Onderzoekers hebben ontdekt dat bepaalde hersengebieden extreem actief worden bij het kijken naar voetbalwedstrijden van je favoriete team.
Ajax, Feyenoord, Go Ahead Eagles en PEC Zwolle: het zijn allemaal voetbalclubs waarvan een deel van de fans elkaar bijna naar het leven staat. Maar hoe komt dat eigenlijk?
Uit onderzoek dat is gepubliceerd in Radiology blijkt dat er heftige positieve en negatieve emoties ontstaan bij fans die naar wedstrijden kijken waarin de thuisclub tegen een grote concurrent speelt. Deze emoties lijken ook voor te komen bij andere vormen van extreem fangedrag. De betrokken hersenroutes worden al vroeg in het leven gevormd.
Wereldwijd geliefde sport
Over de hele wereld is voetbal populair en overal zijn uitzinnige fans, denk ook aan de harde kern van voetbalclubs. Wetenschappers wilden de sociale identiteit van fans bestuderen, bijvoorbeeld hoe ze emoties verwerken na een wedstrijd of wanneer ze slaags raken met de politie als hun club heeft verloren.
Rivaliteit is diepgeworteld in de sportgeschiedenis. Fans doorlopen een scala aan emoties wanneer ze hun team zien winnen of verliezen. Voetbalfans staan bekend om hun loyaliteit en uitbundige enthousiasme, vooral in Europa en Zuid-Amerika.
“Het voetbalfandom biedt een omgeving die lijkt op andere radicale milieus, waardoor we het goed kunnen gebruiken om dit type gedrag te analyseren”, aldus onderzoeker Francisco Zamorano. Hij is bioloog en universitair hoofddocent aan de faculteit Gezondheidswetenschappen in Santiago, Chili. “Hoewel de behoefte om deel te nemen aan positieve sociale interacties uitgebreid is onderzocht, is nog onduidelijk welke factoren een rol spelen bij die sociale identiteit. Daarom hebben we de mechanismen in de hersenen onderzocht die verband houden met de emotionele reacties van voetbalfans op de overwinningen en verliezen van hun teams.”
Verschillende reacties van de hersenen op winst en verlies
Voor de studie gebruikten onderzoekers functionele MRI (fMRI), een techniek die hersenactiviteit meet door veranderingen in de bloedstroom te registreren. Dit deden ze bij zestig gezonde mannelijke voetbalfans tussen de 20 en 45 jaar. Zij vulden een vragenlijst in over twee clubs die elkaar in de geschiedenis tot aartsvijand hadden verklaard. De vragenlijst omvatte twee onderdelen: neiging tot geweld en gevoel van verbondenheid.
De scans werden verzameld terwijl de deelnemers naar 63 doelpuntenreeksen keken van historische wedstrijden tussen hun favoriete team, een rivaal of een neutraal team. Vervolgens werd een volledige hersenanalyse uitgevoerd om te bekijken hoe de neuronen reageerden wanneer het favoriete team of juist de rivaal scoorde. Er was ook een controlegroep met fans van niet-rivaliserende clubs. De fMRI-scans toonden aan dat de hersenactiviteit veranderde wanneer het team van de fan won of verloor.
“Rivaliteit tussen clubs verandert de balans tussen waardering en emotionele beheersing in de hersenen binnen enkele seconden”, aldus Zamorano. “Bij een duidelijke overwinning wordt het beloningscircuit in de hersenen sterker geactiveerd dan bij clubs die minder als vijand worden gezien. Bij een duidelijke nederlaag zie je dat een specifiek gebied in de hersenen daarbij een rol speelt: de dorsale anterior cingulate cortex, die betrokken is bij onder meer het oplossen van conflicten, aandacht en het nemen van beslissingen, werkt juist tegengesteld. In plaats van gedachten, gevoelens en gedrag te onderdrukken, versterkt die ze juist.”
Rivalen bepalen de groepsidentiteit
Een grotere activatie in de hersengebieden vond plaats wanneer de teams van de deelnemende voetbalfans scoorden tegen rivalen in plaats van niet-rivalen, wat wijst op groepsbinding en versterking van de sociale identiteit. Zamorano merkt op dat het effect het sterkst is bij zeer fanatieke fans, zoals die in de harde kern. Dat verklaart waarom mensen die normaal gesproken over voldoende rationeel denkvermogen beschikken, plots ‘uit hun plaat’ gaan tijdens wedstrijden. “Datzelfde patroon, meer beloning en minder beheersing bij rivaliserende clubs, veroorzaakt waarschijnlijk ook buiten de sport politieke en sektarische conflicten.”
Uit de resultaten blijkt dat communicatie, crowdmanagement en preventiestrategieën van invloed kunnen zijn op de versterkte reactie bij rivaliteit, aldus Zamorano.
Preventie vooral bij kinderen
“Het bestuderen van voetbalfanatisme is belangrijk omdat het duidelijk maakt hoe de hersenen van invloed zijn op de vraag of iemand blijk geeft van voetbalpassie of juist overgaat tot polarisatie, geweld en schade aan de volksgezondheid bij bepaalde groepen”, besluit hij. “Het belangrijkste is dat op jonge leeftijd de juiste dingen worden aangeleerd: blootstelling aan stress en socialisatie vormen de balans tussen waardering en beheersing. De krachtigste preventiestrategie is dan ook om ervoor te zorgen dat kinderen een goede jeugd hebben. In samenlevingen die de vroege ontwikkeling bij kinderen verwaarlozen, kan dit extremistische fanatisme verergeren.”


