Onder de Appalachen zit een reusachtig brok heet gesteente dat ooit onder de
Labradorzee lag en langzaam naar New York schuift. Dit gesteente verklaart mogelijk
waarom het oude gebergte nog steeds omhoog komt.
Tweehonderd kilometer onder de aardkorst bij de Appalachen – een gebergte in het oosten
van Noord-Amerika – ligt een driehonderdvijftig kilometer brede abnormaal hete klodder
mantelgesteente. Geologen van de Universiteit van Southampton, Florence en de
aardwetenschappenafdeling van het Duitse Helmholtz ontdekten dat dit “raadselachtige
kenmerk van de Noord-Amerikaanse geologie” – aldus de onderzoekers – oorspronkelijk in
de Labradorzee lag in plaats van Afrika, en zich richting de stad New York verplaatst.
Geologen dachten altijd dat de hete mantelklodder ontstond toen het Noord-Amerikaanse
continent afbrak en wegdreef van Noordwest Afrika. Maar het deel van het continent waar
het hete mantelgesteente nu ligt is al 180 miljoen jaar “tektonisch rustig” verklaart Tom
Gernon, hoofdauteur van het onderzoek. Volgens Gernon, hoogleraar aardwetenschappen
aan de Universiteit van Southampton, klopte de oorspronkelijke theorie over dat overblijfsel
dus nooit helemaal.
Gernon en zijn team denken nu dat het mantelgesteente achttienhonderd kilometer
noordoostelijk van de Appalachen ontstond, waar nu de Labradorzee ligt. Dat gebeurde zo’n
negentig miljoen jaar geleden toen de aardkorst tussen Canada en Groenland begon te
breken. Met een snelheid van zo’n twintig kilometer in één miljoen jaar bewoog het
onderaardse mantelgesteente richting de plek waar deze nu ligt.
De wetenschappers verklaren het ontstaan van het hete mantelgesteente met de zogeheten
‘mantle wave’-theorie, waarmee zij vorig jaar de finale bereikten van de verkiezing
‘Doorbraak van het Jaar’ van het tijdschrift Science. Volgens die theorie laten brokken heet,
dicht gesteente los van de onderkant van tektonische platen zodra die beginnen te breken.
Net als bellen in een lavalamp bewegen deze steenbrokken van enkele tientallen kilometers
dik langzaam door de mantel.
Gernon legt uit dat dit onderdeel is van een veel groter proces diep in de aarde: losgeraakte
steenbrokken die door de mantel zwerven kunnen namelijk de ‘wortels’ van oude bergketens
aantasten. Zulke wortels bestaan uit samengeperst, zwaar gesteente dat een gebergte als
ballast naar beneden trekt. Als warmte van de losgekomen lavalamp-brokken die wortels
verzwakt of gedeeltelijk verwijdert, wordt het gebergte lichter en stijgt het juist op. “Zoals een
heteluchtballon die stijgt nadat hij zijn ballast heeft laten vallen,” zegt Gernon. Dat kan
helpen verklaren waarom de Appalachen, ondanks hun ouderdom, nooit zijn verdwenen en
zelfs nog steeds omhoogkomen.
De onderzoekers denken dat de driehonderdvijftig kilometer brede warmtezone onder de
Appalachen precies zo’n losgeraakt brok mantelgesteente betreft. Op basis van hun
voorspellingen ligt dit brok binnen vijftien miljoen jaar onder New York.


