Metrostations in Beijing hebben allemaal een andere schimmelcollectie

De metro brengt niet alleen mensen samen, maar ook microben. Een internationaal onderzoeksteam analyseerde een jaar lang de lucht in 15 metrostations in Beijing en trof een opvallend diverse schimmelgemeenschap aan: ruim 270 verschillende soorten. De samenstelling verandert met de seizoenen én verschilt per stationstype.

De studie, verschenen in Microbiology Spectrum, verlegt de eerdere focus van uitsluitend bacteriën naar een bredere kijk op het “metro-microbioom”. Volgens hoofdonderzoeker Jun-min Liang is dat nodig om ventilatie en monitoring beter af te stemmen op wat er daadwerkelijk in de ondergrondse lucht hangt.

Metronetwerk

Een jaar lang, van oktober 2021 tot en met september 2022, verzamelde haar team elke maand luchtdeeltjes op filters in 15 stations afkomstig van het uitgestrekte metronetwerk van Beijing. Na bemonstering werden de oppervlakken met ethanol gesteriliseerd zodat de volgende ronde schoon kon beginnen. De stationselectie omvatte grote overstaphubs (waar lijnen kruisen), voorstadstations in buitenwijken en stations die aansluiten op spoor en luchthaven. Uit de DNA-analyse van het verzamelde materiaal konden de onderzoekers opmaken welke schimmelgroepen aanwezig waren en hoe die varieerden aan de hand van tijd en plaats.

Wat opvalt: de stations lijken een vrij stabiele “kern” van schimmelsoorten te hebben die in de meeste monsters terugkomt. Daar omheen wisselt de aanwezigheid van verschillende soorten sterk op basis van het seizoen en de locatie. In de zomer was de totale diversiteit lager dan in de andere jaargetijden. Op genusniveau waren Fusarium en Alternaria dominant in lente en zomer, terwijl Aspergillus, Chaetomium, Cladosporium en Meyerozyma de boventoon voerden in herfst en winter. “De lucht die circuleert in ondergrondse omgevingen bevat een voorspelbare, maar seizoensdynamische gemeenschap van schimmels,” zegt Liang. “Ventilatie- en fijnstofmaatregelen zouden daarom expliciet ook schimmels moeten meenemen, niet alleen bacteriën of chemische verontreinigingen.”

Uitbreiding

De onderzoekers benadrukken dat metrostudies tot nu toe vooral naar bacteriën keken, onder meer in Hongkong, New York en Boston. Met deze studie breiden zij dat perspectief uit. Liang: “We stappen over van een bacterie-centrische benadering naar een meer omvattend ‘twee-koninkrijken’-manier van kijken wat betreft de micro-ecologie van het openbaar vervoer.” Dat bredere kader kan publieke gezondheidsinitiatieven versterken, bijvoorbeeld door betere detectie van gevaarlijke pathogenen die in de lucht circuleren. Schimmels zijn in het bijzonder relevant, omdat hun sporen zich gemakkelijk via luchtstromen laten verspreiden.

De setting – een grotendeels afgesloten, door mensen gemaakte omgeving – maakt de metro tot een interessant ‘natuurlijk experiment’ voor ecologen. Liang verwoordt het zo: “Metrostations vormen een uniek extreem; het zijn vrijwel afgesloten, door mensen gecreëerde biomen van staal en beton.” Het team koppelde deze inzichten aan eerdere eigen studies naar schimmeldiversiteit in landbouwsystemen waar granen, bodems en zaden ook veel met micro-organismen te maken hebben. Door zulke tegenstellende omgevingen te vergelijken is te testen of bepaalde ecologische patronen (zoals seizoensschommelingen) vaker voorkomen.

Nieuw beleid

Dat de schimmelgemeenschappen seizoensmatig verschuiven én per stationstype variëren biedt volgens de onderzoekers concrete aangrijpingspunten voor beleid. Overstaphubs, voorstadstations en knooppunten bij spoor en luchthaven kennen andere passagiersstromen, ventilatiepatronen en omgevingsinvloeden; een gericht ventilatie- en filterbeheer kan daarop worden afgestemd. Liang vat de ambitie samen: “Als we deze patronen beter begrijpen kunnen we de stap zetten van beschrijvende karakterisering naar voorspellend beheer van verschillende biomen.”

De volgende stappen zijn al in zicht. Het team wil nagaan welke genen voor een hogere overdraagbaarheid zorgen, stations screenen op antischimmelresistentie en uitzoeken welke schimmels vooral tijdens spitsuren actief zijn. Ook staat een vergelijking met andere steden op de agenda, waaronder Shanghai en Guangzhou, om te zien of dezelfde patronen daar terugkeren. Zulke vergelijkingen kunnen helpen om algemene regels op te stellen voor het beheren van schimmels in drukbezochte ondergrondse omgevingen – en om gezondheid en luchtkwaliteit beter te beschermen, juist op de plekken waar dagelijks miljoenen mensen samenkomen.

Luister ook naar de Scientias Podcast:

Bronmateriaal

"Publicatie in Microbiology Spectrum" - American Society for Microbiology
Afbeelding bovenaan dit artikel: "Vincent Tan"

Fout gevonden?

Interessant voor jou

Voor jou geselecteerd