Na de reuzenwolf wil Amerikaans bedrijf nu ook de uitgestorven moa terugbrengen – maar laat je niet gek maken

Mensen hadden slechts enkele eeuwen nodig om de moa tot uitsterven te dwingen. Het Amerikaanse bedrijf Colossal Laboratories & Biosciences wil de enorme Nieuw-Zeelandse loopvogels nu – in aanzienlijk kortere tijd – weer terugbrengen.

Toen de eerste mensen zich zo’n 800 tot 900 jaar geleden op Nieuw-Zeeland vestigden, liepen daar zeker negen soorten moa’s rond. Het waren enorme loopvogels, waarvan sommige soorten wel meer dan drie meter hoog konden worden. Maar die enorme omvang kon de vogels niet redden; binnen enkele eeuwen na aankomst van de eerste mensen stierven alle soorten – waarschijnlijk voornamelijk door overbejaging – uit. En lang was dat het einde van het verhaal van de moa. Maar het Amerikaanse bedrijf Colossal Laboratories & Biosciences neemt daar geen genoegen mee en kondigde eerder deze week aan de moa – met behulp van geavanceerde genetische technieken – terug te willen brengen.

Reuzenwolf
En dat lijken geen loze kreten. Eerder bracht het bedrijf ook de uitgestorven reuzenwolf terug. Tenminste: soort van (zie kader).

Reuzenwolfpups
Eerder dit jaar kondigde Colossal Laboratories & Biosciences groots aan dat het de uitgestorven reuzenwolf weer tot leven had gewekt. Dankzij het bedrijf hadden drie reuzenwolfpups het leven gezien: Remus, Romulus en Khaleesi. De pups zijn inmiddels iets meer dan zes maanden oud en goed gegroeid, zo onthullen recent vrijgegeven beelden. Ze zijn inmiddels al twintig procent groter dan grijze wolven van dezelfde leeftijd zijn en dus hard op weg om uit te groeien tot echte reuzenwolven – althans, in zekere zin. Want technisch gezien zijn Remus, Romulus en Khaleesi geen reuzenwolven, maar genetisch aangepaste grijze wolven. Hoe zit dat precies? Wetenschappers van Colossal hebben DNA van de reuzenwolf vergeleken met dat van een moderne grijze wolf en daarbij gezocht naar de genetische verschillen die ten grondslag liggen aan opvallende uiterlijke kenmerken van de reuzenwolf – zoals zijn omvang en lange, witte haren. Vervolgens hebben ze het DNA in cellen afkomstig van een grijze wolf zo aangepast dat deze ook die genetische kenmerken bezitten. De DNA-bevattende kernen van deze cellen zijn vervolgens in ontkernde eicellen van grote, gedomesticeerde honden geplaatst. Deze gemodificeerde eicellen zijn in het laboratorium gestimuleerd om te delen en groeien, zodat een embryo ontstond. En dat embryo is vervolgens teruggeplaatst in de baarmoeder van een grote, gedomesticeerde hond. Het leidde uiteindelijk tot de geboorte van drie gezonde pups. Maar dat zijn – in tegenstelling tot wat de marketingafdeling van Colossal aanvankelijk graag beweerde – strikt genomen dus geen echte reuzenwolven, maar eerder grijze wolven met enkele kenmerken van een reuzenwolf. Of, zoals wetenschapper Timothy Hearn in een opiniestuk over de ’terugkeer van de reuzenwolf’ stelt: “Het project (van Colossal Biosciences, red.) is een opmerkelijke demonstratie van genetische manipulatie, maar geen letterlijke herrijzenis van een uitgestorven soort.”

De moa
Ondanks de kanttekeningen die deskundigen bij de zogenaamde herrijzenis van de reuzenwolf plaatsen, smaakt het voor Colossal duidelijk naar meer. En eerder deze week maakte het bedrijf bekend de pijlen nu dus te gaan richten op de moa. De aanpak is in grove lijnen vergelijkbaar met de aanpak die men bij de reuzenwolven hanteerde. Er is alleen één groot verschil, zo stelt Colossal. Om een uitgestorven vogel terug te brengen, heb je mannetjes en vrouwtjes van een nog levende vogelsoort nodig die eicellen en zaadcellen van de uitgestorven vogel kunnen voortbrengen. Om die te verkrijgen, zal Colossal beginnen met het in kaart brengen van het genoom van de uitgestorven moa, om het vervolgens weer te vergelijken met dat van nog levende familieleden – waarschijnlijk de emoe of tinamoe. Uit die vergelijking moet dan blijken welke genetische kenmerken ten grondslag liggen aan de opvallende uiterlijke kenmerken van de moa (zoals de flinke omvang en het ontbreken van vleugels). Die genetische kenmerken willen de onderzoekers dan introduceren in de primordiale kiemcellen – dat zijn cellen die zich ontwikkelen tot eicellen en spermacellen – van levende familieleden. Die aangepaste primordiale kiemcellen moeten dan weer geïntroduceerd worden in embryo’s van de emoe of tinamoe. Die embryo’s ontwikkelen zich als het goed is, vervolgens ‘gewoon’ tot gezonde emoes of tinamoes, die – door de aangepaste primordiale kiemcellen – echter wel moa-achtige voortplantingscellen aanmaken. Wanneer die emoes en tinamoes volgroeid zijn, met elkaar paren en zelf jongen krijgen, zouden die jongen dan de door wetenschappers geselecteerde moa-achtige kenmerken moeten hebben.

Niet echt
Ook in dit geval is strikt genomen geen sprake van een herrijzenis van de moa. In het gunstigste geval creëert men iets wat enigszins op een moa lijkt. “Elk eindresultaat zal – en kan – geen moa zijn,” benadrukt professor Philip Seddon, verbonden aan de zoölogieafdeling van de Universiteit van Otago en niet betrokken bij het Colossal-project. “Moa’s zijn uitgestorven. Genetisch geknutsel aan de fundamentele eigenschappen van een ander levend wezen zal de moa niet terugbrengen.”

Lastig
Geen herrezen moa dus. Maar hooguit een moa-achtige vogel. En het is zelfs twijfelachtig of dat haalbaar is, zo merken deskundigen op. Want zoals je uit de beschrijvingen hierboven misschien al wel hebt kunnen opmaken, is het ’terugbrengen’ van een uitgestorven vogel een stuk ingewikkelder dan het ’terugbrengen’ van een uitgestorven zoogdier. Colossal merkt zelf ook op dat het project nog in de kinderschoenen staat en denkt er zeker vijf tot tien jaar voor te moeten uittrekken. Maar deskundigen vinden dat nog optimistisch. “Wat Colossal met de reuzenwolf heeft gedaan, was waarschijnlijk vrij gemakkelijk in vergelijking met wat het met de moa wil doen,” merkt wetenschapper Nic Rawlence, directeur van het Otago Palaeogenetic Laboratory en niet betrokken bij het Colossal-project, op. Het idee dat er over vijf tot tien jaar een baby-moa in Nieuw-Zeeland ronddartelt, noemt hij “een luchtkasteel”.

Of het lukt een moa-achtige vogel te creëren, is dus nog onduidelijk. Maar zelfs áls het lukt, blijft de grote vraag wat we er uiteindelijk mee winnen. Colossal heeft al laten weten de loopvogels niet in het wild los te willen laten, maar ze – net als de reuzenwolven overigens – in een reservaat te willen stoppen. Daar kunnen onderzoekers hun verrichtingen natuurlijk keurig op de voet volgen – maar aangezien het geen echte moa’s zijn, kun je je afvragen wat we daarvan kunnen leren. En hoe ethisch is het om moderne vogels uit te rusten met eigenschappen van uitgestorven familieleden en die familieleden zo op een soort halfslachtige manier terug te brengen in een wereld die sinds hun uitsterven radicaal veranderd is? Het geeft genoeg stof tot nadenken. En misschien moeten we daar niet eens aan beginnen. Misschien moeten we de illusie dat we kunnen redden wat reeds voorgoed verloren is gegaan, gewoon laten varen – en onze tijd, energie en middelen in plaats daarvan richten op het behoud van soorten die nog wél te redden zijn. Het is misschien niet zo spannend, maar het levert – anders dan het ‘terugbrengen’ van de moa – wél echte winst op voor de natuur.

Bronmateriaal

"Moa" - Colossal.com
"Moa “de-extinction” plans announced – Expert Reaction" - Science Media Centre
Afbeelding bovenaan dit artikel: John Megahan / PLoS Biology (via Wikimedia Commons)

Fout gevonden?

Interessant voor jou

Voor jou geselecteerd