Smartphone op je 13de? Dat lijkt veilig, maar één gewoonte verdubbelt het risico op depressie

Veel ouders worstelen met de vraag: op welke leeftijd geef je je kind een smartphone? Vanaf de middelbare school lijkt schappelijk, maar het is dan wel oppassen met het gebruik ervan.

Volgens nieuw onderzoek is een smartphone vanaf je 13de namelijk geen probleem, tenzij je urenlang aan het scherm gekluisterd zit. Dan leidt het wel degelijk tot meer risico op depressie, obesitas en slaaptekort. De onderzoekers hebben overigens een opvallend eenvoudige oplossing voor een van die problemen: verbied smartphones in de slaapkamer.

Een jaar later nog geen mentale problemen

Ze analyseerden gegevens van de grootschalige Amerikaanse Adolescent Brain Cognitive Development-studie, waarin meer dan 10.000 kinderen jarenlang worden gevolgd. Voor deze analyse richtten zij zich specifiek op ongeveer 2000 kinderen die op hun dertiende nog geen smartphone hadden. “Dit was een analyse van gegevens uit een grote nationale studie die duizenden kinderen volgt van de kindertijd tot de adolescentie”, bevestigt hoofdonderzoeker Ran Barzilay van de University of Pennsylvania aan Scientias.nl.

Van deze groep kregen ongeveer 1300 kinderen tussen hun dertiende en veertiende alsnog een smartphone. De onderzoekers vergeleken vervolgens hun gezondheid op 14-jarige leeftijd. Daarbij hielden ze rekening met allerlei factoren die de resultaten kunnen vertekenen, zoals sociaaleconomische omstandigheden, opvoeding en de gezondheid van de kinderen voordat ze een smartphone kregen.

Leestip: Waarom blauw licht van je smartphone niet slecht is voor het slapen gaan

De uitkomst was opvallend. Anders dan in eerder onderzoek bleek het krijgen van een smartphone op 13-jarige leeftijd niet samen te hangen met meer depressieve klachten of andere mentale gezondheidsproblemen een jaar later. “Onze eerdere studie liet zien dat kinderen die op of voor hun 12de een smartphone kregen, meer kans hadden op een slechtere mentale gezondheid en obesitas”, zegt Barzilay. “Maar er blijkt geen verband tussen het krijgen van een smartphone op dertienjarige leeftijd en depressie of andere verslechteringen van de mentale gezondheid een jaar later.”

De slaapkamer blijkt cruciaal

Dat betekent echter niet dat smartphones op deze leeftijd volledig onschuldig zijn. Er was namelijk wel een duidelijk verband met slaaptekort. Jongeren die een smartphone kregen, sliepen vaker te weinig dan leeftijdsgenoten zonder smartphone. Volgens Barzilay zit daar echter ook een belangrijke positieve boodschap in. “Het goede nieuws is dat dit risico voorkomen kan worden als jongeren hun smartphone ’s nachts buiten de slaapkamer houden.”

Dat sluit aan bij eerdere onderzoeken waaruit bleek dat smartphones zorgen voor minder slaap. Jongeren blijven simpelweg langer wakker om berichten te sturen, video’s te bekijken of te scrollen. Juist slaap speelt een cruciale rol tijdens de adolescentie. Chronisch slaaptekort wordt in verband gebracht met slechtere schoolprestaties, emotionele problemen en fysieke gezondheidsklachten.

Niet de smartphone zelf, maar het gebruik ervan

De meest opvallende bevinding van het onderzoek heeft echter weinig te maken met het bezit van een smartphone en alles met de manier waarop jongeren die gebruiken. “Hoewel het krijgen van een smartphone zelf niet samenhing met een slechtere gezondheid, gold dat wel voor de mate waarin de smartphone werd gebruikt”, zegt Barzilay. “Degenen die meer dan vijf uur per dag op hun smartphone zaten, hadden een dubbel zo hoog risico op depressie, obesitas en onvoldoende slaap als jongeren die hem minder dan twee uur per dag gebruikten.” Voor de onderzoeker was juist die brede impact opvallend. “Wat mij het meest verraste, was dat intensief gebruik binnen een jaar na het verkrijgen van een smartphone samenhing met alle drie de negatieve uitkomsten: depressie, obesitas en onvoldoende slaap.”

Matige zelfrapportage

Welke activiteiten precies verantwoordelijk zijn voor deze effecten, blijft voorlopig onduidelijk. Sociale media worden vaak als belangrijkste verdachte aangewezen, maar ook gamen of eindeloos video’s kijken kan een rol spelen. “We weten dat niet”, zegt Barzilay. “We willen dat in een ander onderzoeksproject onderzoeken. In deze studie konden we dat niet doen, omdat de gegevens gebaseerd waren op zelfrapportages en kinderen hun gebruik van sociale media en videogames vaak niet nauwkeurig rapporteerden.”

Voor ouders en beleidsmakers ziet Barzilay inmiddels wel enkele duidelijke lessen. “Houd smartphones uit slaapkamers, beperk de dagelijkse gebruiksduur en het uitstellen van smartphonebezit tot 13-jarige leeftijd lijkt veiliger.” De boodschap van het onderzoek is daarmee genuanceerder dan vaak wordt gedacht. Het lijkt niet zozeer de smartphone zelf te zijn die problemen veroorzaakt, maar vooral wat jongeren ermee doen.

Wil je niets van Scientias missen? Volg Scientias op Google Discover dan zie je al onze verhalen!

Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:

Categorieën:

Bronmateriaal

"Smartphone Acquisition and Use at Age 13 Years and Health Outcomes at Age 14 Years" - JAMA
Interview met Ran Barzilay van de University of Philadelphia
Afbeelding bovenaan dit artikel: Kampus Production / Pexels

Fout gevonden?

Voor jou geselecteerd