Lastig verteerbare voeding werd door de pterosaurussen mogelijk zo weer naar buiten gekieperd.

Dat schrijven onderzoekers in het blad Philosophical Transactions of the Royal Society B. Ze trekken die conclusie nadat ze twee in China teruggevonden pterosaurussen onder de loep namen. De pterosaurussen behoren beiden tot de soort Kunpengopterus sinensis en zijn beiden teruggevonden in het gezelschap van een hoopje botjes dat zich net naast hun kop bevindt. In hun studie betogen de wetenschappers nu dat het om braakballen gaat. En dat vertelt ons weer meer over het dieet en het nog altijd raadselachtige spijsverteringsstelsel van de inmiddels uitgestorven vliegende reptielen.

Bromalieten
De wetenschappers bogen zich voor de studie over een volwassen en jongvolwassen pterosaurus uit het late Jura. Behalve dat de pterosaurussen tot dezelfde soort behoren en vrij compleet zijn teruggevonden, hebben ze nog iets gemeen: in hun nabijheid is een bromaliet – versteende overblijfselen afkomstig uit een spijsverteringskanaal – teruggevonden. “Beide bromalieten bevinden zich buiten de lichaamsholtes,” zo schrijven de onderzoekers. “Wat erop wijst dat ze kort voor het intreden van de dood of misschien zelfs tijdens het intreden van de dood zijn uitgedreven.”

Braaksel of uitwerpselen?
Nu zijn bromalieten er in twee soorten: braaksel en uitwerpselen. De onderzoekers zijn er echter van overtuigd dat we in dit geval te maken hebben met braaksel. Zo is de bromaliet in beide gevallen simpelweg te groot om via de achterkant het lichaam te verlaten. Ook de samenstelling van de bromalieten wijst erop dat het om braakballen gaat, zo stellen de onderzoekers. Zo bestaan ze grotendeels uit schubben van vissen. “Onverteerbare onderdelen van prooien – zoals haar en visschubben – worden vaak teruggevonden in de braakballen van hedendaagse vogels.” Ook de positie van de braakballen – dicht bij de mond – wijst er in het geval van de volwassen pterosaurus op dat deze via de mond in plaats van het achterwerk zijn uitgescheiden.

Hier zie je de twee pterosaurussen. De groene pijltjes wijzen de bromalieten aan. De ene bromaliet is bijna bolvormig en heeft een diameter van 10-12 millimeter. De andere is wat langgerekter en meet 42 bij 16 millimeter. Afbeelding: The Royal Society.

Eerdere studies
Het idee dat pterosaurussen braakballen produceerden, is niet nieuw. In het verleden zijn er al eerder studies verschenen waarin mogelijke braakballen van pterosaurussen werden gepresenteerd. Maar sommige van die studies zijn alweer ontkracht en anderen zijn op zichzelf niet overtuigend gebleken. Maar met de nieuwe studie zijn er nu opnieuw aanwijzingen gevonden dat de pterosaurussen wellicht braakballen voortbrachten. “Gezien de geringe afstand tussen het skelet en de bromaliet en de afwezigheid van andere dieren kunnen we veilig aannemen dat de ballen door de pterosaurus ernaast zijn geproduceerd,” zo schrijven de onderzoekers. En er zijn dus ook meerdere aanwijzingen dat het om braakballen en niet om uitwerpselen gaat.

Als de onderzoekers het bij het juiste eind hebben en de pterosaurussen tezamen met hun braakballen zijn gefossiliseerd, kan dat waardevolle inzichten geven in het nog altijd tamelijk raadselachtige dieet en spijsverteringskanaal van de vliegende reptielen. Zo wijzen de vermeende braakballen erop dat pterosaurussen – net als bijvoorbeeld uilen – twee magen had: eentje om voedsel te verteren en eentje om onverteerbaar voedsel te verzamelen en samen te kneden tot een bal die in een later stadium kan worden uitgebraakt. Daarnaast hint het feit dat de vermeende braakballen grotendeels uit visschubben bestaan, erop dat pterosaurussen piscivoren waren (oftewel: voornamelijk vis aten). Hoewel het de onderzoekers niet gelukt is om de door de pterosaurussen verorberde vissoort(en) te identificeren, kunnen ze op basis van de schubben in de vermeende braakballen wel concluderen dat de volwassen pterosaurus een grote vis had buitgemaakt, terwijl de kleinere pterosaurus een vis van gemiddelde omvang nuttigde. Het wijst erop dat de pterosaurussen gedurende hun leven op dezelfde vissen joegen, maar naarmate ze zelf groeiden daarbij ook de focus naar steeds grotere exemplaren verlegden. En de lastig verteerbare delen van die vis werden daarbij dus mogelijk net zo gemakkelijk door jonge als oudere pterosaurussen weer naar buiten gewerkt.