Snelle hartslag, trillingen, duizeligheid en het gevoel dat je stikt: paniek! Ongeveer 10 procent van alle mensen ervaart minstens één keer in hun leven een paniekaanval. Van die groep krijgt 20 tot 30 procent hier zodanig vaak en heftig mee te maken dat er gesproken wordt van een paniekstoornis. Recent onderzoek laat een nieuwe, mogelijk effectievere manier zien om paniekstoornissen te behandelen dan de standaardzorg.
Misschien heb je het zelf wel eens meegemaakt: een plotselinge, intense golf van angst zonder duidelijke oorzaak. Vaak gaat dit gepaard met hevige lichamelijke klachten, zoals hartkloppingen, ademnood en tintelingen door het lichaam. Zo’n paniekaanval is niet gevaarlijk en verdwijnt meestal binnen enkele minuten tot een half uur. Toch kan het doodeng aanvoelen, als een compleet verlies van controle of zelfs het gevoel dat je doodgaat. Wanneer deze aanvallen vaker voorkomen en het dagelijks leven beïnvloeden, is behandeling van groot belang.
Hoe therapie helpt
De huidige standaardbehandeling voor paniekstoornissen is cognitieve gedragstherapie (CGT), waarbij je leert om negatieve gedachten om te buigen naar positieve gedachten. Een bewezen effectieve manier binnen CGT is de zogeheten interoceptieve blootstelling. Hierbij worden in een veilige en gecontroleerde omgeving bewust lichamelijke sensaties opgewekt die lijken op die van een paniekaanval om de patiënten te leren dat ze niet gevaarlijk zijn.
Meestal gebeurt interoceptieve blootstelling met oefeningen binnen de behandelkamer, zoals bewust hyperventileren of rondjes draaien op een stoel. Uit een nieuw onderzoek van de Universiteit van São Paulo blijkt echter dat intense, korte periodes van hevige lichaamsbeweging mogelijk effectiever zijn dan deze standaardoefeningen van de huidige behandeling.
Bewegen tegen paniek
Het onderzoeksteam vergeleek 12 weken lang het effect van korte, intensieve en afwisselende inspanning met een veelgebruikte vorm van ontspanningstherapie binnen CGT bij 102 volwassenen met een paniekstoornis. De deelnemers werden verdeeld over twee groepen: de experimentele groep en de controlegroep. Beide groepen deden drie sessies van hun toegewezen behandelingen per week, zonder medicatie.
De experimentele groep begon elke behandelsessie met spierstrekken, gevolgd door 15 minuten wandelen, een aantal korte periodes van 30 seconden intensief rennen afgewisseld met 4,5 minuut actieve rust en eindigend met nogmaals 15 minuten wandelen. De controlegroep deed gerichte spieraanspanningen in verschillende delen van het lichaam, gevolgd door lokale ontspanningsoefeningen. Alle deelnemers droegen biometrische monitoren tijdens de sessies.
Beoordeling
De belangrijkste maatstaf van de studie was de verandering in de score van de Paniek- en Agorafobie Schaal (PAS) over 24 weken. De schaal meet de ernst van de panieksymptomen aan de hand van 13 vragen. Daarnaast keken de onderzoekers naar veranderingen in vragenlijsten over angst en depressie en naar hoe vaak en hoe heftig de deelnemers hun paniekaanvallen zelf ervaarden. Een psychiater, die niet wist wie welke behandeling had gekregen, beoordeelde de resultaten.
De resultaten lieten zien dat zowel de gemiddelde PAS-scores als de scores voor angst en depressie daalden in beide groepen, wat aantoont dat beide behandelingen succesvol waren. Toch nam de afname sterker toe in de groep die de nieuwe, korte, intense inspanningsbehandeling volgde. Ook daalden de hoeveelheid en ernst van de paniekaanvallen in deze groep meer dan in de controlegroep.
Kort maar krachtig
Kort, intensief bewegen blijkt dus effectiever dan ontspanningsoefeningen bij de behandeling van een paniekstoornis, met positieve effecten die minstens 24 weken aanhouden. Bovendien vonden de deelnemers het leuker om te doen, wat de kans vergroot dat ze de behandeling blijven volgen. Volgens de onderzoekers kan de nieuwe methode worden ingezet als een natuurlijke en goedkope manier van behandelen, die patiënten makkelijk in hun dagelijks leven kunnen toepassen, buiten de behandelkamer.
We schreven vaker over dit onderwerp, lees bijvoorbeeld ook Het aantal jongeren met psychische problemen explodeert: een op de vijf zoekt hulp en De natuur is goed voor je psychische gezondheid, maar dan moet wel aan deze voorwaarden zijn voldaan Of lees dit artikel: Mensen met psychische aandoening zijn ouder dan hun paspoort aangeeft: biologische leeftijd loopt soms jaren uit de pas.



