Plastic is overal: in onze omgeving en zelfs in ons eigen lichaam. Maar kan het kwaad?

Al een tijdje gonsde het rond: microplastics zouden niet alleen een weg hebben gevonden naar de meest afgelegen en ongerepte gebieden op aarde, ze zouden zelfs in ons eigen lichaam zitten. Nederlandse onderzoekers bevestigen dit nu. Want in een nieuwe studie tonen ze aan dat minuscule plastic deeltjes uit de leefomgeving in de menselijke bloedsomloop terechtkomen. “We hebben nu aangetoond dat onze bloedsomloop, onze levensrivier als het ware, plastic meevoert,” aldus onderzoeker Heather Leslie.

Studie
Het nieuwe onderzoek is één van de weinige studies waarin onderzoekers in menselijke weefsels actief op zoek gaan naar zogenoemde microplastics en nanoplastics. Microplastics zijn plastic fragmenten die kleiner zijn dan 5 millimeter. Nanoplastics zijn met een diameter van minder dan 0,05 millimeter nog veel kleiner. Het onderzoeksteam ontwikkelde een vernuftige methode om deze kleine plastic deeltjes in het menselijk bloed op te sporen. De methode werd toegepast op het bloed van 22 anonieme donoren. Vervolgens werd dit bloed onderzocht op de aanwezigheid van vijf verschillende polymeren – de bouwstenen van plastic. Ook werd van de afzonderlijke polymeren bepaald in welke mate ze aanwezig waren.

Plastic in het bloed
De bevindingen zijn tamelijk verontrustend. Want driekwart van de proefpersonen bleek plastics in het bloed te hebben. Het is het eerste bewijs dat plastic deeltjes daadwerkelijk bij mensen in de bloedsomloop terecht kunnen komen. Eerdere aanwijzingen hiervoor kwamen uit experimenten in een laboratorium. Het huidige onderzoek laat zien dat mensen in hun gewone dagelijkse leven microplastics vanuit hun omgeving opnemen en dat de hoeveelheden meetbaar zijn in hun bloed.

Concentraties
Hoeveel plastic er werd gedetecteerd? De totale concentratie plastic deeltjes bedroeg gemiddeld 1,6 µg/ml. Voor je beeldvorming, dat is te vergelijken met één theelepel plastic in 1.000 liter water (tien grote badkuipen).

Polyethyleentereftalaat (PET), polyethyleen en styreenpolymeren waren de meest aangetroffen soorten plastic in de bloedmonsters, gevolgd door poly(methylmethylacrylaat). PET is een kunststof dat onder andere wordt gebruikt voor petflessen en andere verpakkingen van voedingsmiddelen en voor keukengerei. Polyethyleen wordt gebruikt voor plastic flesjes, plastic zakjes en verpakkingsfilm. Styreenpolymeren worden in kleine hoeveelheden aan parfums toegevoegd en poly(methylmethylacrylaat) wordt, naast als vervanging van glas, ook gebruikt in de tandheelkunde. In de studie werd ook polypropyleen geanalyseerd, maar alle concentraties waren te laag om nauwkeurig te kunnen worden gemeten.

Hoe komen ze in ons lichaam?
Volgens de onderzoekers zou het goed kunnen dat de plastic deeltjes via ‘slijmvliescontact’ – dus via inname of inademing – in ons lichaam terechtkomen. Zo kunnen in de lucht zwevende deeltjes van tussen de 1 nm en 20 µm gemakkelijk ingeademd worden. Tegelijkertijd kunnen microplastics ook in ons voedsel of water zitten en op die manier worden ingenomen. Maar vergeet ook persoonlijke verzorgingsproducten niet; waaronder tandpasta en lipgloss.

Schadelijk?
Een prangende vraag is nu in hoeverre we ons zorgen moeten maken; kan het kwaad? Hoe gemakkelijk kunnen plastic deeltjes vanuit de bloedbaan in weefsels terechtkomen, bijvoorbeeld in organen zoals de hersenen? “Het is wetenschappelijk aannemelijk dat plastic deeltjes via de bloedbaan naar organen kunnen worden getransporteerd,” zo schrijven de onderzoekers in hun studie. “Het is aangetoond dat de menselijke placenta doorlaatbaar is voor polystyreenkorrels van 50, 80 en 240 nm. Hoe lang plastic deeltjes precies in de bloedbaan blijven zitten, is op dit moment onbekend, evenals het lot van deze deeltjes in het menselijk lichaam.” Daarnaast is in laboratoria aangetoond dat kleine plastic deeltjes onder experimentele omstandigheden ontstekingen en celbeschadiging veroorzaken, zo vertelt wetenschapper Alice Horton, niet verbonden aan de studie. “Het nieuwe onderzoek draagt bij aan het bewijs dat plastic deeltjes niet alleen de hele omgeving zijn doorgedrongen, maar ook ons lichaam.”

Het kan overal zijn
Hoewel de langetermijngevolgen nog niet bekend zijn, onderstreept wetenschapper Fay Couceiro, verbonden aan de University of Portsmouth, dat het vermogen om de aanwezigheid te detecteren van cruciaal belang is. “Het laat zien dat meer onderzoek op dit gebied nodig is,” zegt hij. ” Bloed verbindt immers alle organen van ons lichaam. En als daar plastic in zit, kan het overal in ons zijn.”

Volgens de onderzoekers is de studie een belangrijke opmaat naar meer. “Deze dataset is de eerste in zijn soort en moet worden uitgebreid om inzicht te krijgen in hoe wijdverspreid plasticvervuiling is in het lichaam van mensen en hoe schadelijk dat kan zijn,” zegt onderzoeker Marja Lamoree. “Met dat inzicht kunnen we bepalen of blootstelling aan plastic deeltjes al dan niet een risico voor de volksgezondheid vormt.”