Shakespeare was ingewikkelder dan de rest en nu is dat ook berekend

Zwitserse onderzoekers hebben 3.211 toneelstukken naast elkaar gelegd om te achterhalen hoeveel moeite het kost om bij te houden wie met wie te maken heeft. Shakespeare stak er met hoofd en schouders bovenuit.

De relaties tussen personages in Shakespeares stukken zijn ingewikkelder dan die in vrijwel alle andere Europese toneelteksten, zo blijkt uit het onderzoek. Zelfs zijn eenvoudigste stuk zit nog boven twee derde van de rest. Slechts vier stukken uit het hele corpus zijn ingewikkelder dan zijn meest ingewikkelde stuk.

Dat maakt ze in principe moeilijker om te volgen. Hoe meer personages en hoe grilliger de banden tussen hen, hoe harder je brein zijn best moet doen om het verhaal te volgen. De onderzoekers wilden vooral uitpuzzelen hoe ingewikkeld dat netwerk van relaties kan worden voordat het publiek afhaakt.

Voor elk stuk bouwden ze een netwerk. Elk personage telt als een punt. Twee punten worden met elkaar verbonden als de personages in eenzelfde scène aan het woord komen. Uiteindelijk krijg je zo een rooster vol enen en nullen: een één is een verbinding, een nul niet.

Daarna maakten ze een zo kort mogelijke beschrijving van het rooster zonder dat er informatie verloren gaat. Als er een duidelijk patroon is, dan laat het rooster zich hard samenpersen, net zoals een foto van een witte vlakte heel klein kan worden gemaakt zonder details te verliezen, maar een foto van een complexe scène in het park niet. Zit er geen patroon in, dan valt er weinig in te korten. De kortst mogelijke beschrijving heet in vakjargon de kolmogorovcomplexiteit.

Antonius verslaat Prospero

Van alle 37 stukken van Shakespeare kwam ‘Antonius en Cleopatra’ er als het meest complexe uit, met een score van 83. ‘De storm’ was met 14 bijna zes keer eenvoudiger. De middenmoot voor Shakespeare lag rond de 39.

De bekendste stukken, zoals ‘Hamlet’ en ‘Romeo en Julia’, zitten in het midden. Populariteit en ingewikkeldheid gaan dus niet per se hand in hand.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief! Ook elke dag vers het laatste wetenschapsnieuws in je inbox? Of elke week? Schrijf je hier in voor de nieuwsbrief!

Twee derde blijft eronder

Daarna legden de onderzoekers deze scores naast 3.174 andere stukken uit een grote Europese databank van toneelstukken. Daar ligt de meest voorkomende score op 2 en de middenwaarde slechts op 8. Shakespeare zit gemiddeld veel hoger.

Slechts vier stukken scoren hoger dan ‘Antonius en Cleopatra’: ‘Dantons Tod’ van Georg Büchner, ‘Die verkehrte Welt’ van Ludwig Tieck, een Russische toneelbewerking van ‘Oorlog en vrede’ en ‘Sorotsjinski Jarmarok’ van Mychajlo Starytsky.

Veel volk zorgt niet per se voor een hoge score

Een groot aantal personages betekent niet automatisch een ingewikkeld netwerk. Goethes ‘Das Jahrmarktsfest zu Plundersweilern’ telt 29 personages en Ben Jonsons ‘Every Man Out of His Humour’ zelfs 36. Toch scoren beide een schamele 2. De reden: bijna iedereen staat er samen op de planken, of net bijna niemand. Dat is een saai patroon en dus makkelijk samen te persen.

Statistisch gezien werkt koppen tellen wel aardig. Het aantal personages en de mate van verwikkeling hangen sterk samen. Maar hoe groter de cast, hoe verder een stuk onder zijn theoretische maximum blijft. Schrijvers dunnen de relaties uit zodra er veel volk op de scène staat. Of dat een bewuste keuze is, weten de onderzoekers niet.

Geen harde grens

Een veel geciteerde studie uit 2003 legde de grens van wat een publiek nog aankan bij zo’n 30 tot 40 personages. Dat klopt volgens de Zwitsers niet: 14 van Shakespeares 37 stukken gaan over die grens, waaronder de populairste exemplaren. Die oude grens was gebaseerd op het gemiddelde aantal personages van 10 stukken van Shakespeare en is volgens de onderzoekers daarom niet representatief. 

Kanttekeningen

De onderzoekers gaan ervan uit dat een ingewikkelder netwerk ook meer mentaal rekenwerk kost. Getest hebben ze dat niet; het is een wiskundig idee waarvan de psychologische betekenis nog niet getoetst is.

Een stuk is bovendien meer dan een schema van wie met wie praat. Symboliek, taalgebruik, historische context en de vraag of de motieven van een personage helder zijn wegen allemaal mee en zitten niet in de berekening. Toneelteksten geven het publiek ook een voordeel dat romans niet bieden, namelijk een lijstje van personages vooraf.

Zowat elk onderzocht stuk lijkt te behappen voor een publiek. Dat is de bescheiden conclusie die de onderzoekers trekken. Over de grenzen van het menselijk brein in het algemeen zegt dat weinig. Voor een sociaal netwerk dat je eigen leven raakt, mobiliseer je waarschijnlijk heel andere reserves dan voor een stuk dat na twee uur voorbij is.

Wil je niets van Scientias missen? Voeg Scientias toe als voorkeursbron op Google dan zie je al onze verhalen!

Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:

Bronmateriaal

Fout gevonden?

Voor jou geselecteerd