Reanimatie op tv verloopt heel anders dan in het echt: waarom dat gevaarlijk is in geval van nood

Een man stort ter aarde, omstanders snellen toe, de grootste held voelt aan de pols van het slachtoffer en begint te reanimeren. Zo gaat het niet zelden in films en series. Maar in werkelijkheid is de reanimatiemethode verouderd en dat kan een probleem worden als mensen films gaan nadoen, omdat ze ook niet weten hoe het anders moet.

Je kunt in het echte leven geconfronteerd worden met iemand die een hartaanval krijgt. Het is dan belangrijk dat je zo snel mogelijk hulp biedt én op de juiste manier reanimeert. Series en films waarin verouderde technieken worden toegepast, kunnen er dan toe leiden dat je op het cruciale moment niet de juiste handelingen verricht, stellen onderzoekers van de University of Pittsburgh. Zij bestudeerden de reanimatie door omstanders in tv-series.

Alleen nog borstcompressies

Sinds een jaar of vijftien geldt de richtlijn dat borstcompressies – stevig drukken op het midden van de borstkas – de snelste en eenvoudigste methode is om te reanimeren. Het is even effectief om zo snel mogelijk zuurstof naar vitale organen te transporteren als de methode die door zorgverleners wordt gebruikt en die ook beademing omvat.

“Tijdens mijn vrijwilligerswerk, waarin ik jongeren in Pittsburgh leer reanimeren, merk ik dat er veel verwarring is. We vragen studenten: wat is het eerste dat je doet? Zij antwoorden: controleren of er een pols is. Maar dat doen we tegenwoordig niet meer bij reanimatie door omstanders”, legt onderzoeker Beth Hoffman van Pitt Public Health uit. “En in onze enquêtes vóór de cursus zegt een groot deel van de studenten dat ze reanimatie op sociale media en televisie hebben gezien. Die twee observaties vormden de aanleiding voor dit onderzoek.”

Minder dan 30 procent van series correct

Het huidige reanimeren bestaat uit slechts twee stappen: 112 bellen en beginnen met borstcompressies. Maar toen de onderzoekers 169 afleveringen van Amerikaanse televisieseries analyseerden waarin sinds 2008 reanimatie werd uitgebeeld, ontdekten ze dat minder dan 30 procent van de afleveringen de stappen correct weergaf. Bijna de helft van de series toonde verouderde methodes, waaronder mond-op-mondbeademing en het controleren van de pols.

En er was meer dat niet overeenkwam met de werkelijkheid: op tv was 44 procent van de slachtoffers tussen de 21 en 40 jaar oud, terwijl in werkelijkheid de gemiddelde leeftijd van mensen die gereanimeerd worden 62 jaar is. Daarnaast vond in de bestudeerde series 80 procent van de reanimaties plaats in het openbaar en 20 procent thuis, maar dat is in het echt andersom: 80 procent van de hartstilstanden gebeurt thuis.

“Dit kan bij het grote publiek tot een vertekend beeld leiden”, meent hoofdonderzoeker Ore Fawole. “Als kijkers denken dat een hartstilstand alleen in het openbaar of bij jonge mensen voorkomt, zien ze reanimatietraining mogelijk niet als relevant voor hun eigen leven. Maar de meeste hartstilstanden gebeuren thuis en de persoon die je redt is waarschijnlijk iemand van wie je houdt.”

Vooral witte mannen

Het is overigens niet allemaal onzin wat er op tv gebeurt: wíé er gereanimeerd wordt, komt verrassend overeen met de echte wereld. De meeste slachtoffers van een hartstilstand zijn, net als in films en series, witte mannen. Vrouwen en zwarte personen hebben een kleinere kans om gereanimeerd te worden door een omstander.

“Of dit nu de werkelijkheid weerspiegelt of juist de werkelijkheid beïnvloedt, weten we niet, maar dat is een goede vraag voor toekomstig onderzoek”, aldus Hoffman. Ze benadrukt wel dat het goed zou zijn als tv-makers beter uitzoeken hoe reanimatie tegenwoordig in zijn werk gaat, zodat kijkers het juiste voorbeeld krijgen voorgeschoteld en dus correct kunnen handelen in geval van nood.

Reanimatie in Nederland
In Nederland kampen ongeveer 1,7 miljoen mensen met hart- en vaatziekten, blijkt uit cijfers van de Hartstichting. Elke dag sterven er gemiddeld 106 mensen aan de aandoening, evenveel mannen als vrouwen. Uiteindelijk overlijdt een op de vijf Nederlanders aan hart- en vaatziekten. Jaarlijks krijgen ongeveer 17.000 mensen een hartstilstand buiten het ziekenhuis. Zo’n 70 procent is man en de gemiddelde leeftijd is 67. In ongeveer 70 procent van de gevallen vindt een reanimatie in of om het huis plaats. De overige 30 procent is buitenshuis, op straat of tijdens het sporten bijvoorbeeld. Het gaat in totaal om 8000 tot 10.000 reanimaties per jaar. In bijna 80 procent van de gevallen reanimeren omstanders het slachtoffer nog voor de ambulance er is. De overlevingskans is gemiddeld 23 procent.
Categorieën:

Bronmateriaal

"Out-of-Hospital Cardiac Arrest and Compression-Only CPR on Scripted Television" - Circulation: Population Health and Outcomes
Afbeelding bovenaan dit artikel: www.testen.no / Unsplash

Fout gevonden?

Voor jou geselecteerd