Waarom de een gezond 100 wordt en de ander niet: deze belangrijke genen spelen waarschijnlijk een rol

Waarom blijft de een tot op hoge leeftijd kerngezond, terwijl de ander al twintig jaar eerder te maken krijgt met hartproblemen, diabetes of andere ouderdomsklachten? Het draait niet alleen om hoe gezond je leeft. Nederlandse onderzoekers denken een belangrijke factor te hebben gevonden die van generatie op generatie wordt doorgegeven.

We worden gemiddeld steeds ouder: in de afgelopen tweehonderd jaar is de levensverwachting spectaculair gestegen. Maar het is niet allemaal goud wat er blinkt: onze gezonde levensduur groeit niet zo snel mee. Met andere woorden: we leven langer, maar niet per se langer in goede gezondheid. Nieuw onderzoek van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) komt nu met een verklaring waarom sommige families hier beter in lijken te slagen dan andere.

Gezondheid die generaties meegaat

Uitzonderlijk oud worden is iets wat in bepaalde families voorkomt, dat is al langer bekend. Ook weten we dat mensen uit zulke families vaak pas op veel latere leeftijd chronische aandoeningen ontwikkelen. Maar waarom dat zo is, bleef tot voor kort een raadsel. Veel eerdere studies richtten zich op individuele 100-plussers. Volgens de Leidse onderzoekers, die hun studie presenteerden op het congres van de European Society of Human Genetic, is dat niet ideaal: bij het analyseren van een enkele persoon spelen naast genetica ook leefstijl, inkomen, omgevingsfactoren en puur toeval een grote rol. Daarom onderzochten zij complete families.

Eerder onderzoek binnen dezelfde groep liet al zien dat mensen van middelbare leeftijd met langlevende ouders gemiddeld 13 jaar later cardiometabole ziekten ontwikkelen dan partners van dezelfde leeftijd met minder langlevende ouders. “Dat maakt duidelijk dat niet alleen een hoge leeftijd, maar vooral een langere periode van gezond leven wordt doorgegeven aan volgende generaties”, legt onderzoeker Pasquale Putter van het LUMC uit.

Van 20.000 genen naar 350 verdachten

Het volledige DNA van 212 stokoude families is geanalyseerd. Daarbij bleken er vier gebieden in het genoom te zijn waar de genetische sleutels rondom gezond ouder worden waarschijnlijk verborgen zitten. “Daardoor konden we onze zoektocht terugbrengen van ongeveer 20.000 genen naar slechts 350 kanshebbers”, zegt Putter. Na verdere analyse bleven twaalf zeldzame genetische varianten over die lijken bij te dragen aan een langere gezonde levensduur. En een daarvan trok direct de aandacht.

Leestip: Honden en mensen lijken meer op elkaar dan gedacht: we delen dezelfde signalen van veroudering

Het gen dat ontstekingen afremt

De opvallendste kandidaat bleek een variant in het CGAS-gen. Dat gen werkt als een soort intern alarmsysteem. Zodra er DNA opduikt op plekken in een cel waar het niet thuishoort, bijvoorbeeld door een virus of beschadiging, zet CGAS een ontstekingsreactie in gang. Dat klinkt als een nuttig proces, maar er zit een grote keerzijde aan. Chronische ontsteking wordt namelijk steeds vaker gezien als een belangrijke motor achter veroudering. Uit de analyse bleek dat twee van de langlevende families niet beide volledig actieve kopieën van het CGAS-gen droegen, maar slechts één.

“Daardoor was hun ontstekingsreactie waarschijnlijk minder heftig, maar nog altijd wel sterk genoeg om infecties op te ruimen en schade te herstellen. Het lijkt er sterk op dat dit bijdraagt aan een langere periode van gezond leven en een hogere leeftijd”, aldus Putter. Het is opzienbarend hoe groot het effect van deze mutatie is in de laboratoriumexperimenten.

Maar het is oppassen voor te snelle conclusies. CGAS volledig uitschakelen is een paardenmiddel en zou juist schadelijk kunnen zijn: dan neemt de gevoeligheid voor infecties en kanker waarschijnlijk toe. Te veel activiteit is ook niet goed, omdat langdurige ontsteking schade veroorzaakt. Maar er zijn nog veel vragen en onduidelijkheden op dit vlak. De volgende stap is daarom onderzoek in levende dieren.

Killivis

En daar komt de killivis ten tonele. Killivissen zijn kleine eierleggende tandkarpers en hebben de twijfelachtige eer de kortst levende gewervelde dieren ter wereld te zijn, met een levensduur van slechts drie tot negen maanden. “Met killivissen kunnen we relatief snel testen of deze mutatie daadwerkelijk zorgt voor een langere levensduur en wat de effecten zijn op verschillende weefsels in het lichaam”, vertelt Putter. Daarnaast wil het team ook andere veelbelovende varianten uit de Leiden Longevity Study verder onderzoeken.

Congresvoorzitter Alexandre Reymond, die niet betrokken was bij het onderzoek, is erg enthousiast over de implicaties. “Dit onderzoek laat ons scherper kijken naar de factoren achter een lang leven in goede gezondheid. En belangrijker nog: het wijst op mechanismen waarmee we de gezonde levensjaren van iedereen kunnen verlengen.”

Wil je niets van Scientias missen? Volg Scientias op Google Discover dan zie je al onze verhalen!

Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:

Categorieën:

Bronmateriaal

"How a long, healthy lifespan may be passed down across generations" - European Society of Human Genetics in Gothenburg
Afbeelding bovenaan dit artikel: Juan Mendez / Pexels

Fout gevonden?

Voor jou geselecteerd