Mannen hebben twee keer zoveel kans om de ziekte van Parkinson te krijgen als vrouwen. Ook een nieuw Nederlands onderzoek dat vandaag verscheen stelde een groot verschil in ons land vast. We gaan op zoek naar verklaringen.
Uit de studie van de Universiteit Utrecht en het Radboudumc bleek verder dat hoogopgeleiden de ziekte vaker krijgen dan lager opgeleiden en dat de kans toeneemt met de jaren met een piek tussen 75 en 85 jaar. En meest opvallend: in de noordelijke provincies komt de aandoening vaker voor dan in de rest van het land.
De onderzoekers keken naar cijfers van nieuwe patiënten tussen 2017 en 2022. Lichtpuntje: het aantal nieuwe gevallen blijft in Nederland stabiel. Er is dus geen toename zoals vaak wordt gedacht.
Meer parkinson in het noorden
De geografische verschillen zijn wellicht het meest interessant, omdat daar geen verklaring voor is. Zo is luchtvervuiling een mogelijke risicofactor, maar in het noorden is de lucht juist het schoonst. Ook pesticiden worden vaak gelinkt aan parkinson, maar er wordt in de noordelijke regio’s niet per se meer gespoten dan in de rest van het land.
Nu duurt het lang voor blootstelling aan pesticiden echt tot parkinson leidt, minimaal tien jaar, en er is alleen gekeken naar het woonadres tijdens de diagnose. Theoretisch is het mogelijk dat mensen, die in Friesland wonen eerst elders in meer vervuilde lucht of tussen met pesticiden besproeide akkers hebben geleefd.
Dat hoogopgeleiden vaker parkinson krijgen dan lager opgeleiden kan komen doordat zij minder vaak roken. Gek genoeg, is roken een beschermende factor.
Verklaart eiwit verschil tussen man en vrouw?
Ook voor het verschil tussen mannen en vrouwen zijn eerder al verklaringen gevonden. Zo is er een onderzoek van begin vorig jaar dat vaststelde dat mannen twee keer zoveel kans hebben op parkinson als vrouwen en dat dit komt door de werking van een eiwit in de hersenen, genaamd PINK1. Dit helpt normaal gesproken hersencellen om hun energie goed te regelen. Maar nieuw onderzoek laat zien dat dit bij sommige mensen met parkinson misgaat. Het afweersysteem ziet PINK1 dan ten onrechte als een vijand en valt hersencellen aan die dit eiwit bevatten. Daarmee richt het immuunsysteem schade aan in de hersenen. Bij mannen met parkinson reageert het afweersysteem veel heftiger dan bij vrouwen. Mogelijk verklaart dit deels waarom de ziekte vaker voorkomt of anders verloopt bij mannen dan bij vrouwen.
Maar het is waarschijnlijk een samenspel van factoren. Zo wordt het werken met pesticiden in verband gebracht met parkinson en zijn het vooral mannen, die als boer de gifstoffen over hun land sproeien. Ook kan het nog zijn dat vrouwen door een bepaald geslachtshormoon worden beschermd.
Op dit moment hebben ongeveer 63.000 mensen in ons land de ziekte van Parkinson. We kennen de aandoening vooral van trillende handen, maar er zijn veel meer klachten, zoals trager bewegen, stijve spieren en stemmingsproblemen, slecht slapen en cognitieve stoornissen. De ziekte is progressief: cellen in de hersenen die dopamine produceren sterven af. Echt duidelijke oorzaken zijn er niet, behalve blootstelling aan bepaalde chemische stoffen.


