Op social media duiken ze volop op: prachtige foto’s van het noorderlicht boven Nederland. Maar wat zie je dan precies, en waarom lukt het vaak wél met een telefoon en niet met je eigen ogen?
Diederik legt het in deze video uit (tekst gaat verder onder video):
De zon is geen simpel lampje dat wat licht en warmte uitdeelt. Soms doet hij iets wat je kunt vergelijken met een flinke boer (of zonnestorm): er komen dan allerlei geladen deeltjes vrij die richting de aarde schieten. Die deeltjes zijn ongeveer twee dagen onderweg. Als ze aankomen geven ze de atomen in onze atmosfeer als het ware een stevige opdonder, en dan gaan die atomen licht uitstralen.
Waarom groen?
Welke kleur je krijgt hangt af van welke atomen geraakt worden. Een bekend voorbeeld zijn oude straatlantaarns met die gekke oranje-achtige gloed: dat is natrium. Geef natriumgas een klap en je krijgt precies die specifieke oranje kleur. Zuurstof kan, wanneer het een opdonder krijgt, juist mooi groenig licht uitstralen.
Maar waarom zie je dat meestal niet in Nederland? De aarde werkt als een grote magneet, daarom doet een kompas het ook. Veel van die geladen deeltjes worden afgebogen en komen vooral verder naar het noorden terecht. Soms is het zó veel dat een deel lager uitkomt, bijvoorbeeld bij ons.
Hoezo ziet je telefooncamera het licht wel en je oog niet of nauwelijks?
En dan je telefoon. In een camera zit een lichtgevoelige chip (een CMOS) met pixels die lichtdeeltjes kunnen opvangen. Laat je de sluiter langer openstaan, seconden in plaats van een kort moment, dan verzamel je steeds meer licht. Zo kan je telefoon iets vastleggen dat voor het blote oog vaak nét te zwak is.



