Er wordt vaak gezegd: “97 procent van de wetenschappers is het erover eens dat klimaatverandering bestaat, en dat het door de mens komt.”
Maar is dat wel zo? Waar komt dat cijfer vandaan? En is het niet gewoon onzin? Want dat wordt óók vaak geroepen.
Die 97 procent komt uit een onderzoek van John Cook en collega’s uit 2013. Zij analyseerden bijna 12.000 wetenschappelijke samenvattingen van klimaatpublicaties tussen 1991 en 2011. Die deelden ze op in categorieën.
Sommigen zeiden expliciet: klimaatverandering komt door de mens. Een heel klein deel zei: nee, dat is niet zo. En het grootste deel? Die zei er niks expliciet over.
En dáár zit vaak de discussie.
Want wat je dan ziet is dat van de artikelen die wél een uitspraak doen, 97 procent zegt: dit komt door de mens.
Maar dit betekent dus niet dat 97 procent van álle papers dat zegt — veel papers nemen de menselijke klimaatverandering gewoon als uitgangspunt of hebben een ander doel.
Bijvoorbeeld:
Een artikel over hoe we klimaatverandering kunnen tegengaan, zonder in te gaan op wat de oorzaak is. Waarom zouden ze zo’n artikel schrijven denk je als er niks aan de hand is.
Of een studie over toekomstige snelheid van gletsjers die smelten, of temperatuurgradienten in smeltende gletsjers zonder dat ze expliciet zeggen: dat komt door menselijke CO₂-uitstoot.
Of deze publicatie kijkt hoe we de taak kunnen automatiseren om ijslaagdikte te meten vanuit satelliet data en hoe dat te kijken is.
Dat soort papers versterken wél de theorie dat de huidige klimaatverandering door de mens komt, want ze helpen andere expliciete publicaties, maar ze benoemen het niet letterlijk — en worden daardoor soms ten onrechte als “neutraal” gezien.
Toen kwam er in 2021 een vervolgstudie.
Onderzoekers Lynas, Houlton en Perry bekeken toen niet 12.000 maar 88.125 klimaatwetenschappelijke publicaties, gepubliceerd tussen 2012 tot 2020. Daaruit trokken ze willekeurig 3.000 papers om met de hand te beoordelen.
Ze gebruikten zeven categorieën — van expliciet voor, tot expliciet tegen, tot neutraal of onzeker. Daarna gingen ze echt hun best doen want ze gingen ook expliciet op zoek naar sceptische publicaties.
Ze zochten bijvoorbeeld op termen als “natural cycles”, “solar variability” etc. — dus echt gericht op argumenten tegen menselijke invloed.
En wat bleek?
Van de 3.000 willekeurig gekozen papers waren er twee publicaties die menselijke invloeden expliciet ontkennen en twee die het impliciet ontkennen en bijna 900 die de menselijke oorzaak expliciet en impliciet benoemen. En door naar allerlei sceptische argumenten te zoeken in die 88 duizend publicaties vonden ze 28 publicaties die impliciet of expliciet de menselijke component tegenspreken.
Dus nee, consensus is niet elkaar napraten maar er is gewoon bijna niets gevonden dat het tegenspreekt. Zo vreselijk veel bewijs voor en zo weinig bewijs tegen dat het misschien onverantwoord is om te gokken op dat die handjevol uitzonderingen toch gelijk blijken te hebben.



