Het is het eerste bewijs dat sommige spinnen ‘het horen’ uitbesteden aan hun web; een bevinding die kan leiden tot de ontwikkeling van interessante menselijke toepassingen.

Iedereen weet dat mensen – en trouwens ook de meeste andere gewervelde soorten – kunnen horen met behulp van oren. Geluid wordt opgevangen door het trommelvlies, waarna uiteindelijk de hersenen de geluidsprikkels interpreteren. Maar hoe zit dat eigenlijk met insecten of geleedpotigen, zoals een spin, die niet eens oren heeft?

Spin kan horen zonder oren
Spinnen beschikken niet zoals wij over oren. Wetenschappers gingen er daarom lange tijd vanuit dat spinnen niet in staat zijn om te horen. Daar komt echter steeds meer verandering in. Er is aangetoond dat een aantal spinnensoorten prima kunnen horen, ook al druist dat in tegen wat de meeste mensen verwachten. Sterker nog, de Deinopis kan zelfs geluiden van sluipende roofdieren of nietsvermoedende prooien op meters afstand opvangen. Dit doen ze door middel van bepaalde sensorische organen op hun pootjes. Maar dat is niet het enige. Een nieuwe studie bewijst nu namelijk dat sommige spinnensoorten ook door middel van hun web kunnen horen.

Gehoorapparaat
Het is bekend dat spinnen reageren wanneer iets in hun web – bijvoorbeeld een prooi – voor trillingen zorgt. Maar onderzoekers ontdekten dat wielwebspinnen – bekend van het befaamde kinderboek ‘Charlotte’s web’ – ook reageren op geluiden in de lucht. Een enkele streng spinnenzijde is zo dun en gevoelig dat het de beweging kan detecteren van trillende luchtdeeltjes waaruit een geluidsgolf bestaat. Van wielwebspinnen is bovendien bekend dat ze een groot web maken, waardoor er een soort immens ‘gehoorapparaat’ ontstaat, met een geluidsgevoelig oppervlak dat wel 10.000 keer groter is dan het gehoor van de spin zelf.

Meer over wielwebspinnen
Wielwebspinnen (Araneidae) zijn een familie van spinnen die wereldwijd tegen de drieduizend soorten telt. Sommige tropische soorten staan bekend om de grote webben. Wielwebspinnen hebben vaak een groot, opvallend gekleurd en getekend achterlijf. De poten bevatten 3 klauwtjes. Ze hebben acht ogen, waarvan de middelste vier vaak een vierkant vormen. De lichaamslengte varieert van 0,2 tot 4,6 cm.

De onderzoekers baseren zich op experimenten in een volledig geluidsdichte kamer. Hier werden verscheidende wielwebspinnen losgelaten, die enthousiast webben begonnen te bouwen. Vervolgens observeerde het team de reactie van de spinnen op verschillende tonen die op drie meter afstand werden afgespeeld.

Supergevoelig web
Verrassend genoeg ontdekten ze dat spinnen al reageren op een geluidsniveau van slechts 68 decibel. Vervolgens plaatsten ze de geluidsbron in een hoek van 45 graden om te zien of de spinnen zich anders gedroegen. Ze ontdekten dat de spinnen niet alleen de geluidsbron lokaliseerden, maar dat ze de richting van het geluid met 100 procent nauwkeurigheid konden bepalen. En dat met dank aan hun supergevoelige web, dat ervoor zorgt dat geluid met maximale efficiëntie wordt opgevangen. De spinnen kunnen vervolgens de spanning op de delicate strengen spinnenzijde veranderen door te ‘hurken’ of zich uit te rekken. Hierdoor wordt het web nauwkeurig afgestemd, waardoor de spin verschillende frequenties kan oppikken.

Menselijke toepassingen
Niet alleen rekent de studie af met het idee dat spinnen niet zouden kunnen horen, het laat tevens zien dat ze er heel goed in zijn en het zelfs op slimme wijze aan hun web uitbesteden. “De spinnen laten zien dat het haalbaar is om geluid waar te nemen met behulp van viskeuze krachten in de lucht op dunne vezels,” aldus onderzoeker Ron Miles. En dat zou interessant kunnen zijn voor menselijke toepassingen. Zo zou de studie kunnen leiden tot de ontwikkeling van extreem gevoelige, bio-geïnspireerde microfoons voor in hoortoestellen en mobiele telefoons. “Als het in de natuur werkt, moeten we er misschien eens goed naar kijken,” stelt Miles.

In toekomstige experimenten willen de onderzoekers verder uitdokteren hoe de spinnen precies gebruik maken van het geluid dat ze kunnen detecteren met behulp van hun web. Daarnaast wil het team testen of andere soorten webwevende spinnen tevens spinrag gebruiken om beter te horen. “Het is redelijk om te veronderstellen dat een vergelijkbare spin op een vergelijkbaar web op een vergelijkbare manier reageert,” stelt Miles. “Maar daar kunnen we nu nog geen conclusies over trekken.” Vervolgstudies moeten dan ook meer over de verbazingwekkende eigenschappen van spinnen ontraadselen.