In een grot in Spanje hebben onderzoekers gekannibaliseerde resten van zeker elf mensen ontdekt. Ze lijken na een conflict met hun buren door diezelfde buren te zijn gedood en opgegeten.
Tot die gruwelijke conclusie komen onderzoekers in het blad Scientific Reports. Ze baseren zich op archeologisch onderzoek in een grot in de Sierra de Atapuerca, een bergketen in het noorden van Spanje. Tijdens die opgravingen stuitten ze op de resten van zeker elf mensen die zo’n 5700 jaar geleden, tijdens het zogenoemde neolithicum (de nieuwe steentijd), leefden.
Bijtsporen
Opvallend is dat de teruggevonden botten sporen vertonen van kannibalisme. Zo zijn op de botten snijsporen aangetroffen, net als aanwijzingen dat de botten zijn gekookt. Sommige botten zijn bovendien opengespleten om het beenmerg te verwijderen. En dan zijn er ook nog botten gevonden waarop zelfs menselijke bijtsporen zichtbaar zijn.
Context
Het laat allemaal weinig aan de verbeelding over. Maar het roept wel de vraag op in welke context mensen besloten om hun soortgenoten te verorberen. Onderzoek wijst uit dat de onfortuinlijke slachtoffers – zowel kinderen als (jong)volwassenen – in een vrij kort tijdsbestek, mogelijk van enkele dagen, werden opgegeten. Daarnaast wijst een analyse van de botten uit dat de slachtoffers allemaal uit de buurt kwamen. Het wijst volgens de onderzoekers op een neolithisch conflict, dat uitmondde in kannibalisme. “Dit was noch een begrafenistraditie, noch een reactie op extreme hongersnood,” stelt onderzoeker Francesc Marginedas. Gezien de snelheid waarmee het allemaal lijkt te zijn gebeurd, is het volgens hem aannemelijker dat het kannibalisme volgde op een gewelddadige gebeurtenis. “Mogelijk een conflict tussen naburige landbouwgemeenschappen.”
Conflicten horen erbij, kannibalisme soms ook
Dat mensen ook in het neolithicum soms al met elkaar overhoop lagen, is niet zo heel verrassend. “Conflicten en de ontwikkeling van strategieën om die te beheersen en te voorkomen, maken deel uit van de menselijke natuur,” stelt onderzoeker Antonio Rodríguez-Hidalgo. En eerder zijn op verschillende plekken in Europa ook wel resten teruggevonden van mensen die tijdens zo’n neolithisch conflict het leven lijken te hebben gelaten. Maar zij werden lang niet altijd door hun tegenstanders opgegeten. Toch zijn er ook in andere landen – waaronder Frankrijk en Duitsland – wel sporen teruggevonden van neolithische conflicten die wél in kannibalisme uitmondden, weet Rodríguez-Hidalgo. “Etnografische en archeologische gegevens laten zien dat zelfs in minder gelaagde en kleinschalige samenlevingen gewelddadige incidenten kunnen voorkomen, waarbij vijanden – in een poging hun bestaan echt uit te wissen – geconsumeerd worden.”
Met het nieuwe onderzoek in de grot in de Sierra de Atapuerca borduren de wetenschappers voort op eerdere archeologische vondsten. Tijdens dat eerdere onderzoek stuitten wetenschappers reeds op aanwijzingen voor een recenter geval van kannibalisme, dat zich in de Bronstijd – ergens tussen 4600 en 4100 jaar geleden – voordeed. De nieuwe ontdekking onthult nu dat mensen er in het late neolithicum reeds dergelijke praktijken op nahielden. Het maakt deze grot volgens de onderzoekers tot “een sleutelplek voor wie prehistorisch menselijk kannibalisme wil begrijpen”.


