Moet de kat weg als je kind astma heeft? Nieuw onderzoek zegt van niet

Volgens een Zweeds onderzoek lijkt het hebben van een kat in huis astmaklachten bij kinderen niet automatisch erger te maken.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief! Ook elke dag vers het laatste wetenschapsnieuws in je inbox? Of elke week? Schrijf je hier in voor de nieuwsbrief!

Astma is de meest voorkomende chronische ziekte bij kinderen. Wereldwijd heeft naar schatting 9,1 procent van de kinderen en 11 procent van de jongeren astma. Bekende risicofactoren zijn onder meer luchtvervuiling, roken en bestaande allergieën, zoals eczeem of hooikoorts.

Veel gezinnen met een kind met astma twijfelen daarom over het nemen van een huisdier, zoals een kat. Katten verliezen huidschilfers en haren, en die kunnen allergenen bevatten. Ouders en kinderen melden geregeld dat het hebben van contact met katten astmaklachten lijkt uit te lokken of te verergeren. Het wetenschappelijk bewijs daarvoor was tot nu toe niet erg overtuigend: veel eerdere onderzoeken waren klein of keken naar een hele specifieke groep kinderen.

Leestip: Wat katten ons kunnen leren over kanker

Een nieuw Zweeds onderzoek hoopt daarom meer duidelijkheid te kunnen brengen. Onderzoekers van onder meer het Karolinska Institutet bekeken de gegevens van 30.277 kinderen tussen de 4 en 17 jaar. Alle kinderen hadden last van astma of een luchtwegallergie. De onderzoekers volgden hen 24 maanden lang, van 2023 tot en met 2024. Daarbij keken ze of kinderen met een kat thuis vaker astma-aanvallen kregen dan kinderen zonder kat.

Dat bleek niet zo te zijn. Van de kinderen die met een kat woonden kreeg 3,3 procent in de onderzoeksperiode een astma-aanval. Bij kinderen zonder kat was dat 3,5 procent. Ook ernstigere vormen van astma kwamen ongeveer even vaak voor: bij 9,6 procent van de kinderen met een kat en bij 10,1 procent van de kinderen zonder een kat.

“We laten zien dat kinderen met astma die met een kat wonen op de korte termijn vergelijkbare uitkomsten hadden als kinderen zonder kat,” zegt hoofdonderzoeker Resthie Putri, werkzaam aan het Karolinska Institutet in Stockholm. “We zagen ook geen verschillen die samenhingen met het aantal katten, het geslacht van de kat of de leeftijd van de kat.” Het onderzoek is te vinden in Frontiers in Allergy.

Ontdekt dankzij het kattenregister

De onderzoekers konden deze vergelijking maken dankzij het bestaan van verschillende Zweedse nationale registers. Ze gebruikten onder meer gegevens over diagnoses, ziekenhuisbezoeken, medicijnen en longfunctietests. Ook gebruikten ze het Zweedse kattenregister. Daarin moeten huiskatten sinds 2023 worden geregistreerd. Van alle kinderen in de studie woonde 9,4 procent in een huishouden met minstens één geregistreerde kat.

Van een kleinere groep van 1.428 kinderen waren ook medische gegevens beschikbaar over astmacontroles en hun longfunctie. Ook daar vonden de onderzoekers geen duidelijke verschillen tussen kinderen met en zonder kat: hun longfunctie was vergelijkbaar en ook scoorden ze ongeveer hetzelfde op tests die meten hoe goed hun astma onder controle is.

Kijktip: Virale video over vingers knakken, waarom vinden we dat zo @#%@$%@

Volgens de onderzoekersbetekent dat niet dat katten nooit klachten kunnen uitlokken. Dat kan per individu verschillen, zeker als iemand sterk reageert op kattenallergenen. Echter lijkt dat dus meer een uitzondering te zijn. De onderzoekers vonden namelijk geen aanwijzingen die lieten zien dat een kat in huis de astma verergert.

Een mogelijke verklaring daarvoor is dat kattenallergenen overal voorkomen. Ze zitten niet alleen in de huizen van katteneigenaren maar kunnen ook via kleding worden meegenomen naar andere plekken, zoals scholen of het openbaar vervoer. “Kinderen zonder kat thuis kunnen op die manier dus toch worden blootgesteld aan kattenallergenen,” legt Putri uit. “Dat kan verklaren waarom we geen verschil zagen.”

Te simpel

De onderzoekers blijven echter nog wel voorzichtig: ze wisten niet precies voor welke allergenen de kinderen gevoelig waren en ook is het kattenregister nog vrij nieuw. Daardoor kan het zijn dat sommige kinderen met een kat toch zijn ingedeeld bij de groep zonder kat. Dat kan de uitkomst beïnvloeden.

Ondanks dat laat het onderzoek zeker iets belangrijks zien: mogelijk is het algemene advies om katten te vermijden als je astma hebt te simpel. Voor gezinnen met een kind met astma kan dit onderzoek dan ook wat meer nuance brengen. Een kat in huis lijkt dus niet automatisch te leiden tot het hebben van meer astma-aanvallen of een verergering van astmaklachten. De onderzoekers benadrukken afsluitend nog wel dat er eerst meer onderzoek onder andere groepen nodig is om dat volmondiger te kunnen stellen.

We schreven vaker over dit onderwerp, lees bijvoorbeeld ook Katten miauwen veel vaker tegen mannen. En dat doen ze niet zonder reden en STAT3-remmer verlengt leven van katten met hoofdhalskanker . Of lees dit artikel: Katten slapen het liefst op hun linkerzij. En daar is een evolutionaire reden voor .

Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:

Bronmateriaal

"Cat exposure and asthma outcomes in a cohort of children with asthma and allergy" -Frontiers in Allergy
Afbeelding bovenaan dit artikel: Envato

Fout gevonden?

Voor jou geselecteerd