Het redden van verweesde grizzlyberen klinkt als een goed idee. Toch sterven ze vaak kort nadat ze weer zijn vrijgelaten.
Een jong grizzlybeertje zonder moeder roept al snel medelijden op. Het dier wordt gered, krijgt meer dan genoeg voedsel en groeit op in een veilige opvang. Daarna volgt het mooiste moment: de beer keert terug naar de natuur. Een vijf jaar durend onderzoek in de Canadese provincie British Columbia laat zien wat er dan gebeurt. Het onderzoek is te vinden in Frontiers in Conservation Science.
Verweesde beren
Bioloog Lana Ciarniello volgde tussen 2019 en 2023 veertien grizzlyberen die hun moeder waren kwijtgeraakt. De dieren groeiden daarom op in gevangenschap. Dertien beren werden later vrijgelaten. Zij kregen een satellietzender mee. Daarmee kon de onderzoeker volgen waar de beren heen gingen en wat er met hen gebeurde.
Tijdens het onderzoek viel de zender van een dier uit, waardoor het lot van dat dier onbekend is. Van de overige twaalf is het lot wel bekend: slechts twee dieren overleefden de gehele onderzoeksperiode. De andere tien dieren stierven uiteindelijk allemaal. Dat komt neer op een sterftekans van 83 procent.
Negen van de tien gestorven beren stierven al voor hun eerste winterslaap. De tiende beer stierf kort nadat het dier weer uit zijn winterhol was gekomen. De helft van de sterfgevallen hield verband met conflicten tussen mensen en beren. Twee dieren werden illegaal gedood door jagers, en de laatste drie beren werden gedood door wilde soortgenoten.
“Onze bedoelingen zijn goed, maar de gegevens laten zien dat onze huidige verzorgingsmethoden deze jonge beren onbedoeld in de problemen brengen na hun vrijlating”, stelt Ciarniello. Volgens haar moeten opvangcentra daarom niet alleen kijken naar het aantal dieren dat ze kunnen vrijlaten. Veel belangrijker is de vraag hoeveel beren na vrijlating langdurig in leven blijven.
Twee problemen
Het onderzoek wijst op twee grote problemen. Het eerste probleem heeft te maken met de sterke groei van de beren in de opvang. De vrijgelaten (eenjarige) dieren wogen in het voorjaar gemiddeld 127,4 kilo. Wilde grizzlyberen van dezelfde leeftijd wegen gemiddeld 36,1 kilo. De opgevangen beren waren dus ongeveer drieënhalf keer zo zwaar. Ook hun lichaam, borstkas en nek waren duidelijk groter.
Dat lijkt op het eerste gezicht gunstig: een grote beer is mogelijk minder kwetsbaar voor aanvallen en heeft meer energiereserves. Toch kan zo’n zwaar lichaam ook een nadeel zijn. Een groot dier heeft namelijk veel meer voedsel nodig. Jonge beren leren normaalgesproken van hun moeder waar ze in elk seizoen eten kunnen vinden, maar opgevangen beren missen die kennis.
Leestip: IJsberen spelen een verrassend grote rol in het Noordpoolgebied
Ciarniello spreekt daarom van een mogelijke ‘metabolic trap’. Ze legt uit: “Zelfs wanneer er meer dan genoeg voedsel aanwezig is kunnen deze jonge beren toch te weinig ervaring hebben om genoeg calorieën binnen te krijgen voor hun grote lichaam.”
Een onderzoek naar de dood van vier beren ondersteunt dat idee. Twee mannelijke beren hadden toegang tot een rivier vol met zalm. Toch vielen zij gedurende 107 dagen gemiddeld een kwart kilo per dag af. Twee vrouwtjes die geen zalm konden vinden vielen gemiddeld bijna een halve kilo per dag af. Dat sterke gewichtsverlies laat volgens Ciarniello zien hoe moeilijk het voor de dieren was om zelfstandig voedsel te vinden.
Gewend aan mensen
Het tweede probleem heeft te maken met gewenning aan mensen. De (Canadese) richtlijnen voor berenopvang adviseren om maximaal twee verzorgers in de buurt van de dieren te laten. Dat is vooral omdat ze heel snel kunnen wennen aan mensen. Uit het onderzoek blijkt echter dat zelfs dat al mogelijk te veel is. Ciarniello laat weten dat de dieren waarschijnlijk zo intelligent zijn dat ze niet alleen wennen aan mensen, maar ook aan de gebouwen van mensen. Daarbij is vooral het voeren van beren in een verblijf problematisch: het kan ervoor zorgen dat opgevangen beren een link leggen tussen menselijke infrastructuur en het krijgen van voedsel.
Dat bleek duidelijk bij een vrouwtje met de naam Siggi. Zij leefde na haar vrijlating 59 dagen in een afgelegen berggebied. In die periode had ze geen contact met mensen, tot ze bij een tijdelijke mijn kwam op 1730 meter hoogte. Direct daarna begon ze werknemers herhaaldelijk om voedsel te vragen. De werknemers probeerden haar eerst weg te jagen, onder andere met het geluid van een helikopter. Echter bleek ze daar niet erg van onder de indruk te zijn. Uiteindelijk werd ze binnen 24 uur na het vinden van de mijn gedood, omdat haar gedrag te gevaarlijk was geworden.
Andere manier van opvangen
Ciarniello legt uit dat wilde jonge beren van hun moeder leren om voorzichtig te zijn. Echter hebben opgevangen dieren die waarschuwingen niet meegekregen. Integendeel: ze hebben mogelijk vooral geleerd dat mensen hen voedsel geven. Daardoor kan het al snel mis gaan na hun vrijlating: zodra een beer een gebouw tegenkomt denken ze dat daar voedsel te vinden is. De mensen die in de buurt van zo’n gebouw te vinden zijn zien vervolgens een hongerige grizzlybeer op hen afstuiven, waardoor er al snel een conflict kan ontstaan.
Ciarniello pleit daarom voor een andere manier van opvangen. Ten eerste het liefst met zo min mogelijk menselijk contact. Zo zouden verblijven groot moeten zijn en ver van steden moeten liggen. De beren die in zo’n verblijf leven kunnen op afstand worden gevoed, zonder dat verzorgers het verblijf binnengaan. Ook moet er meer rekening gehouden worden met hoe snel de dieren groeien: hun uiteindelijke gewicht zou dichter in de buurt moeten liggen van het gewicht van wilde beren van dezelfde leeftijd.
De studie is klein en kan daarom niet alle vragen over berenopvang beantwoorden. Toch zijn de uitkomsten belangrijk: ze laten zien dat een vrijlating op zichzelf geen bewijs is van een geslaagd opvangprogramma. “Het echte bewijs van succes is niet het hartverwarmende moment waarop de transportkist opengaat”, stelt Ciarniello. “Het gaat erom of deze beren lang genoeg overleven om uiteindelijk deel uit te maken van een wilde populatie.”
We schreven vaker over dit onderwerp, lees bijvoorbeeld ook Wetenschappers geven onverwoestbaar beerdiertje een tatoeage en daar hebben ze goede redenen voor en Uniek en schattig: onderzoekers filmen ijsbeertjes die voor het eerst uit hun hol klimmen . Of lees dit artikel: Italiaanse beren worden stilaan ‘tam’ en dat komt misschien door de mens .
Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:


