Het geheim van een lang leven? Een bepaald soort vrouwtjesapen heeft het misschien ontdekt: hun vriendinnen zorgen ervoor dat ze gezond blijven.

Antropologen bestudeerden het gedrag van de vrouwelijke witkopkapucijnaapjes, die in de tropische bossen in het noordwesten van Costa Rica leven en kwamen erachter hoe nuttig het is voor de dieren om vriendinnen te hebben. “Als mensen gaan we ervan uit dat sociale interacties enig voordeel hebben, maar het blijkt heel moeilijk om het succes van dit sociale gedrag objectief te meten”, zegt Susan Perry, hoogleraar antropologie en veldprimatologe aan de UCLA. “Waarom investeren we zoveel in onze relaties met anderen? Leidt het tot een langere levensduur? Leidt het tot een betere voortplanting? Het is heel lastig om dit bij mensen en andere dieren vast te stellen.”

Voor elkaar zorgen
Perry leidt sinds 1990 het Lomas Barbudal Capuchin Monkey Project in Guanacaste in Costa Rica, waar haar onderzoeksteam het dagelijks leven van honderden apen met relatief grote hersenen documenteert. Je zou verwachten dat chimpansees en orang-oetans, die nauwer verwant zijn aan mensen, de interessantste informatie opleveren, maar het zijn juist de witkopkapucijnapen die extreem complexe sociale structuren kennen, die hun gedrag beïnvloeden en aan anderen worden doorgegeven.

Het hele jaar door trekt Perry’s team het bos in voor dertien uur durende observatiedagen om te proberen conclusies te trekken die ons kunnen helpen onze eigen relaties, cultuur en gedrag te begrijpen. De onderzoekers volgden achttien jaar lang de interactie tussen de vrouwtjesapen onderling, maar ook tussen mannetjes en vrouwtjes. Interacties die in het onderzoek werden geteld, omvatten het geven en ontvangen van verzorging (grooming), foerageren in de buurt en deelnemen aan conflicten (tussenbeide komen om elkaar te helpen door te vechten, achtervolgen of agressieve geluiden en gezichtsuitdrukkingen te maken).

Grote verschillen
Hun belangrijkste bevinding: volwassen vrouwelijke kapucijnapen die beter geïntegreerd zijn in sociale netwerken met andere volwassen vrouwtjes, overleven langer. En de verschillen zijn aanzienlijk, legt hoofdonderzoeker Kotrina Kajokaite uit aan Scientias.nl.Onze modellen tonen aan dat een vrouwtjesaap die nauwelijks andere vrouwtjesapen verzorgt (grooming) een kans heeft van 0,24 om binnen een jaar te overlijden, terwijl de meest fanatieke vrouwelijke verzorgers een kans hebben van 0,01 om te overlijden. Een vrouwtje dat het minst vaak in de buurt van andere vrouwtjes naar voedsel zoekt, heeft een kans om binnen een jaar te overlijden van 0,08 en een vrouwtje dat het vaakst in de nabijheid van andere vrouwtjes foerageert, heeft een kans op overlijden van 0,01.”

Hoger in de hiërarchie
Kajokaite en haar team hebben nog geen onderzoek gedaan naar de mechanismen achter deze hogere overlevingskans door sociale interactie. “Dat is de volgende stap in ons onderzoek.” Wel zijn er ideeën over mogelijke verklaringen. “Sociale interactie kan leiden tot verschillende voordelen, zoals een betere toegang tot hulpbronnen, minder kans om prooi te worden, een lager risico op verwonding en een hogere plaats in de hiërarchie”, legt ze uit.

“Er kan een direct verband zijn: Door de sociale interactie is er bijvoorbeeld een betere toegang tot voedselbronnen, wat van invloed is op de overlevingskansen. Maar het verband kan ook meer indirect zijn: vrouwtjesapen kunnen bijvoorbeeld verzorging ruilen voor coalitiesteun, wat kan leiden tot minder verwondingen en tot een hogere sociale status van vrouwen. Het is ook mogelijk (en zeer waarschijnlijk) dat de vrouwtjes meerdere strategieën volgen en dat er meerdere manieren zijn waarop sociale interactie tot een hogere overlevingskans leidt. De strategie kan ook per vrouwtjesaap verschillen.”

Net apen
Vrouwtjesapen hebben elkaar dus nodig voor een langer leven. Wat zegt dat over vrouwtjesmensen? Kajokaite legt uit dat haar apenstudie eigenlijk een gevolg is van het gedrag dat we bij mensen zien. “De relatie tussen sociaal gedrag en levensverwachting is algemeen bekend bij mensen, maar bij dieren zijn we dat nog maar recent gaan onderzoeken. Dat komt vooral doordat onderzoek vele jaren duurt en veel geduld vraagt van onderzoekers, studenten en andere enthousiastelingen.” Toch kan ze één belangrijke conclusie trekken: “Ondanks de talrijke verschillen in de sociale omgeving van mensen en dieren, is het verband tussen sociale integratie en de natuurlijke levensverwachting grotendeels hetzelfde bij mensen en niet-menselijke primaten. Individuele variatie in de impact van het sociale leven op de overlevingskansen is bovendien niet uniek voor mensen.”

En de mannen dan?
Opvallend is dat er geen bewijs is dat heteroseksuele relaties de kans op overleving vergroten voor vrouwtjesapen, althans niet als het gaat om het soort gedrag dat in deze studie werd gemeten. Maar dit sluit niet uit dat sommige volwassen vrouwtjesapen baat kunnen hebben bij sociale interactie met een of enkele mannelijke partners die voor langere tijd bij hen wonen. “Het was verrassend dat de interactie tussen vrouwtjes en mannetjes geen gunstig effect had op de overlevingskans van vrouwtjes. Mannetjeskapucijners zijn fysiek groter en sterker dan vrouwtjes, ze hebben grote hoektanden en staan boven vrouwtjes in de dominantiehiërarchie”, legt Kajokaite uit. “Dit maakt hen waardevolle coalitie- en ruilpartners. De vrouwtjes zouden bijvoorbeeld steun bij gevechten kunnen ontvangen van de mannetjes in ruil voor hulp bij het voedsel zoeken of verzorgen. Zulke uitruil zou de overlevingskans van vrouwtjes kunnen vergroten doordat ze minder risico lopen om gewond te raken en betere toegang hebben tot hulpbronnen.”

Waarom dit dan toch niet gebeurt? “Mannetjes migreren meerdere keren in hun leven. De meerderheid verblijft maar korte tijd in een groep, terwijl vrouwtjes in de groep blijven waarin ze geboren zijn”, verklaart de onderzoeker. “Het gevolg is dat volwassen vrouwtjes minder de gelegenheid hebben om langdurige relaties aan te gaan met mannetjesapen. En dus veel hechtere banden hebben met andere vrouwtjes.” Dat wil overigens niet zeggen dat dit altijd zo is. “We sluiten de mogelijkheid niet uit dat volwassen vrouwtjes voordeel hebben van sociale interactie met een of enkele mannetjespartners die voor langere periodes bij hen blijven.”

Maar de belangrijkste en opmerkelijkste conclusie is verreweg: apen leven langer als ze goede vriendinnen hebben.