De opkomst van invasieve grassoorten lijkt de groei van jonge eiken in Amerika flink te dwarsbomen. Nu blijkt dat bosbranden een handje kunnen helpen.
Amerikaanse natuurbeheerders maken regelmatig gebruik van gecontroleerde bosbranden om eikenbossen gezond te houden. Zulke branden ruimen brandbaar materiaal op van de bosbodem en zorgen ervoor dat er meer licht doordringt. Dat licht hebben jonge eiken hard nodig om te groeien.
Veel natuurbeheerders zitten echter met een groot probleem: de invasieve grassoort Microstegium vimineum, ook wel Japans steltgras genoemd. Dat gras kan de bosbodem volledig overwoekeren en daarmee inheemse planten verdringen. En misschien nog wel het meest vervelend: het kan branden een stuk ‘feller’ maken. Daardoor overleven uiteindelijk minder jonge eiken een gecontroleerde brand.
Leestip: Bosbranden veroorzaken veel meer luchtvervuiling dan gedacht
Hoogleraar Jennifer Fraterrigo zegt: “Dit is echt een groot probleem voor Amerikaanse natuurbeheerders. Het veroorzaken van gecontroleerde bosbranden is het meest effectieve middel dat ze hebben om grote gebieden te beheren. Als bosbranden ineens meer kwaad doen dan goed wordt het voor hen lastig om hun doelen te halen.”
Onderzoekers van de University of Illinois Urbana-Champaign onderzochten daarom hoe je eikenbossen het beste kan beschermen tegen Japans steltgras. Het antwoord: door vaker een bosbrand te veroorzaken worden de latere bosbranden uiteindelijk minder heet, waardoor meer jonge eiken blijven leven. Het onderzoek is te vinden in Journal of Applied Ecology.
Fellere bosbrand
Voor het onderzoek vertrokken de wetenschappers naar het Shawnee National Forest in het zuiden van Illinois. Ze onderzochten daar percelen met jonge eiken en voerden daar gecontroleerde branden uit. Daarna maten ze onder meer hoeveel licht de bosbodem bereikte, hoe heet de branden werden en hoeveel jonge eiken de brand overleefden.
De resultaten waren duidelijk. Percelen die vijf bosbranden meemaakten kregen gemiddeld 2,5 keer zoveel licht op de bosbodem als percelen die maar één bosbrand zagen. Daarbij viel op dat de maximale temperatuur van de branden daalt met ongeveer 18 graden Celsius per brand. Door vaker te branden blijft er minder ‘brandstof’ op de bosbodem liggen. Daardoor worden latere bosbranden minder intens. Die lagere temperatuur helpt jonge eiken om de brand te overleven.
Fraterrigo zegt: “Voorgaande onderzoeken keken alleen naar het effect van een of twee branden. Deze studie laat zien dat je heel veel bosbranden nodig hebt om het resultaat te krijgen dat je wilt.” Teamlid Dan Marshalla vult aan: “Onze resultaten laten zien dat bosbranden dus nog steeds een effectief middel kunnen zijn voor natuurbeheer, ongeacht of Japans steltgras wel of niet aanwezig is.”
Niet genoeg licht en ruimte
De resultaten zijn daardoor ook internationaal relevant. Eikenbossen zijn ecologisch belangrijk, maar in veel bossen staan jonge eiken vaak ook onder druk. Zonder voldoende licht en ruimte halen ze het vaak niet. Natuurbeheerders zoeken daarom al langer naar manieren om eiken een betere start te geven.
Dit onderzoek laat zien dat het veroorzaken van gecontroleerde bosbranden een krachtig hulpmiddel blijft, ook wanneer invasieve grassoorten aanwezig zijn. Chris Evans, die als bosbouwspecialist meewerkte aan het onderzoek, noemt dat misschien wel het meest opvallende van alles. Hij zegt: “Het interessantste was dat het herhaaldelijk veroorzaken van gecontroleerde bosbranden de negatieve effecten van Japans steltgras deels leek te verminderen.”
We schreven vaker over dit onderwerp, lees bijvoorbeeld ook Bosbranden slecht voor vogels? Integendeel: ze helpen vogels in Sierra Nevada al eeuwenlang en Schade door Canadese bosbranden veel groter: ook tienduizenden Europese doden . Of lees dit artikel: Iberisch Schiereiland geteisterd door hevigste bosbranden in decennia door klimaatverandering .
Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:


