Een groot succes, want nog nooit zijn er zoveel van dergelijke mysterieuze galactische nomaden tegelijkertijd opgespoord.

Onder eenzame planeten verstaan we solitaire, dolende exemplaren die niet rond een moederster cirkelen; ze zwerven vrij rond. Tot nu toe waren er echter weinig van dergelijke vreemde planeten bekend. Maar daar heeft een team van astronomen verandering in gebracht. Met behulp van verschillende telescopen hebben ze maar liefs 70 nieuwe, eenzame planeten in ons Melkwegstelsel ontdekt. “We wisten niet hoeveel we er konden verwachten, maar zijn blij dat we er zoveel hebben gevonden,” aldus onderzoeksleider Núria Miret-Roig.

Meer over eenzame planeten
Zoals gezegd is een eenzame planeet of ‘weesplaneet’ een object met de massa van een planeet die niet door de zwaartekracht gebonden is aan een ster. Hoewel we er tot op heden nog niet zo veel hebben gevonden, vermoeden astronomen dat ze in groten getale voorkomen. Uit eerdere schattingen is gebleken dat ons eigen melkwegstelsel minstens zoveel eenzame planeten ter grootte van Jupiter herbergt als de hoeveelheid sterren. Voor je beeldvorming, alleen al in de Melkweg komen er meer dan 100 miljard sterren voor…

De onderzoekers troffen de 70 eenzame planeten aan in een nabij stervormingsgebied in de sterrenbeelden Schorpioen en Slangendrager. De planeten hebben allemaal een massa die vergelijkbaar is met die van planeet Jupiter uit ons eigen zonnestelsel.

Succes
Dat er nu 70 nieuwe weesplaneten zijn opgespoord, is een groot succes; nog nooit zijn er zoveel van dergelijke mysterieuze galactische nomaden tegelijkertijd opgespoord. En dat is ook niet zo gek. Eenzame planeten zijn namelijk moeilijk vindbare kosmische objecten. Omdat ze geen ster in hun omgeving hebben, is hun aanwezigheid lastig te achterhalen.

Hoe?
Maar daar hebben de astronomen iets op bedacht. Miret-Roig en haar team maakten namelijk gebruik van het feit dat eenzame planeten de eerste paar miljoen jaar na hun geboorte ‘nagloeien’. Hierdoor zijn ze rechtstreeks waarneembaar met de gevoelige (infrarood)camera’s van grote telescopen.

Deze foto toont de locaties van 115 potentiële solitaire planeten (rood omcirkeld) die recent zijn opgespoord in een stervormingsgebied in de sterrenbeelden Schorpioen en Slangendrager. Afbeelding: ESO/N. Risinger (skysurvey.org)

Bij de opsporing van de solitaire planeten heeft het team gegevens gebruikt die verspreid over een periode van ongeveer twintig jaar met een aantal telescopen op de grond en in de ruimte zijn verzameld. “We hebben de kleine bewegingen, de kleuren en de lichtkracht gemeten van tientallen miljoenen bronnen in een groot gebied aan de hemel,” legt Miret-Roig uit. “Deze metingen stelden ons in staat om de zwakste objecten in dit gebied, de solitaire planeten, met zekerheid te identificeren.”

De onderzoekers maakten onder andere gebruik van waarnemingen van ESO’s Very Large Telescope, Visible and Infrared Survey Telescope for Astronomy (VISTA) en VLT Survey Telescope (VST). “We hebben tienduizenden opnamen van ESO-faciliteiten gebruikt, die overeenkomen met honderden uren aan waarnemingen en letterlijk tientallen terabytes aan gegevens,” vertelt onderzoeker Hervé Bouy.

Oorsprong
Met de vondst van 70 nieuwe weesplaneten hebben astronomen weer een belangrijke stap gezet om de oorsprong en eigenschappen van deze mysterieuze galactische nomaden te begrijpen. Want door ze aan een grondige inspectie te onderwerpen, kunnen astronomen wellicht aanwijzingen vinden over hoe deze mysterieuze objecten het levenslicht zien; iets dat nog altijd in nevelen gehuld is. Sommige wetenschappers vermoeden dat solitaire planeten ontstaan door het samentrekken van een gaswolk die te klein is om tot de vorming van een ster te leiden. Een andere mogelijkheid is dat ze vanuit planetenstelsels weggeslingerd zijn. Maar welk mechanisme waarschijnlijker is, blijft onduidelijk.

Onderzoek naar nomadische planeten gaat dan ook door. En mogelijk wachten er nog veel meer van deze ongrijpbare, sterloze planeten op ontdekking. “Er kunnen nog miljarden van deze solitaire reuzenplaneten in ons Melkwegstelsel rondzwerven,” aldus Bouy. Voor een gedetailleerde analyse van deze planeten zijn astronomen echter afhankelijk van verdere technologische ontwikkelingen. De nog in aanbouw zijne Extreme Large Telescope zal naar verwachting een belangrijke bijdrage gaan leveren. “De objecten zijn extreem zwak,” vertelt Bouy. “Met de bestaande faciliteiten kunnen ze nauwelijks worden bestudeerd. De ELT zal van cruciaal belang zijn om meer informatie te verzamelen over de meeste solitaire planeten die we hebben opgespoord.”