Wetenschappers zijn in de Denisova-grot op de oudste fossiele resten gestuit die ons tot op heden van de nog altijd vrij mysterieuze Denisovamensen bekend zijn.

In de afgelopen eeuwen is er veel onderzoek gedaan naar de evolutionaire geschiedenis van de mens. Aan de hand van fossiele resten die op verschillende plaatsen op aarde zijn aangetroffen hebben onderzoekers nieuwe mensachtigen geïdentificeerd en in onze omvangrijke stamboom geplaatst. Sommige van die mensachtigen – zoals Australopithecus afarensis, alias Lucy of Ardipithecus ramidus, alias Ardi – leefden lang voor Homo sapiens het levenslicht zag. Anderen – zoals de Neanderthalers en vrij recent ontdekte Denisovamensen – moeten nog met onze verre voorouders hebben opgetrokken. Onze kennis van de verschillende mensachtigen loopt sterk uiteen. Van sommige soorten weten we heel veel (dat geldt bijvoorbeeld voor de Neanderthaler). Anderen blijven vrij mysterieus.

Mysterieus
Tot die laatstgenoemde mysterieuze soorten kan ook de Denisovamens worden gerekend. Het is grotendeels te herleiden naar het feit dat van deze mensachtige maar weinig fossiele resten zijn teruggevonden (zie kader).

De eerste resten van de Denisovamensen (of Homo denisova, zoals ze officieel worden aangeduid) werden in 2010 gepresenteerd. Het ging om een vingerkootje en kies die twee jaar eerder in de Siberische Denisova-grot waren ontdekt. Onderzoekers moesten na grondig onderzoek concluderen dat het om resten van een onbekende mensachtige ging die vervolgens vernoemd werd naar de grot waarin de resten waren teruggevonden. In de jaren die volgden, werden in dezelfde grot nog enkele kiezen en fragmenten van een bot uit de schedel en een bot uit een arm of been teruggevonden. In 2019 werden voor het eerst ook buiten de Denisova-grot resten van Denisovamensen teruggevonden; in een Tibetaanse grot stuitten onderzoekers op een onderkaak van een Denisovamens.

Een internationaal team van onderzoekers komt nu echter in het blad Nature Ecology met goed nieuws. Ze hebben in de Denisovagrot opnieuw resten van Denisovamensen ontdekt. En niet zomaar resten, maar de oudste fossiele resten die tot op heden van deze mensachtige zijn teruggevonden. Het gaat om drie fragmenten van botten die zo’n 200.000 jaar oud zijn.

Veel botfragmenten
Afgaand op eerdere vondsten viel natuurlijk te verwachten dat de Denisova-grot nog meer resten van Denisovamensen herbergt. Maar het opsporen daarvan is een stuk lastiger dan je misschien zou denken. In de grot liggen namelijk naast botfragmenten van Denisovamensen ook honderdduizenden botfragmenten van dieren. En veel van die fragmenten zijn zo klein dat het onmogelijk is om op basis van uiterlijk alleen vast te stellen of ze aan dieren of mensachtigen hebben toebehoord. En toch is het onderzoekers nu dus gelukt om temidden van al die botjes enkele botfragmenten van Denisovamensen aan te wijzen. Ze bogen zich daartoe over bijna 3800 botfragmenten die niet meer dan 4 centimeter lang waren en uit de oudste grondlagen in de grot waren gehaald. Eerder was van deze botjes al vastgesteld dat ze te gefragmenteerd waren om geïdentificeerd te worden. De onderzoekers lieten zich echter niet leiden door uiterlijke kenmerken, maar bogen zich over de eiwitten die in de botfragmenten te vinden waren. Daarbij zochten ze specifiek naar eiwitten waarvan we dankzij eerder onderzoek weten dat ze alleen bij mensachtigen voorkomen. Het stelde de onderzoekers in staat om temidden van die duizenden botjes vijf botfragmenten aan te wijzen die mensachtig waren. “Eén nieuw mensachtig bot vinden, zou heel cool zijn geweest, maar vijf? Dat overtrof echt mijn wildste verwachtingen,” aldus onderzoeker Samantha Brown. “We waren verbijsterd toen we in zulke oude grondlagen nieuwe mensachtige botfragmenten ontdekten die intacte biomoleculen herbergden,” voegt onderzoeker Katerina Douka toe.

Drie botfragmenten van Denisovamensen
Van de vijf botfragmenten waren er vier die voldoende authentieke DNA-fragmenten herbergden om nader geïdentificeerd te worden. Vervolgonderzoek wees uit dat drie van deze vier botjes aan Denisovamensen hadden toebehoord. Het vierde botfragment is van een Neanderthaler.

200.000 jaar
De teruggevonden botfragmenten van Denisovamensen zijn tevens gedateerd. En daaruit blijkt dat ze zo’n 200.000 jaar oud zijn. Daarmee zijn het veruit de oudste Denisova-botjes die tot op heden zijn ontdekt.

De eerste bewoners van de grot
Aangezien de botfragmenten afkomstig zijn uit de oudste lagen in de grot, kan de vondst ook gebruikt worden om meer inzicht te krijgen in het leven van de eerste Denisovamensen die zich in het zuiden van Siberië vestigden. Zo blijken de Denisovamensen hier tijdens een interglaciaal, oftewel een warmere periode tussen twee koudere tijdvakken, verschenen te zijn. Dat ze zich juist in de Denisova-grot ophielden, heeft volgens de onderzoekers alles te maken met de strategische ligging van de grot. Verder wijst een analyse van dierlijke botfragmenten die uit dezelfde periode stammen erop dat de eerste Denisovamensen joegen op planteneters, zoals bizons, reeën, edelherten en zelfs wolharige mammoeten. Ze moeten zo enkele duizenden jaren op rij hebben geleefd.

Het lijkt aannemelijk dat de Denisovagrot ons nog veel meer over de mysterieuze Denisovamensen kan vertellen. Want wetenschappers beschikken nu immers over een methode waarmee botfragmenten waarvan eerder werd gedacht dat ze ons weinig konden onthullen, toch nog gebruikt kunnen worden om een einde te maken aan het mysterieuze karakter van de Denisovamens. “De toepassing hiervan heeft ons in staat gesteld om meer mensachtige fossielen te vinden dan middels een ‘gewone’ archeologische opgraving,” aldus onderzoeker Tom Higham. “Dat is een enorme technische doorbraak voor de Paleolithische archeologie.”