In Turkmenistan lekken grote hoeveelheden van het krachtige broeikasgas methaan de atmosfeer in, zo onthullen satellieten. En dat kan met één druk op de knop of een beetje sleutelen voorkomen worden.

Als het over het klimaatprobleem gaat, gaat het vaak over koolstofdioxide of CO2: een broeikasgas dat langdurig in de atmosfeer blijft hangen en tot opwarming van de aarde leidt. Maar er zijn meer broeikasgassen, waaronder methaan. Dit broeikasgas blijft aanzienlijk korter in de atmosfeer hangen, maar is wel veel krachtiger dan CO2. En daarmee levert het een behoorlijke bijdrage aan het klimaatprobleem. Methaan komt van nature vooral vrij in natte gebieden (moerassen en veen bijvoorbeeld). Dat de methaanconcentratie de laatste 200 jaar flink is toegenomen, is echter te wijten aan de mens die verschillende nieuwe methaanbronnen gecreëerd heeft, zoals de winning en het gebruik van fossiele brandstoffen (olie en gas), de afvalverwerking en (grootschalige) veeteelt.

Exacte locaties
Met behulp van satellieten kunnen wetenschappers de methaanconcentratie in de atmosfeer in de gaten houden en ook gebieden aanwijzen die behoorlijk wat methaan uitstoten. Dat laatste is belangrijk, want als we weten waar grote hoeveelheden methaan vrijkomen, kunnen we ook maatregelen treffen om de uitstoot van dat broeikasgas terug te dringen. Eerder toonden wetenschappers bijvoorbeeld met behulp van het door Nederlandse bedrijven gebouwde satellietinstrument TROPOMI al aan dat grote olie- en gasvelden in de VS grote hoeveelheden methaan in de atmosfeer brengen. Het bleef echter heel lastig om specifieke locaties op die olie- en gasvelden aan te wijzen waar methaan weglekte. Maar daar komt verandering in. Want het is wetenschappers nu gelukt om met een breed scala aan satellietmetingen – waaronder ook metingen van TROPOMI – specifieke plaatsen op Turkmeense olievelden aan te wijzen waar grote hoeveelheden methaan weglekken. “Het gaat om heel veel grote lekken,” zo vertelt professor Ilse Aben aan Scientias.nl.

De methode
Om deze lekken op te sporen, werd eerst een beroep gedaan op TROPOMI. “Deze spotte de methaan hotspots,” legt Aben uit. “Daarna hebben we de ruwe locaties doorgegeven aan onze Spaanse onderzoekspartners die met andere satellieten (met name Sentinel-2, PRISMA, Landsat en nog een paar) hebben ingezoomd op die locaties.” Hoewel deze satellieten – in tegenstelling tot TROPOMI – niet ontwikkeld zijn om methaan te spotten, konden deze omdat het om zulke grote hoeveelheden methaan gaat, het broeikasgas op aangeven van TROPOMI toch detecteren. En omdat de satellieten met een hoge resolutie waarnemen (~20-30 meter) konden ze dus de exacte bronnen van de methaanlekken aanwijzen. “En zo vonden we zo’n 29 verschillende bronnen waarvan 24 niet werkende affakkelinstallaties zijn.”

Die affakkelinstallaties zijn – ironisch genoeg – eigenlijk bedoeld om de methaanuitstoot te beperken. “Bij het winnen van olie komt ook gas vrij dat voor een groot deel uit methaan bestaat. Als er geen infrastructuur is om dat gas weg te transporteren is de enige manier om van dat gas af te komen vaak het te verbranden (fakkelen),” legt Aben uit. “Maar als die installaties niet werken of ‘uit gaan’, dan stroomt het gas direct de atmosfeer in.”

Laaghangend fruit
En die niet-werkende affakkelinstallaties brengen behoorlijke hoeveelheden methaan in de atmosfeer. “Als je dit soort bronnen vanuit de ruimte kunt zien, gaat het altijd om heel veel methaan.” En dat is best frustrerend. “Als je je dan ook realiseert dat we precies weten welke bronnen het zijn, en dat de uitstoot waarschijnlijk eenvoudig te vermijden is – het zou niet ingewikkeld moeten zijn om die affakkelinstallaties weer te laten branden (repareren of aansteken) – dan is het vooral belangrijk dat er iets aan wordt gedaan om die uitstoot zo spoedig mogelijk te stoppen. Dit kun je gerust het laaghangend fruit noemen als het gaat om het reduceren van broeikasgasemissies.”

Of de eigenaren van de Turkmeense olievelden zich daar ook van bewust zijn, is onduidelijk. “Het is niet eenvoudig voor ons om met de eigenaren te communiceren, dus we weten het niet. De installaties staan ook in redelijk onbewoonde gebieden.”

Wereldwijd probleem
Wat de onderzoekers wél weten, is dat de methaanbronnen geen typisch Turkmeens probleem zijn. “Met TROPOMI zijn we eigenlijk continu bezig om die zogenaamde methaan super emitters (grote gelokaliseerde methaanlekken) te detecteren. Dat doen we wereldwijd en we zien die niet alleen in Turkmenistan.” Dat het onderzoek zich wel op het Centraal-Aziatische land richt, is vooral te herleiden naar praktische overwegingen. “In dit geval viel de keuze op dit gebied omdat er meerdere hotspots door TROPOMI worden gedetecteerd die relatief dicht bij elkaar liggen, en omdat die andere satellieten met name methaanpluimen goed kunnen detecteren boven woenstijngebied.”

De komende tijd zullen de onderzoekers de methaanbronnen in Turkmenistan blijven monitoren. De hoop is natuurlijk dat er maatregelen worden genomen om de affakkelinstallaties weer aan de praat te krijgen en de methaanemissies flink terug te dringen.