Microscopische plasticdeeltjes glippen via je darmen binnen in organen waar ze niet thuishoren. Chinese onderzoekers hebben nu bij zebravissen aangetoond hoe ver de schade reikt en wat eraan te doen valt.
Nanoplastics zitten overal, ook in onze lichamen. Het zijn fragmentjes van afgebroken plastic die kleiner zijn dan een duizendste van een millimeter. Ze zijn zo klein dat ze, eenmaal ze in het lichaam zitten, dwars door de wanden van de darmen en bloedvaten kunnen glippen. Zo komen ze in organen terecht.
Onderzoekers aan Wenzhou University wilden weten wat voor schade die deeltjes daar precies aanrichten. En nog belangrijker: of er iets tegen te doen is. Voor hun studie kozen zij de zebravis. Het is een populair modeldier omdat veel van zijn lichaamsprocessen goed lijken op die van zoogdieren.
Ondergedompeld in plasticsoep
Tijdens de proef werden volwassen vrouwelijke zebravissen drie weken lang blootgesteld aan water dat per liter een milligram polystyreen deeltjes bevatte. De deeltjes waren ongeveer zo’n 80 nanometer groot. Dat is een duizendste van de dikte van een mensenhaar. Deze concentratie werd gekozen omdat die overeenkomt met wat onderzoekers terugzien bij vervuilingshotspots in de natuur.
Een groep vissen kreeg daarbovenop elke dag twintig minuten zwemtraining. Dat gebeurde in een soort ‘lopende band onder water’ waarin een lichte tegenstroom de vissen dwong om harder te zwemmen. Dit bootste milde aerobe inspanning na, een beetje zoals joggen bij mensen.
De eierstokken kregen er stevig van langs
Bij de groep die niet extra bewoog, was de schade onmiskenbaar. Nanoplastics bleken zich te hebben opgehoopt in onder meer het weefsel van de eierstokken van de dieren. De productie van vrouwelijke geslachtshormonen raakte van slag; onder meer de hormonen die het rijpen van de eicellen aansturen zakten. Ook waren cellen minder in staat om oxidatieve stress te bestrijden. Het gevolg was onder meer dat eiblaasjes sneller afstierven en dat er een lager aantal eitjes overbleef.
Waarom net de eierstokken? “De eierstok is geen statisch orgaan”, legt mede-auteur van de studie Da Sun uit aan Scientias.nl. “De eierstok ondersteunt voortdurend de groei van follikels, de rijping van eicellen, de productie van hormonen en de communicatie met de hersenen en het metabole systeem. Door die dynamische activiteit is de eierstok bijzonder gevoelig voor oxidatieve stress, ontsteking en verstoring van het hormoonstelsel.” Hij vergelijkt het effect met “fijn zand dat in een precisie-instrument terechtkomt.”
Leestip: De plastic soep zit niet alleen in zee: hij hangt boven je hoofd en warmt de aarde op
Angstige, terneergeslagen vissen
De blootgestelde vissen bleven ook opvallend lang aan de bodem van hun aquarium hangen en zwommen veel minder vaak naar het oppervlak. Hun bewegingen waren trager en ze zochten minder vaak de groep op. De onderzoekers zien dat als tekenen van angst en somberheid.
Die gedragsveranderingen liepen parallel met chemische verschuivingen in het brein. Het stresshormoon cortisol ging omhoog en stoffen die te maken hebben met de aanmaak van noradrenaline en serotonine (twee stemmingsregelaars) daalden. Ook eiwitten die een rol spelen bij de groei van hersencellen en bij de productie van serotonine namen af.
Sun is wel voorzichtig en zegt dat dit nog geen bewijs is dat dit effect er ook bij mensen is. “Het meest accurate antwoord is dat er vroege waarschuwingssignalen zijn, maar nog geen definitief causaal bewijs bij mensen. (…) We willen zeker niet beweren dat nanoplastics depressie veroorzaken bij mensen. Een wetenschappelijk verantwoorde formulering is dat nanoplastics biologische routes kunnen beïnvloeden die relevant zijn voor stemmingsregulatie, zoals het darmmicrobioom, ontsteking, hormonale signalering en de stofwisseling van neurotransmitters en dat die routes serieus onderzoek verdienen.”
En toen ging de vis zwemmen
Hier komt dan eindelijk het goede nieuws. Bij de tweede groep, die dagelijks een trainingssessie kreeg, was de schade voor een groot deel teruggedraaid. Er zat minder plastic in de eierstokken, de hormoonbalans was beter en de vissen gedroegen zich normaal. Zelfs de darmflora verbeterde.
Een soort detox-effect dus? Niet helemaal, zegt Sun. “Aerobe oefening mag niet eenvoudigweg worden geïnterpreteerd als een manier om ‘plastic uit het lichaam te spoelen’. Beweging is hier minder een tegengif en eerder een biologische tuner; ze helpt om oxidatieve stress, endocriene signalering, neurotransmitter-balans en microbiële ecologie terug te brengen naar een stabielere toestand.”
Wat moet je als lezer met dit nieuws?
Dit is allemaal geen reden om alle plastic uit je huis te bannen. Sun pleit eerder voor wat hij “plasticgeletterdheid” noemt: niet bang zijn voor plastic, maar er verstandig mee leren leven.
“De kernboodschap is: geen paniek, wel actie. Onze studie is niet bedoeld om plastic te demoniseren. Plastics hebben enorme waarde in de geneeskunde, voedselbewaring, transport, industrie en het dagelijks leven. Het echte probleem is overmatig gebruik, wegwerpgedrag, gebrekkige afvalverwerking en het voortdurend lekken naar het milieu, waardoor plastics fragmenteren tot micro- en nanoplastics en uiteindelijk terugkeren in water, voedsel, lucht en biologische systemen.”
Een paar praktische tips: warm voedsel niet op in plastic verpakkingen, kies waar het kan voor glas of inox en gebruik zo weinig mogelijk wegwerpplastic. En (hoeft het nog gezegd te worden?) blijf regelmatig in beweging. Dat heeft hoe dan ook talloze voordelen.
Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:


