Een gelige waas in de lucht of een laagje stof op je auto? Grote kans dat het Saharastof was.
Een nieuwe studie, gepubliceerd in Nature, laat zien dat de hoeveelheid mineraal woestijnstof die Europa bereikt de afgelopen tien jaar aanzienlijk is toegenomen. Vooral Zuid-Europa en het Middellandse Zeegebied worden steeds zwaarder getroffen. Dat heeft niet alleen gevolgen voor de luchtkwaliteit, maar ook voor de volksgezondheid.
Metingen verspreid over heel Europa
Om de ontwikkeling van de stofconcentraties in kaart te brengen, verzamelden internationale onderzoekers ongeveer 18.500 dagelijkse metingen van stofgerelateerde metalen, zoals aluminium, titanium, silicium, calcium en ijzer. De gegevens waren afkomstig van 103 meetlocaties in zowel stedelijke als landelijke gebieden verspreid over Europa.
Met behulp van deze metingen ontwikkelden de onderzoekers vervolgens een machinelearningmodel waarmee zij de dagelijkse stofconcentraties tussen 2012 en 2021 konden reconstrueren. In vrijwel heel Europa nam de hoeveelheid woestijnstof toe, met de grootste stijgingen in de lucht boven Italië, de Adriatische Zee en de Egeïsche Zee.
Niet vaker, maar wel heftiger
Opvallend genoeg vonden de wetenschappers geen bewijs dat periodes met veel woestijnstof vaker voorkomen. Wel werden de afzonderlijke stofwolken steeds intenser. Volgens de onderzoekers hangt dat waarschijnlijk samen met twee ontwikkelingen. Enerzijds verandert de atmosferische circulatie door klimaatverandering, waardoor stof gemakkelijker richting Europa wordt getransporteerd. Anderzijds neemt de verwoestijning in Noord-Afrika toe. Door langdurige droogte en afnemende vegetatie kan de wind meer stof van het aardoppervlak opnemen en over grote afstanden verspreiden.
Ook analyses van ijskernen uit de Alpen ondersteunen dat beeld. Daaruit blijkt dat de hoeveelheid stof die jaarlijks wordt afgezet sinds de pre-industriële periode met ongeveer 110 procent is toegenomen. Volgens de onderzoekers wijst dat op een langetermijntrend die waarschijnlijk samenhangt met de toenemende droogte in Noord-Afrika.
Schadelijk voor de gezondheid
Woestijnstof bestaat uit zeer kleine minerale deeltjes die diep in de longen kunnen doordringen. Het draagt in belangrijke mate bij aan de concentratie fijnstof (PM10) in de lucht. Fijnstof wordt al langer in verband gebracht met luchtwegproblemen, hart- en vaatziekten en een verhoogd risico op vroegtijdige sterfte.
In Zuid-Europa was aangevoerd woestijnstof in 2021 goed voor ongeveer 31 procent van de jaarlijkse PM10-richtwaarde van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). Bewoners van deze regio kregen gemiddeld te maken met ongeveer 46 dagen per jaar waarop grote hoeveelheden woestijnstof werden aangevoerd.
Leestip: Dit Nederlandse ruimte-instrument onthult de wereldwijde impact van fijnstof
Volgens de onderzoekers steeg de dagelijkse sterfte tijdens zulke stofperiodes gemiddeld met 0,67 procent. Dat betekent niet dat woestijnstof direct de oorzaak is van alle extra sterfgevallen, maar wel dat er een statistisch verband bestaat tussen hogere stofconcentraties en een hogere dagelijkse sterfte.
Een groeiend probleem
De onderzoekers verwachten dat woestijnstof een steeds grotere uitdaging kan worden voor de luchtkwaliteit in Europa. Naarmate Noord-Afrika verder uitdroogt en atmosferische patronen veranderen, kan de hoeveelheid stof die Europa bereikt verder toenemen.
Wil je niets van Scientias missen? Voeg Scientias toe als voorkeursbron op Google dan zie je al onze verhalen!
Tegelijkertijd plaatsen de onderzoekers een kanttekening. Niet alle delen van Europa beschikken over evenveel meetstations. Vooral in Noordoost-Europa, de Balkan en Scandinavië zijn de beschikbare gegevens nog beperkt. Verdere metingen zijn daarom nodig om een completer beeld te krijgen van de ontwikkeling van stofvervuiling op het continent.
Toch schetst de studie een duidelijk beeld: klimaatverandering beperkt zich niet tot hogere temperaturen en extremer weer. Ook de lucht die Europeanen dagelijks inademen lijkt steeds sterker de gevolgen van klimaatverandering te ondervinden.
Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:



