Ondanks het kelderende aantal insecten, blijken de overgebleven exemplaren ongekende schade aan planten aan te richten. En dat is onze eigen schuld.

Je hebt het vast weleens gezien: kevers of rupsen die hapjes nemen uit je zorgvuldig verzorgde planten in je tuin. Veel insecten hebben het op bladeren voorzien, denk bijvoorbeeld ook aan bladluizen, witte vliegen en tripsen die het sap uit planten zuigen. Al deze diertjes veroorzaken op hun eigen manier schade aan een plant. Op zich een natuurlijk proces. Maar onderzoekers hebben nu in een nieuwe studie ontdekt dat insecten tegenwoordig veel meer schade aanrichten dan vroeger – en dat terwijl hun aantallen afnemen.

Bladschade
In de nieuwe studie bestudeerden de onderzoekers de schade die herbivore insecten vandaag de dag aanrichten aan boombladeren, verzameld uit drie verschillende bossen. Vervolgens vergeleken ze dit met de schade op teruggevonden gefossiliseerde bladeren. Het team beschikte zelfs over afgekloven bladeren uit het Late Krijt (zo’n 67 miljoen jaar geleden). Vervolgens analyseerden ze de verschillende soorten beschadigingen die de insecten hadden veroorzaakt. “Elk type is uniek en kan worden onderscheiden van andere,” vertelt onderzoeker Lauren Azevedo-Schmidt in een interview met Scientias.nl. “Denk aan kleine gaatjes of zuigsporen. We ontdekten dat de schade die hedendaagse insecten aanrichten nagenoeg hetzelfde is als in het verleden. Maar het aantal beschadigde bladeren is tegenwoordig vele malen groter.”

Dit 54 miljoen jaar oude fossiele blad vertoont schade veroorzaakt door insecten. Afbeelding: Lauren Azevedo-Schmidt

Uit de bevindingen blijkt dat hedendaagse insecten minimaal twee keer zoveel bladeren aantasten als in het verleden. Bovendien blijkt dit met name na de Industriële revolutie een vlucht te hebben genomen. Bladeren verzameld uit 2000 hebben zo’n 23 procent meer kans op insectenschade dan exemplaren uit 1900. Dit verschil tussen het moderne tijdperk en het fossielenbestand is volgens Azevedo-Schmidt opvallend. “Ik ben nog steeds geschokt,” zegt ze. “Ik had verwacht een toename te zien vanwege de mens, maar niet op deze manier. Bijna alle soorten schade zijn toegenomen. Dit impliceert dat dit niet slechts het werk is van één insectensoort of groep – ze zijn het allemaal.”

Oorzaken
Hoewel er meer onderzoek nodig is om de precieze oorzaken te achterhalen, vermoedt Azevedo-Schmidt dat een opwarmend klimaat, verstedelijking en de introductie van invasieve soorten een belangrijke rol spelen. “De aarde heeft vaker warmere periodes gekend,” legt ze uit. “Maar het tempo waarin onze planeet toen opwarmde ging veel langzamer. Hierdoor konden planten en insecten zich makkelijker aan een nieuwe, warmere wereld aanpassen. De hedendaagse klimaatverandering gaat razendsnel. En daar hebben met name planten last van. Insecten kunnen zich beter aanpassen, waardoor ze een voordeel hebben ten opzichte van hun voedselbron.” Daarnaast beïnvloedt de bouw van wegen, landbouw en huisvesting de manier waarop insecten zich door landschappen bewegen. “Insecten worden naar kleinere gebieden gedwongen, waardoor ze op deze plekken veel schade aanrichten aan de beperkte hoeveelheid planten die hier groeien,” aldus Azevedo-Schmidt. “Ten slotte worden er door de mens in sommige gebieden nieuwe plantensoorten geïntroduceerd. Het gevaar hiervan is dat dergelijke planten inheemse soorten verdringen. Bovendien komen er door de introductie van nieuwe planten ook weer nieuwe insectenrelaties. En zo zet de cyclus zich voort.”

De plant
De insecten laten de planten vervolgens met half opgevreten bladeren achter. En nu dit in groten getale gebeurt, heeft dat verstrekkende gevolgen. “In bladeren vindt fotosynthese plaats,” legt Azevedo-Schmidt uit. “Wanneer een blad echter wordt beschadigd door een insect, kan de plant niet langer in hetzelfde tempo fotosynthetiseren. Dit heeft vervolgens een negatieve invloed op zijn algehele gezondheid. Als bladeren voortdurend worden aangetast, kan dit een plant uiteindelijk zelfs fataal worden.”

Wat kunnen we doen?
Het is zorgwekkend nieuws. Bossen zijn namelijk heel belangrijk, zowel voor onszelf als voor dieren. “Hun gezondheid en stabiliteit zouden we dan ook beter moeten waarborgen,” aldus Azevedo-Schmidt. De vraag is of we iets kunnen doen om het tij te keren. Azevedo-Schmidt is twijfelachtig. “Ik ben er niet van overtuigd dat slechts één managementtechniek zal helpen,” denkt ze. “We zullen moeten proberen klimaatverandering te vertragen. Ook zou het geen kwaad kunnen om alleen inheemse plantensoorten in bepaalde landschappen te laten groeien.” Daarnaast zouden we ons meer bewust moeten zijn van de manier waarop we omgaan met het terrestrische landschap.

Al met al laten de onderzoekers met hun studie zien hoe buitengewoon vaak bladeren in hedendaagse bossen door herbivore insecten worden aangetast – en hoe dit vervolgens belangrijke processen beïnvloedt. “Ondanks dat we geregeld verhalen horen over uitbraken van insecten of afnemende bebossing door een invasieve soort, konden we dit eigenlijk niet in een goede context plaatsen,” zegt Azevedo-Schmidt. “Nu we de hedendaagse gegevens hebben vergeleken met het fossielenbestand, zien we pas echt waar we mee te maken hebben en hoe ongekend de huidige situatie is.”