Van incels tot extreemrechts: vrouwenhaat blijkt bij tienerjongens opvallend vaak samen te gaan met extremisme

De manosphere blijft een gevaarlijke invloed hebben op met name tienerjongens. Ze laten zich beïnvloeden door engerds als Andrew Tate (beschuldigd van verkrachting en mensenhandel) en worden zo niet zelden overtuigde vrouwenhaters. Volgens nieuw onderzoek is deze misogynie zelfs een belangrijke voorspeller van extremisme.

De opvallendste uitkomst van een grote Australisch studie is namelijk dat achter allerlei vormen van extremisme steeds dezelfde houding schuilgaat: vijandigheid tegenover vrouwen. Voor het onderzoek werden meer dan 3400 Australiërs ondervraagd, onder wie voor het eerst ook tieners vanaf dertien jaar. Ze kregen vragen over zes vormen van extremisme: incel-, extreemrechts, white supremacy, religieus, extreemlinks en antifeministisch extremisme.

Wat is de manosphere?
De manosphere is een verzamelnaam voor online-community’s waarin traditionele ideeën over mannelijkheid, antifeminisme en uitgesproken vijandigheid tegenover vrouwen centraal staan.

“Mannen moeten vrouwen domineren”

De deelnemers reageerden onder meer op uitspraken als: ‘Soms ergeren vrouwen me alleen al door er te zijn’, ‘de man is het hoofd van het huishouden en de vrouw moet hem gehoorzamen’ en ‘feminisme is een haatbeweging’. Eén factor sprong er bij alle zes vormen uit. Politieke ideologie, religie, etniciteit en de hoeveelheid tijd die iemand online doorbracht, bleken minder sterk samen te hangen met steun voor extremistisch geweld dan vijandigheid tegenover vrouwen. Sterker nog: die misogyne houding leidde tot een groter onderscheid tussen mensen die extremistisch geweld steunen en mensen die dat niet doen dan alle vormen van online-activiteit bij elkaar.

Dat patroon beperkte zich niet tot de manosphere. Dezelfde houding hing ongeveer even sterk samen met incelgeweld, religieus extremisme, extreemrechts en extreemlinks geweld. “Misogynie is de ideologische bron waaruit ze allemaal putten”, aldus de onderzoekers. Onder de verschillende manifesten en vijandbeelden zitten telkens dezelfde angstaanjagende ideeën: mannen moeten vrouwen domineren, overtreding van de ‘natuurlijke’ genderorde verdient straf en geweld om die orde te herstellen is legitiem.

Leestip: Onderzoekers tonen aan dat de meeste mannen niks moeten hebben van toxic masculinity

Niet alle schermtijd is hetzelfde

Opvallend is ook wat er gebeurt wanneer naar online-gedrag wordt gekeken. Veiligheidsdiensten hebben veel aandacht voor gamen, online-fora en sociale media. Maar zodra rekening werd gehouden met opvattingen over vrouwen, bleek dit nauwelijks nog zelfstandig samen te hangen met extremistische attitudes. Drie online-omgevingen vielen wel op: content van manfluencers, online-datingplatforms en porno.

Het volgen van manfluencers was in de volledige dataset de sterkste voorspeller van misogynie. Online daten en porno waren het nauwst verbonden met opvattingen die geweld tegen vrouwen vergoelijken. Maar toen vervolgens werd getest of dit rechtstreeks samenhing met extremisme, verdween vrijwel al hun voorspellende kracht zodra vijandige genderopvattingen werden meegerekend. Het gevaar lijkt daarmee vooral te zitten in wat mensen er over vrouwen leren geloven. Porno vormde een uitzondering. Ook nadat rekening was gehouden met de misogynie waarmee het samenhing, bleef er een kleine maar reële directe relatie met extremisme bestaan.

Hoe zit het in Nederland?
Ook op Nederlandse scholen is de invloed van de manosphere zichtbaar. Uit recent onderzoek onder onderwijsprofessionals blijkt dat 78 procent van de docenten in het voortgezet onderwijs denkt dat jongens in enige mate worden beïnvloed door online-ideeën over mannelijkheid en vrouwen. Bijna de helft hoort maandelijks of vaker vrouwonvriendelijke grappen of opmerkingen. Influencers als Andrew Tate worden daarbij expliciet genoemd. De gevolgen zijn merkbaar in de klas: docenten signaleren meer verbale agressie, pestgedrag en spanningen tussen jongens en meisjes. Ruim de helft merkt dat meisjes zich door uitspraken van jongens soms of regelmatig onveilig voelen.

Tienerjongens springen eruit

Misschien wel het zorgwekkendst zijn de resultaten onder jongeren. Tienerjongens bleken het vaakst een misogyne houding te hebben, vrouwen te wantrouwen en starre traditionele genderrollen te onderschrijven. Ook tienermeisjes stemden opvallend vaak in met veel van die ideeën, vaker dan volwassen vrouwen. Meer dan een kwart van de tienerjongens onderschreef daarnaast extreemrechtse, extreemlinkse en gewelddadige white supremacy-uitspraken. Een op de vier vond dat feminisme met geweld bestreden moet worden.

Een aanvullend onderzoek onder 511 Australische leraren laat zien hoe zichtbaar het probleem inmiddels in de klas is. 62 procent noemde online-misogynie een zorg binnen de eigen klas en 57 procent had leerlingen zelf antifeministische opvattingen horen uiten. Een kwart wees de invloed van de manosphere als probleem aan, 28 procent meldde dat misogynie het welzijn van leerlingen actief aantastte.

Gedeelde wortel

De consequentie raakt daarmee ook het veiligheidsbeleid. Incelradicalisering, extreemrechts en religieus gemotiveerd geweld worden momenteel als afzonderlijke fenomenen behandeld. De resultaten wijzen echter op een gedeelde wortel.

Dat maakt maatregelen die zich vooral richten op platforms, zoals sociale-mediabeperkingen voor jongeren onder de zestien, een grof instrument. Eerder ingrijpen op vijandige genderopvattingen en scherper kijken naar wat jongeren over gender meekrijgen, sluit volgens de studie beter aan bij het gevonden patroon.

Wie geweld tegen vrouwen uitsluitend als kwestie van gendergelijkheid behandelt, mist daarmee mogelijk een belangrijk deel van het vraagstuk rond radicalisering. Of zoals de auteurs het formuleren: beleid beschermt dan tegen het platform, in plaats van tegen ‘het gif dat erdoorheen stroomt’.

Wil je niets van Scientias missen? Volg Scientias op Google Discover dan zie je al onze verhalen!

Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:

Categorieën:

Bronmateriaal

"Misogyny, Online Radicalisation, and Youth Extremism in Australia" - University of Melbourne
Afbeelding bovenaan dit artikel: Vika Glitter / Pexels

Fout gevonden?

Voor jou geselecteerd