Een nieuw onderzoek laat zien dat er mogelijk veel meer soorten bestaan dan we eerder dachten.
Wetenschappers weten al lang dat er nog veel werk verzet moet worden voordat we alle soorten op aarde hebben ontdekt. Een nieuw onderzoek laat echter zien dat het aantal onontdekte soorten waarschijnlijk een heel stuk groter is dan we eerder dachten. Zo blijkt uit een nieuwe analyse, uitgevoerd door onderzoekers van de University of Arizona, dat er mogelijk veel meer gewervelde diersoorten bestaan dan we eerder dachten. Het gaat dan vooral om zogeheten cryptische soorten: dieren die er (bijna) hetzelfde uitzien, maar genetisch duidelijk verschillen.
Cryptische soorten
Maar eerst even een paar stapjes terug. Voor het vinden en identificeren van nieuw soorten maken biologen vaak gebruik van uiterlijke kenmerken. Denk bijvoorbeeld aan verschillende kleurpatronen, schubben of snavels. Daarmee kun je veel soorten prima uit elkaar houden. Cryptische soorten lijken zó sterk op andere soorten dat je ze met het blote oog nauwelijks kunt onderscheiden. Echter laat hun DNA wel heel duidelijk zien dat ze tot een andere soort behoren.
Uit het nieuwe onderzoek blijkt nu dat cryptische soorten veel vaker voorkomen dan eerder werd gedacht. Evolutiebioloog John Wiens heeft meegewerkt aan het onderzoek. Hij zegt: “gewervelde diersoorten die wij als één diersoort zien blijken gemiddeld vaak toch uit twee cryptische soorten te bestaan.” Met andere woorden: mogelijk bestaan er twee keer zoveel gewervelde diersoorten dan we eerder dachten. Het onderzoek is te vinden in Proceedings of the Royal Society B.
Meer DNA-onderzoek
De afgelopen jaren is het uitvoeren van een degelijk DNA-onderzoek steeds goedkoper en sneller geworden. Daardoor maken biologen er steeds vaker gebruik van tijdens onderzoeken naar een diersoort. Echter lijkt de toename in DNA-onderzoeken ook tot iets anders te leiden: er wordt vaker een cryptische soort ontdekt.
Promovendus Yinpeng Zhang merkte dat op toen hij zich aan het inlezen was voor een nieuw onderzoek. Om uit te zoeken hoe vaak dat gebeurt verzamelden Zhang en zijn collega’s de resultaten van 373 studies van over de hele wereld. Ze keken vooral naar studies die cryptische soorten hadden ontdekt.
Uit het analyseren van die grote stapel komt een opvallend simpele uitkomst naar voren: gewervelde diersoorten blijken gemiddeld vaak toch uit twee cryptische soorten te bestaan. Dat gemiddelde was ongeveer gelijk bij heel verschillende groepen gewervelden. Wiens: “Bij vissen, vogels, zoogdieren, reptielen en amfibieën zagen we steeds hetzelfde beeld naar voren komen.”
Concreet voorbeeld
Een concreet voorbeeld van zo’n cryptische soort is de Arizona mountain kingsnake, oftewel Lampropeltis pyromelana. Jarenlang dachten biologen dat alle populaties in Arizona bij dezelfde soort hoorden, omdat ze er vrijwel hetzelfde uitzien. Pas na het uitvoeren van een DNA-onderzoek werd duidelijk dat de noordelijke en zuidelijke populaties genetisch flink verschillen. De zuidelijke dieren werden daarom als een aparte soort erkend: Lampropeltis knoblochi. “Als je die twee koningsslangen naast elkaar legt lijken ze bijna identiek,” zegt Zhang. “Maar het DNA laat zien dat het om twee aparte, cryptische soorten gaat.”
De resultaten zijn belangrijk te noemen, omdat natuurbescherming in de praktijk vaak op soortniveau werkt. Als een soort wordt opgesplitst in twee of meer soorten, dan heeft elke soort mogelijk een kleiner verspreidingsgebied. Wiens: “We zien vaak dat soorten met een kleiner verspreidingsgebied een grotere kans hebben om uit te sterven.”
Leestip: Is je kleuter bang voor slangen? Een klein verhaaltje kan al helpen
Daar komt nog iets bij: veel cryptische soorten zijn al wel ontdekt, maar nog niet officieel benoemd. “Er zijn honderden onderzoeken te noemen die allemaal ‘onbedoeld’ een cryptische soort hebben gevonden’, zegt Wiens. “Echter zien we ook dat maar heel weinig onderzoekers zo’n cryptische soort vervolgens dan ook een naam geven.”
Zonder officiële naam kan het beschermen van de soort lastiger worden, omdat wetgeving en beheerplannen vaak om erkende soorten draaien. Wiens zegt daarom: “we kunnen een soort niet beschermen als we niet weten dat deze bestaat.” Daarnaast is er mogelijk nog een ander probleem: doordat dieren niet officieel worden benoemd kan het zijn dat dieren van verschillende soorten onbedoeld worden gemengd tijdens kweekprogramma’s of herintroducties.
We schreven vaker over dit onderwerp, lees bijvoorbeeld ook Schotse fossiele hagedis onthult onverwachte slangachtige trekken en Gek genoeg hebben brandwonden een belangrijke rol gespeeld in de evolutie . Of lees dit artikel: Op eilanden sterven landslakken massaal uit: soms is 80 procent van de lokale soorten al verdwenen .
Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:


