Het kan zomaar eens te maken hebben met de uitbreiding van de gemeenschappelijke intelligentie in vroege menselijke samenlevingen.

Onze hersenen hebben in een ver verleden verscheidende groeispurts doorgemaakt. Maar zo’n 3000 jaar geleden gebeurde er iets opvallends. In plaats van dat ons brein weer een slagje groter werd, nam het juist in omvang af. Onderzoekers hebben in een nieuwe studie gepoogd deze mysterieuze krimp van het menselijk brein te verklaren. En dat is, dankzij een beetje hulp van mieren, gelukt.

Hersenen
De hersenen zijn het meest complexe orgaan in het menselijk lichaam. Wetenschappers zijn dan ook erg geïnteresseerd in het bestuderen ervan. Want mogelijk kan dat ons helpen om de aard van de mensheid beter te begrijpen.

Hersentoename
Zoals gezegd is bekend dat de menselijke hersenen in de loop van onze evolutionaire geschiedenis groeide. “De meeste mensen zijn zich er wel van bewust dat wij ongewoon grote hersenen hebben,” zegt onderzoeker James Traniello. “Aanzienlijk groter dan je zou denken op basis van onze lichaamsgrootte.” Deze toename is op zich goed te verklaren. Zo valt dit samen met onze vroege evolutie en de technische vooruitgang die leidde tot bijvoorbeeld betere voeding en grotere sociale groepen.

Hersenafname
Maar aan die groei kwam zo’n 3000 jaar geleden, ten tijde van het Pleistoceen, plotsklaps een einde. “Een verrassend feit over de hedendaagse mens, is dat onze hersenen kleiner zijn in vergelijking met het brein van onze Pleistocene voorouders,” zegt onderzoeker Jeremy DeSilva. “Waarom onze hersenen zijn gekrompen, is een groot mysterie.” Maar misschien dat mieren ons wel op de goede weg kunnen zetten, zo dachten de onderzoekers. “Begrijpen waarom de omvang van het brein toeneemt of afneemt, is moeilijk te bestuderen met alleen fossielen,” legt Traniello uit. “We begonnen gedachten over de evolutie van de hersenen met elkaar te delen en ontdekten bruggetjes tussen mens en mier.”

Mieren
Dat zal je wellicht verrassen. De samenlevingen van mensen en mieren zijn namelijk heel verschillend. “Tegelijkertijd delen mieren ook belangrijke aspecten van het sociale leven met mensen,” vertelt Traniello. “Denk bijvoorbeeld aan zaken zoals groepsbesluitvorming, arbeidsverdeling en de productie van eigen voedsel (landbouw). En deze overeenkomsten zouden ons in grote lijnen meer kunnen vertellen over de factoren die veranderingen in de grootte van het menselijk brein, kunnen beïnvloeden.”

Studie
In het onderzoek bestudeerden de onderzoekers de hersengrootte, -structuur en het energieverbruik van verschillende soorten werkmieren, waaronder de groene wevermier, Atta en de grote schubmieren. En dat leidt tot een interessante ontdekking. Mierenhersenen blijken namelijk te zijn aangepast, waardoor er enerzijds op efficiënte wijze kennis kan worden gedeeld in sociale groepen en anderzijds bepaalde mieren specialisten werden in specifieke taken. En een onderdeel van deze efficiëntie, is een kleiner brein.

Verklaring
Het leidt tot een interessante verklaring voor de mysterieuze krimp van onze eigen hersenen. Hersenen verbruiken namelijk veel energie. Maar een kleiner brein verbruikt minder energie, wat natuurlijk voordeliger is. En op een bepaald moment in onze menselijke geschiedenis, toen we meer in groepen begonnen te leven, was het niet meer nodig om veel informatie in één enkel hoofd op te slaan. Volgens de onderzoekers zou dat zomaar eens aan de afname van onze hersengrootte ten grondslag kunnen liggen. “We stellen voor dat de afname te wijten is aan de uitbreiding van de gemeenschappelijke intelligentie,” verduidelijkt Traniello. “Het idee dat een groep mensen slimmer is dan de slimste persoon in de groep, wordt vaak ‘de wijsheid van de menigte’ genoemd.”

Hoewel het een interessante theorie is, is het nog niet daadwerkelijk bewezen. Vervolgonderzoek ligt al in het verschiet. “We kijken ernaar uit om onze hypothese te laten testen zodra aanvullende gegevens beschikbaar komen,” besluit DeSilva.