Mogelijk graveerden ze stenen bij het flikkerende licht van een kampvuur. En dat zou weleens een bijzondere ervaring kunnen zijn geweest.

Het wordt steeds duidelijker dat de prehistorische mens oog had voor kunst. Zo zijn er in verschillende grotten schilderingen van dieren en handen teruggevonden. Ook zijn er versierde stenen ontdekt, waaronder in Frankrijk. Onderzoekers hebben nu ontrafeld onder welke omstandigheden prehistorische mensen dergelijke rotskunst maakten: bij een gezellig kampvuurtje.

Stenen
In de nieuwe studie hebben onderzoekers zich over 50 gegraveerde stenen gebogen die in Frankrijk zijn opgegraven. De stenen zijn ongeveer 15.000 jaar oud en zijn versierd met verschillende lijnen en inkervingen. Gedacht wordt dat deze stenen gemaakt zijn door onze Magdaleense voorouders; een vroege jager-verzamelaarscultuur die bestond tussen ongeveer 23.000 en 14.000 jaar geleden. Het Magdalenische tijdperk wordt gekenmerkt door de bloei van vroege kunst, waaronder grotschilderingen, de versiering van gereedschappen en wapens en het graveren van stenen en botten.

Hitte
De onderzoekers ontdekten opvallende ‘beschadigingen’ rond de randen van de in Frankrijk opgegraven stenen die vermoedelijk zijn ontstaan door hitte. Dit bewijst volgens hen dat de stenen in de buurt van vuur zijn geweest. Maar gebeurde dat per ongeluk, of opzettelijk? Het team besloot die vraag met behulp van replica’s en virtual reality-software te beantwoorden. En dat leidt tot een verrassende ontdekking. “Hoewel eerst werd aangenomen dat de beschadigen die zichtbaar zijn op sommige stenen per ongeluk tot stand zijn gekomen, laten onze experimenten zien dat de stenen waarschijnlijk doelbewust dicht bij het vuur zijn gehouden,” aldus onderzoeker Andy Needham.

Het idee dat prehistorische kunstenaars hun kunstwerken dicht bij het vuur creëerden, wordt volgens de onderzoekers onderschreven door hun experimenten. Daarbij plaatsten ze replica’s van kunstwerken (gegraveerde stukken steen) rond een vuurtje om vervolgens na te gaan hoe de hitte van dat vuur de kunstwerken aantastte. Afbeelding: Needham et al., 2022, PLOS ONE, CC-BY 4.0.

Kampvuur
De bevindingen wijzen erop dat de stenen dicht bij het flikkerende licht van een kampvuur zijn versierd met artistieke snedes. “Tegenwoordig wordt kunst vaak gecreëerd op een blanco canvas bij daglicht of bij een vaste lichtbron,” vertelt onderzoeker Needham. “Maar we weten nu dat mensen 15.000 jaar geleden ’s nachts, rond een vuurtje, kunst maakten.”

Vormen en gezichten
En het feit dat de kunstenaars onder die omstandigheden actief waren, kan wel eens een groot stempel gedrukt hebben op wat zij uiteindelijk creëerden. “Werken onder dergelijke omstandigheden kan van invloed zijn geweest op de manier waarop prehistorische mensen de creatie van kunst hebben ervaren,” zo schrijven de onderzoekers. Zo sluiten ze niet uit dat het dansende licht van het kampvuurtje dat op het rotsachtige ‘canvas’ van deze prehistorische kunstenaars viel, ervoor zorgde dat ze vormen of gezichten gingen zien die er eigenlijk niet waren. “Het maken van kunst bij het licht van een kampvuurtje moet een bijzondere ervaring zijn geweest, waarbij verschillende delen van het menselijk brein werden geactiveerd,” vermoedt Needham. “We weten dat flikkerende schaduwen en licht ons evolutionair vermogen om vormen en gezichten in levenloze objecten te zien, versterken. En dat kan geleid hebben tot het tekenen van dieren of artistieke vormen.”

Een originele, prehistorische gegraveerde platte steen waarvan wordt aangenomen dat deze in de nabijheid van vuur bewerkt is. Afbeelding: Dr Andy Needham, University of York.

Kampvuur
De studie geeft een inkijkje in hoe de opkomst van kunst mogelijk tot stand is gekomen. “Tijdens het Magdalénien waren de omstandigheden erg koud,” vertelt onderzoeker Izzy Wisher. “Terwijl mensen goed waren aangepast aan de kou en warme kleding droegen van dierenhuiden en bont, was vuur ook nog steeds erg belangrijk om warm te blijven. Onze bevindingen versterken de theorie dat het kampvuur tevens een plek was voor sociale bijeenkomsten, het vertellen van verhalen en het maken van kunst.”

Daarnaast laten de resultaten zien hoe belangrijk kunst in de gehele geschiedenis van de mensheid is geweest. “In een tijd waarin er enorm veel tijd en moeite zou zijn gestoken in het vinden van voedsel, water en onderdak, is het fascinerend om te bedenken dat mensen nog steeds de tijd vonden om kunst te maken,” vervolgt Wisher. “Het laat zien hoe het maken van kunst al duizenden jaren deel uitmaakt van wat ons mens-zijn. Bovendien toont het de cognitieve complexiteit van prehistorische mensen aan.”