Een piepklein, eencellig organisme voelt zich als een vis in het water bij temperaturen waarbij alle andere bekende complexe levensvormen het loodje leggen.
De nieuwe amoebesoort, die eet en zich voortplant in warmwaterbronnen van wel 63 graden leeft in Lassen Volcanic National Park in Californië. Stijgt het kwik richting de 70 graden, dan redt het eencellige wezentje zich door van vorm te veranderen en een beschermend eiwitlaagje om zich heen te boetseren.
Verrassende ontdekking
Jarenlang gingen wetenschappers ervan uit dat 60 graden zo ongeveer de bovengrens was voor eukaryoten. Dit zijn organismen met complexe cellen, waar alle dieren, planten, schimmels en sommige microben onder vallen. Slechts een handjevol soorten kwam ooit in de buurt van die grens. Er zijn al eerder sporen van amoebes gevonden vlakbij hete bronnen, maar tot nu toe had niemand grondig onderzocht of de beestjes de extreme hitte ook echt konden overleven. Microbioloog Angela Oliverio van Syracuse University en haar team besloten de proef op de som te nemen. Tussen 2023 en 2025 verzamelden ze organismen uit geothermische stroompjes in het park, waar het water tussen de 47 en 64 graden warm is.
De amoebe die maar bleef doorgroeien
Een onbekende amoebe viel meteen op. In het lab groeide hij moeiteloos door bij 57 graden, sowieso al een record voor amoebes. De onderzoekers verhoogden de temperatuur verder en bij 63 graden zagen ze het diertje doodleuk aan celdeling beginnen. Daarmee was het bewijs rond: dit was geen toevalstreffer, de amoebe floreerde ruim voorbij de oude hittegrens voor eukaryoten. De nieuwe soort kreeg de naam Incendiamoeba cascadensis, wat zoveel betekent als ‘vuuramoebe uit de Cascades’. Boven de 63 graden trekt het organisme aan de noodrem: het verandert van vorm en bouwt een beschermend omhulsel om zich heen. Zelfs na een bad van 70 graden herstelde de amoebe zich, toen het water om hem heen weer wat afkoelde.
Het geheim zit in de eiwitten
Genetisch onderzoek laat zien dat de vuuramoebe extra genen heeft voor eiwitonderhoud en DNA-herstel, iets wat andere, minder hittebestendige amoebes missen. Bijzonder is ook dat de eiwitten van de amoebe meer positief geladen aminozuren bevatten aan hun oppervlak, een truc die je ook terugziet bij sommige van de meest hittebestendige bacteriën. De positieve lading helpt waarschijnlijk om eiwitten stabiel te houden. Ze vallen niet uit elkaar en klonteren ook niet samen in de hitte. “Ook al zijn deze organismen compleet verschillend, toch zie je dat de eigenschappen van hun eiwitten op dezelfde manier worden geselecteerd om bestand te zijn tegen hoge temperaturen”, legt onderzoeker Beryl Rappaport van Syracuse University uit.
Leestip: Welke dieren krijgen het te heet? Dit systeem voorspelt het maanden vooraf
Elke graad telt
De vuuramoebe verslaat het oude eukaryotenrecord slechts met een paar graden. Maar volgens Oliverio kan dat juist andere onderzoekers aanmoedigen om organismen te testen zonder vooraf een limiet in gedachten te hebben. “Bij elk nieuw wereldrecord in de sport vieren we feest, ook al gaat het maar om milliseconden”, zegt Oliverio. “Dat zouden we bij amoebes ook moeten doen. Deze kleine verschuivingen verruimen ons beeld van wat mogelijk is.”
Het absolute hitterecord voor alle leven blijft trouwens in handen van Methanopyrus kandleri, een eencellig organisme dat bij hydrothermale bronnen op de oceaanbodem gedijt bij maar liefst 122 graden. Maar dit is een relatief simpel wezentje zonder complexe cel. De vuuramoebe is voorlopig de kampioen onder de eukaryoten.
Wil je niets van Scientias missen? Volg Scientias op Google Discover dan zie je al onze verhalen!
Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:

