het ware stil in het water, waarbij ze slechts heel subtiele bewegingen met hun vinnen maken. Het ziet er heel relaxt uit. En onderzoekers dachten eigenlijk ook altijd dat het vrij relaxt was. Veel vissen hebben namelijk een met gas gevulde zwemblaas die ze in staat stelt om zonder dat daar zwembewegingen aan te pas komen op een bepaalde diepte te blijven drijven en dus niet te zinken of naar het oppervlak te stijgen. Met die wetenschap in gedachten en het feit dat rondhangende vissen nauwelijks bewegen, is de conclusie dat ze lekker aan het chillen zijn, snel getrokken.

Nieuw onderzoek
Maar nieuw onderzoek veegt die conclusie van tafel. In het blad Proceedings of the National Academy of Sciences is namelijk te lezen dat vissen juist veel energie verbruiken als ze een beetje rondhangen. “Het is helemaal geen vorm van rust,” stelt onderzoeker Valentina Di Santo.

Experiment
Di Santo en collega’s baseren die conclusie op experimenten. Hierbij plaatsten ze vissen in een watertank. Wanneer de vissen gingen ‘rondhangen’ of echt rustten (waarbij hun lichaam de bodem van de tank raakte) maten de onderzoekers hun zuurstofverbruik. Tijdens het ‘rondhangen’ werden met behulp van heel snelle camera’s ook de vinbewegingen van de vissen vastgelegd en geteld. Het onderzoek onthult dat vissen die stil in het water hangen gemiddeld twee keer zoveel energie verbruiken dan wanneer ze op de bodem rusten.

Instabiele vissen
Dat de vissen zoveel energie verbruiken terwijl ze ogenschijnlijk stil in het water hangen, denken de onderzoekers wel te kunnen verklaren. Hoewel vissen dankzij hun zwemblaas op diepte weten te blijven, zijn ze van nature instabiel, omdat hun zwaartepunt en hun drijfpunt niet op één lijn liggen. Het gevolg is dat ze geneigd zijn om te kantelen of om te rollen. Om dat te voorkomen, moeten de vissen voortdurend kleine vinbewegingen maken – en dat kost een hoop energie. “Stil in het water hangen is een beetje vergelijkbaar met je balans proberen te houden terwijl je op een fiets zit die niet beweegt,” aldus Di Santo.

Wendbaarheid
Dat een beetje rondhangen zoveel energie kost, lijkt misschien heel nadelig voor vissen. Maar we moeten verder kijken, zo betogen de onderzoekers. Hun onderzoek onthult namelijk dat vissen die de meeste energie verbruiken als ze stil in het water hangen, doorgaans ook het meest wendbaar zijn wanneer ze zwemmen. Dat stil in het water hangen zoveel energie kost, lijkt dan ook de prijs te zijn die vissen betalen voor de uitzonderlijke behendigheid die ze nodig hebben om zich in complexe omgevingen – zoals koraalriffen – te kunnen redden.

Het onderzoek geeft niet alleen meer inzicht in het leven van vissen – en hoe vermoeiend dat soms onverwacht kan zijn. De onderzoekers verwachten namelijk dat hun nieuwe inzichten ook kunnen helpen bij het ontwerpen van onderwaterrobots en -vaartuigen. Die moeten – net als vissen – zowel wendbaar als stabiel zijn. “Door te bestuderen hoe vissen de balans daartussen vinden, kunnen we waardevolle ontwerpideeën verkrijgen die van pas komen in de ontwikkeling van efficiëntere, anticiperende onderwatertechnologieën,” denkt Di Santo.

Bronmateriaal

"For fish, hovering is not restful" - University of California, San Diego
Afbeelding bovenaan dit artikel: Phil Zerofski / Scripps Institution of Oceanography

Fout gevonden?

Voor jou geselecteerd