Reuzenaardverschuivingen op Pluto: puinlawines groot genoeg om hele steden te bedelven

Nieuwe analyse van New Horizons-beelden toont zes grote aardverschuivingen op Pluto. Het puin schoof tot wel veertien kilometer ver, een aanwijzing voor de verrassende geologische activiteit op de dwergplaneet.

Het was al langer duidelijk dat Pluto geen dode, bevroren wereld is. Vorige week schreven we nog over de turbulente jeugd van zijn maan Charon, waarvan de korst scheurde door een afremmende rotatie. Nu blijkt ook de dwergplaneet zelf zich op een onverwachte manier te roeren: onderzoekers hebben voor het eerst onomstotelijk bewijs gevonden van aardverschuivingen op Pluto, veroorzaakt door het naar beneden storten van enorme hoeveelheden ijs en gesteente.

Wil je niets van Scientias missen? Volg Scientias op Google Discover dan zie je al onze verhalen!

Eerste bewijs op Pluto

Een team onder leiding van geoloog Marco Emanuele Discenza dook opnieuw in de data die de New Horizons-sonde in 2015 verzamelde. Ze bestudeerden beelden van het instrument LORRI (Long-Range Reconnaissance Imager), die details op het oppervlak van Pluto vanaf 300 meter grootte kunnen onderscheiden. Eerdere pogingen om massabewegingen op de dwergplaneet aan te tonen, waren niet overtuigend, terwijl ze op andere hemellichamen in het zonnestelsel, van Mars tot Ceres en zelfs Pluto’s maan Charon, al waren gevonden. De nieuwe analyse leverde duidelijke aanwijzingen op: zes aardverschuivingen langs de binnenranden van drie inslagkraters nabij het hartvormige Sputnik Planitia, een grote vlakte gevuld met stikstofijs.

Deze kleurenopname van Pluto werd op 14 juli 2015 vastgelegd door de toen nabij passerende New Horizons-sonde, vanaf ongeveer 35.000 kilometer afstand. De beelden van diens MVIC-sensor vormen de basis voor de huidige studie, waarin onderzoekers zes aardverschuivingen ontdekten aan de randen van het gestrekte, hartvormige ‘Sputnik Planitia’ (de lichte vlakte die prominent in beeld is te zien). Foto: NASA/Johns Hopkins University Applied Physics Laboratory/Southwest Research Institute

Kolossale puinwaaiers en brokken ijs

De aardverschuivingen zijn allesbehalve klein. Ze vertonen kenmerkende halvemaanvormige verschuivingen aan de rand van de kraterwanden, waar het materiaal is losgebroken en naar beneden is gestort. De puinwaaiers op de kraterbodems zijn ruw en bevatten waarschijnlijk grote brokken vast ijs. Eén van deze aardverschuivingen, in de Giclas-krater, beslaat een oppervlakte van maar liefst 130 vierkante kilometer, groot genoeg om een hele stad te bedelven.

Overzichtskaart van het westelijke deel van Sputnik Planitia op Pluto (boven). De witte vierkantjes markeren de locaties van de drie inslagkraters (onder) waar de zes aardverschuivingen zijn geïdentificeerd. Links: de richting van de landverschuivingen, rechts: de oorsprongslocatie van deze verschuivingen. De grootste puinwaaier, in de Giclas-krater, beslaat een oppervlakte van 129,3 vierkante kilometer. Foto’s: NASA / Johns Hopkins University Applied Physics Laboratory / Southwest Research Institute, afbeelding/bewerking: Discenza et al., 2026/Icarus

Opvallende mobiliteit op een ijzige wereld

Wat de Plutoniaanse aardverschuivingen extra bijzonder maakt, is hun lengte. Het puin legde horizontaal een afstand af van 10,1 tot 14,5 kilometer, terwijl het verticaal 1,5 tot 2,2 kilometer naar beneden viel. In vergelijking met aardverschuivingen op andere hemellichamen zijn ze hierdoor uitzonderlijk mobiel. De lage zwaartekracht op Pluto en de lage wrijving van het glibberige ijsafval spelen daarbij hoogstwaarschijnlijk een belangrijke rol. Deze hoge mobiliteit maakt de aardverschuivingen vergelijkbaar met de meest beweeglijke op Mars en Ceres.

Leestip: Theorie weerlegd: aardverschuivingen op Mars kunnen ook op andere manieren dan door ijs ontstaan

Onzekere aanleiding en een gefragmenteerd beeld

De precieze oorzaak voor de aardverschuivingen is nog onduidelijk. Één instorting, in de Coughlin-krater, lijkt te zijn veroorzaakt door een kleinere inslag nabij de kraterrand. Voor de andere vijf zijn de aanleidingen minder zeker. Een mogelijke verklaring zijn thermische spanningen in het oppervlakte-ijs. Kleine temperatuurschommelingen, veroorzaakt door Pluto’s elliptische baan om de Zon (ergo ontvangen zonne-energie), kunnen ervoor zorgen dat vluchtige stoffen als stikstof en methaan sublimeren en weer condenseren, wat tot instabiliteit leidt. Het is daarbij belangrijk te benadrukken dat New Horizons slechts een beperkt deel van Pluto’s oppervlak in hoge resolutie in beeld bracht. Het is daarom zeer waarschijnlijk dat er nog veel meer aardverschuivingen op Pluto te vinden zijn, verborgen in de bestaande data of op de nog niet in detail gefotografeerde gebieden.

Leestip: Pluto’s grootste maan verbergt een geheim dat astronomen bijna 50 jaar zochten

Het dynamische Pluto, een kosmisch archief

De studie bevestigt dat gravitatieprocessen actief zijn en het oppervlak blijft vormen, een belangrijke aanwijzing voor de dynamische krachten die elders, maar nu ook op Pluto actief blijken te spelen. Waar het onderzoek naar Charon een blik in het verre verleden bood, tonen deze aardverschuivingen een recentere, actieve vorm van oppervlakteactiviteit. Pluto en zijn maan ontpoppen zich zo tot een fascinerend planeet-maan-systeem waar zowel oude als nieuwe processen hun sporen achtergelaten. Het laat zien dat de dwergplaneet, miljarden kilometers van de zon, een veelbewogen en complex geologisch verleden en heden kent.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief! Ook elke dag vers het laatste wetenschapsnieuws in je inbox? Of elke week? Schrijf je hier in voor de nieuwsbrief!

Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:

Bronmateriaal

"First geomorphological evidence of landslides on Pluto, Discenza et al. (2026)" - Icarus
Afbeelding bovenaan dit artikel: NASA/Johns Hopkins University Applied Physics Laboratory/Southwest Research Institute/Alex Parker

Fout gevonden?

Voor jou geselecteerd