Maar niet genoeg om klimaatverandering een halt toe te roepen.

Bosrijke gebieden en soortgelijke ecosystemen worden beschouwd als één van de belangrijkste koolstofputten van onze planeet. Dat komt omdat planten koolstofdioxide uit de atmosfeer opnemen tijdens fotosynthese. De laatste decennia hebben mensen ervoor gezorgd dat er meer koolstofdioxide in de atmosfeer terecht is gekomen. En dus rees er onder wetenschappers een prangende vraag. Want hoe reageren planten hierop? Zou het kunnen betekenen dat zij mogelijk ook meer koolstofdioxide opzuigen?

Fotosynthese
Met de term ‘fotosynthese’ verwijzen onderzoekers naar het proces waarbij planten zonlicht gebruiken om CO2 om te zetten in koolhydraten die ze weer kunnen gebruiken om te groeien. Tijdens fotosynthese openen planten kleine poriën op hun bladoppervlak om koolstofdioxide uit de lucht te zuigen en hun eigen voedsel te produceren. In een nieuwe studie besloten onderzoekers in kaart te brengen in hoeverre planten hun fotosynthese versnellen als reactie op de verhoogde CO2-concentraties in de atmosfeer. “Die omvang is echt belangrijk om te begrijpen,” zegt onderzoeksleider Trevor Keenan. “Want als de toename in fotosynthese klein is, zijn planten misschien toch niet de koolstofput die we verwachten.”

Meer over koolstofputten
Met koolstofputten worden dynamische (permanente of tijdelijke) opslagplaatsen van CO2 aangeduid. Het opgeslagen CO2 levert dan – tijdelijk of permanent – geen bijdrage meer aan klimaatverandering. Je moet bijvoorbeeld denken aan een groeiend bos (doordat het groeit, vangt het dynamisch CO2 af, in tegenstelling tot bijvoorbeeld een volgroeid bos dat geen koolstofput, maar koolstofreservoir wordt genoemd). De grootste koolstofput op aarde is de oceaan. Bijna veertig procent van de CO2 die sinds de industriële revolutie door verbranding van fossiele brandstoffen in de atmosfeer terecht is gekomen, is door de oceaan opgenomen.

Met behulp van bijna drie decennia aan schattingen van koolstofputten, satellietbeelden en modellen over de koolstofuitwisseling tussen de atmosfeer en land, slaagden de onderzoekers erin te achterhalen in hoeverre planten reageren op de verhoogde CO2-concentratie in de atmosfeer.

Meer CO2
En wat blijkt? Planten halen tegenwoordig veel meer CO2 uit de lucht. De onderzoekers komen tot de ontdekking dat de fotosynthese snelheid van planten tussen 1982 en 2020 met maar liefst 12 procent is toegenomen. In diezelfde periode steeg de wereldwijde atmosferische CO2-concentratie met ongeveer 17 procent. Die toename van 12 procent vertaalt zich in 14 petagram (één petagram is gelijk aan 1.000.000.000.000.000 gram) extra koolstof die elk jaar door planten uit de atmosfeer wordt gehaald; dat is ongeveer gelijk aan de CO2 die alleen al in 2020 wereldwijd werd uitgestoten door de verbranding van fossiele brandstoffen.

Klimaatverandering
Het lijkt misschien goed nieuws. Maar de onderzoekers plaatsen een belangrijke kanttekening. Niet alle CO2 die namelijk door fotosynthese uit de atmosfeer wordt gehaald, wordt namelijk permanent opgeslagen. “Die twaalf procent is een zeer grote toename van fotosynthese,” zegt Keenan. “Maar het verwijdert niet de hoeveelheid koolstofdioxide die we in de atmosfeer pompen. Het stopt klimaatverandering dus op geen enkele manier. Het helpt ons alleen om het te vertragen.”

Om die reden benadrukt de studie het belang van het beschermen van ecosystemen die momenteel een belangrijk steentje bijdragen aan het vertragen van klimaatverandering. Keenan merkt echter op dat het nu nog onduidelijk is hoe lang bosrijke gebieden ons daar nog bij helpen. “We weten niet wat de toekomst brengt,” zegt hij. “We weten bijvoorbeeld niet of planten blijven reageren op de toenemende koolstofdioxide. We verwachten dat het op een gegeven moment stabiliseert. Maar we weten nu nog niet wanneer en in welke mate.”